De OCMW-raad vergadert regelmatig en in vereist getal, ingevolge de bijeenroeping door het college van burgemeester en schepenen.
De voorzitter opent de zitting op 26/02/2026 om 21:27.
De OCMW-raad, in zitting van 26/02/2026.
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 77 betreffende de bevoegdheden van de OCMW-raad.
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht
- De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
- Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51
Enig artikel: de notulen en het zittingsverslag van de vergadering van de OCMW-raad van 29/01/2026 goed te keuren.
De OCMW-raad in zitting van 26/02/2026.
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 77 betreffende de bevoegdheden van de OCMW-raad.
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht
- De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
- Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51
Enig artikel: de OCMW-raad neemt kennis van: nihil
De raad voor maatschappelijk welzijn keurde op 29 juni 2023 de huidige deontologische code goed.
De samenstelling van de deontologische commissie van de gemeenteraad kan gelijkaardig of identiek zijn aan de samenstelling van de deontologische commissie van de raad voor maatschappelijk welzijn. Toch gaat het om 2 afzonderlijke commissies.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurde op 29 juni 2023 de huidige deontologische code goed. In artikel 35 van deze deontologische code staat:
"De gemeenteraad richt een deontologische commissie op. De leden ontvangen geen presentiegeld. De deontologische commissie wordt samengesteld conform de regels voor de samenstelling van de gemeenteraadscommissies. Onafhankelijke raadsleden vormen geen fractie en zijn niet vertegenwoordigd in de deontologische commissie. Elke fractie wijst het mandaat in de commissie toe met een voordracht gericht aan de voorzitter van de gemeenteraad. Indien de raadsvoorzitter voordrachten ontvangt voor meer fractieleden als mandaten voor deze fractie, dan beslist de raad. Bij deze voordracht kunnen ook één of meer plaatsvervangers aangeduid worden die in opgesomde volgorde het commissielid vervangen bij afwezigheid of wanneer het commissielid betrokken partij is. Een plaatsvervanger is een raadslid voorgedragen door dezelfde fractie, tenzij de fractie maar één lid telt. In dat geval kan ook een raadslid van een andere fractie voorgesteld worden."
Volgende voordrachten kwamen binnen:
- decreet lokaal bestuur, artikel 39
- beslissing van de raad voor maatschappelijk welzijn van 29 juni 2023 met betrekking tot de nieuwe deontologische code naar aanleiding van de oprichting van een deontologische commissie
De VVSG adviseert dat de gemeentelijke deontologische commissie en die van het OCMW samengesteld zijn uit dezelfde mensen en gelijkaardige bevoegdheden en werkingsregels hebben.
Deontologische code
Art. 1 : de gemeenteraad keurt de deontologische code goed
Art. 2 : de gemeenteraad neemt kennis van de samenstelling van de deontologische commissie :
In toepassing van artikel 303 van het Decreet lokaal bestuur organiseren alle Vlaamse lokale besturen een eigen systeem van (eerstelijns)klachtenbehandeling. Indien de klachtindiener echter niet akkoord is met de beslissing van de eerstelijnsklachtenbehandeling moet de klachtindiener beroep kunnen doen op een ombudsdienst (in eigen beheer, in het kader van een intergemeentelijke samenwerking of via een overeenkomst met de Vlaamse Ombudsdienst).
Hoewel er in het verleden steeds werd doorverwezen naar de Vlaamse Ombudsdienst bij een antwoord op een klacht werd er tot in 2024 nooit een overeenkomst opgemaakt, waardoor deze verwijzing dus niet correct was.
De gemeenteraad van februari 2024 keurde een eerste samenwerkingsovereenkomst goed, waarvan de kost 5 eurocent per inwoner per jaar bedroeg. In 2025 kwam dit neer op €983.
Met schrijven van 18.12.2025, toegekomen op 23.12.2025, laat de Vlaamse Ombudsdienst weten dat de jaarlijkse bijdrage vanaf 01.07.2026 wordt aangepast, waardoor de lopende overeenkomst van onbepaalde duur moet worden opgezegd. Het nieuwe tarief bedraagt 10 eurocent in plaats van 5 eurocent per inwoner per jaar.
Zij leggen dan ook een nieuwe samenwerkingsovereenkomst voor ter goedkeuring en verwachten deze in de loop van de maand februari 2026 terug.
Dit punt werd geagendeerd aan de raad voor maatschappelijk welzijn van 29.01.2026 maar werd verdaagd op verzoek van de voorzitter omdat haar naam niet werd vermeld op de door de Vlaamse Ombudsdienst opgemaakte ontwerpovereenkomst die in de bijlage zat. Een versie van de samenwerkingsovereenkomst met toevoeging van de naam van de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn werd toegevoegd.
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 77 betreffende de bevoegdheden van de OCMW-raad.
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht
- De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
- Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51
- samenwerkingsovereenkomst met de Vlaamse Ombudsdienst zoals goedgekeurd in 2024
- brief Vlaamse Ombudsdienst d.d. 18.12.2025 inclusief nieuw voorstel van samenwerkingsovereenkomst
- samenwerkingsovereenkomst met toevoeging van de naam van de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn
Enig artikel: de OCMW-raad keurt de nieuwe samenwerkingsovereenkomst met de Vlaamse Ombudsdienst goed.
Een lokaal bestuur speelt een cruciale rol in het leven van zijn inwoners. Het streven naar een kwaliteitsvolle, toegankelijke en efficiënte dienstverlening staat dan ook centraal in onze werking. Toch kan het gebeuren dat burgers ongenoegen ervaren met bepaalde aspecten van de dienstverlening. Om hier op een correcte en constructieve manier mee om te gaan, is een goed werkend klachtenmanagementsysteem onmisbaar.
De klachtenbehandeling binnen het lokaal bestuur is verankerd in het Decreet Lokaal Bestuur artikel 303. Het decreet verplicht lokale besturen om een laagdrempelig en onafhankelijk klachtenbehandelingssysteem te organiseren en hierover jaarlijks te rapporteren aan de Gemeenteraad en de Raad Maatschappelijk Welzijn. Het verslag gaat als bijlage.
In de samenwerkingsovereenkomst met de Vlaamse Ombudsdienst werd afgesproken het verslag voor 10 februari aan hen te bezorgen.
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 77 betreffende de bevoegdheden van de OCMW-raad.
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht
- De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
- Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51
Financiële weerslag van toepassing: NEEN
Visum (financieel advies) van toepassing: NEEN
Advies of inbreng vereist van andere diensten: NEEN
- Jaarverslag klachtenbehandeling 2025
Enig artikel: de OCMW-raad neemt kennis van het jaarverslag klachtenbehandeling 2025.
De voorzitter sluit de zitting op 26/02/2026 om 21:30.
Aldus gedaan in zitting datum voormeld.
Goedgekeurd door de gemeenteraad.
Namens OCMW-raad,
Lize Van Dijck
algemeen directeur
Anita Ceulemans
voorzitter