De voorzitter opent de zitting op 14/12/2021 om 20:15.
Aanwezigen:
Heidi Verhoeven, Hans Verreyt, raadsleden
Tom Dewandelaere, schepen
Toelichtingen
Sven Cools, schepen
Sally Scheerens, diensthoofd Ruimtelijke Ordening en Stadsontwikkeling
Voorzitter De Keninck opent de zitting en heet alle aanwezigen welkom. Voorzitter De Keninck benoemt alle leden die ofwel fysiek ofwel digitaal aanwezig zijn en overloopt de agendapunten.
In maart - april 2020 werd een energiezorgplan opgemaakt door Fluvius voor de gemeentegebouwen. Hierin werd er ook een berekening gemaakt voor de kostprijs van het installeren van zonnepanelen op verschillende gebouwen.
Het gemeentebestuur onderzoekt de mogelijkheid om zonnepanelen te installeren op enkele gebouwen en dit met burgerparticipatie.
Er werd een voorstel gevraagd voor volgende gebouwen: Brandpunt, Den Beuk, gemeentehuis, Beukennootje, gemeentemagazijnen + brandweerkazerne.
Er werd een voorstel ingediend door Ingean + Enbro. Dit werd toegelicht op 16 april 2021.
Er werd een voorstel ingediend door Ecopower die voor het VEB werken. Dit voorstel werd toegelicht op 1 juli 2021.
Beide voorstellen zijn toegelicht aan de commissie op 21 september. Op basis van deze toelichtingen en vragen die nog zijn gesteld werd een vergelijkende tabel opgemaakt.
De vergelijkende tabel wordt overlopen tijdens de commissie.
Deze vergelijkende tabel is ook al besproken op het college. Het college heeft een voorkeur voor Ecopower.
Het is de bedoeling om in de gemeenteraad van januari 2022 een aanbieder te kiezen.
Bij Enbro is er steeds de vraag of die participatie wel van grond komt
Bij Enbro is er een inzet van 100 euro mogelijk en een rendementsgarantie van 4% , bij Ecopower een in inzet van 250,- euro en geen rendementsgarantie
De uitrol gebeurt via Igean als er gekozen wordt voor Enbro. Ecopower doet dit via haar eigen kanalen.
De raad is tevreden met het geleverde werk.
De beslissing wordt genomen in de gemeenteraad van januari 2022.
De winnaar is alvast het klimaat. We gaan voor groene energie en burgerparticipatie.
De werkteksten in functie van het opstellen van het erfgoedbeheersplan Noeveren werden in bijlage toegevoegd. Deze teksten vormen nog geen definitieve inhoud voor het erfgoedbeheersplan en dienen opgevat te worden als werkteksten. Deze werkteksten dienen ook nog ter goedkeuring worden voorgelegd aan het agentschap Onroerend Erfgoed. Alvorens ontwerpteksten aan het agentschap Onroerend Erfgoed over te maken, wordt feedback over de werkteksten gevraagd aan de gemeenteraadsleden zodat eventuele aandachtpunten, suggesties, .... kunnen worden meegenomen bij de opmaak van de ontwerpteksten die zullen worden voorgelegd aan het agentschap Onroerend Erfgoed.
Deze werkteksten zijn ook nog niet volledig gefinaliseerd omdat er momenteel nog gesprekken lopende zijn over bepaalde sites en bepaalde cases. De werkteksten zullen dan ook nog wijzigen naarmate deze gesprekken en cases vorderen.
Erfgoedbeheersplan beschermd dorpsgezicht Noeveren
Inleiding
Voorzitter De Keninck leidt het agendapunt in door mee te delen dat de visie, doelstellingen en maatregelen van het erfgoedbeheersplan Noeveren verder werden geconcretiseerd. Deze commissie kan bijgevolg op politiek vlak als een vorm van participatie worden beschouwd.
Voorzitter De Keninck geeft het woord aan schepen Tom Dewandelaere.
Schepen Dewandelaere stelt dat de algemene principes en uitgangspunten reeds werden geduid op het infomoment van 16 september 2021 aan de bewoners binnen het beschermde dorpsgezicht Noeveren en op de gemeenteraadscommissie van 21 september 2021. Deze algemene krijtlijnen werden verder uitgewerkt tot werkteksten die vandaag worden voorgelegd aan de commissieleden met het oog op verdere input, feedback en suggesties.
Wegens de huidige COVID-19 maatregelen was het helaas niet mogelijk om deze werkteksten voor te leggen op de wijkraad en aan de bewoners binnen het beschermde dorpsgezicht van Noeveren. Er wordt momenteel bekeken wat de mogelijkheden zijn om alsnog in januari 2022 deze werkteksten alsnog aan de integrale wijk voor te leggen.
Het was aanvankelijk de ambitie om een preadvies van het agentschap Onroerend Erfgoed te mogen ontvangen over deze ontwerpteksten alvorens deze op de gemeenteraadscommissie van vandaag voor te leggen. Zo kon er het definitieve ontwerp van erfgoedbeheersplan op de Gemeenteraad van januari 2022 worden voorgelegd. Echter, is het agentschap Onroerend Erfgoed overbevraagd en zal een preadvies pas kunnen worden aangeleverd op 1 februari 2022. Er wordt getracht om – indien mogelijk - het definitieve ontwerp van het erfgoedbeheersplan te agenderen op de GR van februari 2022. Dit geeft ons dan ook nog de ruimte en de mogelijkheid om in januari 2022 nog een info- en interactiemoment met de wijk Noeveren te kunnen organiseren.
Tijdens de presentatie van vandaag wordt stilgestaan bij de algemene context van het erfgoedbeheersplan en worden ook de visie, doelstellingen, maatregelen en evaluatie van het beheersplan grondig uiteengezet.
Scheerens Sally overloopt de inhoud van het ontwerp van erfgoedbeheersplan aan de hand van een powerpointpresentatie. Na elke doelstelling kunnen vragen worden gesteld.
Discussie
Gemeenteraadslid Verreyt heeft enkele algemene opmerkingen:
1) Het is een lijvig werk met veel herhalingen.
2) Er zijn nog vele onbekende factoren binnen het ontwerpdocument, in het bijzonder over de grotere sites waar in het verleden interesse was of nog is van projectontwikkelaars.
3) Er wordt voor de individuele eigenaars van de kleinschalige arbeiderswoningen sterk geconcretiseerd welke werkzaamheden wel en niet kunnen worden uitgevoerd. Er worden ook heel wat concrete restricties gesteld, terwijl er over de grotere sites en projecten een voorlopig beperkte inhoud wordt gegeven, of dat deze nog moeten worden aangevuld na overleg en afstemming met het agentschap Onroerend Erfgoed. Dit laatste geldt ook voor nieuwbouw.
Schepen Dewandelaere geeft aan dat de particuliere woningen een groot onderdeel binnen dit erfgoedbeheersplan vormen. Dit is niet vreemd aangezien binnen dit plan ook een aanzienlijke inventarisatie van de erfgoedwaarden- en elementen diende te worden opgesteld. Deze inventarisatie was nodig om enerzijds inzicht te krijgen op de werkzaamheden die in aanmerking kunnen komen voor een erfgoedpremie of voor een vrijstelling van toelating van het agentschap Onroerend Erfgoed. Ook was het belangrijk om aan te geven welke werkzaamheden aan woningen als dan niet kunnen worden uitgevoerd. Dit concrete kader ligt nu voor zodat samen met het agentschap Onroerend Erfgoed hiermee verder aan de slag kan worden gegaan.
Wat de grotere sites betreft, kunnen er nu nog geen concrete uitspraken worden gedaan omwille van de volgende redenen:
- Er dient eerst een grondige en gedetailleerde erfgoedstudie van de grootschalige sites te worden opgesteld alvorens er concretere uitspraken kunnen worden gedaan naar bijvoorbeeld invullingen toe. Dit is bijvoorbeeld het geval voor de site Lauwers.
- Er dient afstemming te gebeuren met het Agentschap Onroerend Erfgoed over de uit de erfgoedstudie vooropgestelde erfgoedelementen die behouden dienen te vullen en welke concrete herbestemmingen en nuttige invullingen mogelijk zijn. Een arbeiderswoning is dan ook een heel andere situatie dan een fabriekshal.
- Ook dient er voor bepaalde sites, waaronder ook voor de site Lauwers, een stap verder te worden gegaan door het bijkomend opstellen van een ruimtelijke uitvoeringsplan in functie van een bestemmingswijziging om een herbestemmingsproject in de toekomst mogelijk te maken. De algemene principes, krijtlijnen en randvoorwaarden van het erfgoedbeheersplan zullen bij een dergelijke RUP-procedure ook van toepassing zijn. Binnen deze RUP-procedure worden er vervolgens nog diepgaandere richtlijnen en maatregelen vastgelegd.
- Het erfgoedbeheersplan is een visiedocument en geen juridisch afdwingbaar document. In deze visie worden reeds een aantal duidelijke maatregelen vooropgesteld over wat kan en niet kan, zoals bijvoorbeeld het feit dat het concept van ‘wonen aan water’ en appartementen en meergezinswoningen niet mogelijk zijn. Zo kunnen de karakteristieken van de kleinschaligheid en de collectiviteit van het wonen, behouden blijven.
- Om eventuele creatieve invullingen - waar vandaag nog niet aan wordt gedacht - in de toekomst niet uit te sluiten, worden er geen al te ‘enge’ of concrete uitspraken gedaan. De algemene principes en krachtlijnen vormen de rode draad binnen het erfgoedbeheersplan en zullen dus ook op de grote sites toegepast.
Gemeenteraadslid Verreyt stelt dat er ook nog concrete richtlijnen ontbreken voor nieuwbouw, zoals bijvoorbeeld de vermelde nieuwbouw ter hoogte van de Blauwe Pan, waar slechts 4 regels worden aan gewijd. In vergelijking met de concrete maatregelen over de arbeiderswoningen lijkt het alsof er voor deze bestaande woningen heel wat restricties gelden terwijl bij nieuwbouw alles mogelijk zou zijn.
Schepen Dewandelaere argumenteert dat er reeds veel concrete richtlijnen zijn vastgelegd binnen het Beschermingsbesluit uit 1986. Deze richtlijnen worden ook al toegepast in de bindende adviezen van het agentschap Onroerend Erfgoed voor ruimtelijke vraagstukken en vergunningsaanvragen. De eigenaar die wenst te renoveren heeft dus nu al een duidelijk kader over welke werkzaamheden kan uitvoeren en op welke wijze. Wat van toepassing is voor renovatie binnen het beschermde dorpsgezicht, geldt ook in grote lijnen voor nieuwbouw, ook wat de materialisatie ervan betreft. Deze nuance zal ook binnen het erfgoedbeheersplan extra verduidelijkt worden.
Gemeenteraadslid Verreyt stelt dat zaken die vandaag de dag vergund zijn ook niet behouden zouden kunnen blijven. Er wordt nu geen duidelijkheid gegeven tussen ‘het beschrijvende’ binnen het erfgoedbeheersplan en ‘het beslissende’. Er wordt hiervoor verwezen naar de EMABB site waar bepaalde werkzaamheden zijn toegelaten die de particulier niet zou mogen uitvoeren, zoals het verhogen van muren en daken. Dit kan een gevoelig punt vormen voor de particuliere eigenaars.
Schepen Dewandelaere argumenteert dat EMABB een eigen erfgoedbeheersplan heeft dat dateert van 2017, en dit document weldra ook aan een eerste evaluatie zal worden onderworpen. Ook geeft het agentschap Onroerend Erfgoed vandaag een heel ander advies dan pakweg twee jaar geleden. Zo zullen zaken die bijvoorbeeld twee jaar geleden zijn vergund, vandaag niet meer kunnen worden vergund. Dit geldt ook voor EMABB. Het agentschap Onroerend Erfgoed stelt vandaag strengere richtlijnen en normen op binnen haar adviezen. Het is op basis van deze adviezen dat de concrete maatregelen binnen hoofdstuk 6 werden geformuleerd.
Het is wel niet de bedoeling om na de goedkeuring van het erfgoedbeheersplan ter plaatse te gaan en alle zaken vast te stellen die vanuit het verleden niet in overeenstemming zijn met het erfgoedbeheersplan. Het erfgoedbeheersplan vormt een basis voor de toekomst. Zoals reeds werd vermeld, zijn de concrete maatregelen noodzakelijk voor het verkrijgen van eventuele erfgoedpremies en andere financiële ondersteuningen voor de eigenaars.
Gemeenteraadslid Verreyt vraagt hoe de visie, doelstellingen en maatregelen kunnen worden bestendigd als het erfgoedbeheersplan geen juridisch afdwingbaar document vormt. Hij verwijst hiervoor naar de oriënteringsnota.
Schepen Dewandelaere argumenteert dat het Beschermingsbesluit en haar bijhorende toelichtingsnota of voorstel tot bescherming de basis is en blijft. Het voorstel tot bescherming geeft extra verduidelijking over het Beschermingsbesluit. Het erfgoedbeheersplan bouwt hierop verder en geeft een actuele en praktische verduidelijking bij het Beschermingsbesluit. De visie en doelstellingen zijn immers onder andere afgeleid van het Beschermingsbesluit. Daarnaast zal het erfgoedbeheersplan ook een objectief toetsingskader vormen bij aanvragen tot vergunningen waarop het agentschap Onroerend Erfgoed haar bindend advies zal steunen en motiveren. In dit opzicht is het erfgoedbeheersplan wel een afdwingbare beleidsvisie. De meest ideale situatie is het opstellen van een RUP voor gans Noeveren in functie van rechtszekerheid voor de eigenaars. Ondertussen is er wel al veel duidelijkheid dankzij het beschermingsbesluit wat betreft de individuele woningen. Voor de site Lauwers is een RUP wel belangrijk om rechtszekerheid te creëren. Dit aspect wordt nog verder afgestemd.
Gemeenteraadslid Verreyt stelt dat de wijkraad van 30 november werd afgelast en dat de participatie bijgevolg nog niet kon worden afgerond omdat deze ontwerpteksten nog niet werden voorgelegd aan de bewoners van Noeveren. Op het infomoment in september werden enkel de grote krachtlijnen weergegeven en konden bewoners enkel op kaarten bepaalde zaken aanduiden, zoals sloepkes en waar geparkeerd kon worden in de toekomst.
Schepen Dewandelaere argumenteert dat er tijdens het infomoment wel heel wat feedback is gekomen waarmee verder aan de slag werd gegaan. Ook de visienota van Gisèle Gantois is onder andere ook uit participatie ontstaan. Het is dit document dat ook de basis van de visie vormt. Ook luidt de ambitie om in januari 2022 nog terug te koppelen met de buurt. Ook kan niet alles het onderwerp van participatie zijn omdat heel wat zaken reeds zijn opgenomen binnen het Beschermingsbesluit, maar echter niet bij iedereen gekend zijn en daardoor als vergaande maatregel kan worden beschouwd.
Gemeenteraadslid Verreyt stelt dat de participatie met de wijk afgerond dient te zijn alvorens het Erfgoedbeheersplan kan worden geagendeerd op de Gemeenteraad. De inhoud van de grotere sites dient ook eerst aan de wijk te worden teruggekoppeld.
Schepen Dewandelaere argumenteert dat niet alle participatie zichtbaar of algemeen publiek bekend is geweest. Zo werden er voor alle binnengekomen ruimtelijke vraagstukken terreinbezoeken georganiseerd met de eigenaars, de gemeentelijke ambtenaar, het agentschap Onroerend Erfgoed en Gisèle Gantois uitgevoerd. Participatie hoeft niet altijd onder de vorm van brede publieke momenten te zijn.
Gemeenteraadslid Verreyt stelt dat de bestaande doorgangen/sloepkes binnen Noeveren heel beweeglijk zijn geweest doorheen de tijd. Het is niet omdat er bepaalde doorgangen zijn geweest, dat deze het statuut van voetwegen hebben. Er zijn belangrijke en minder belangrijke doorgangen. De tunnels kunnen zeker als belangrijk worden beschouwd. Minder belangrijke doorgangen zijn dan bijvoorbeeld sloepkes die zich slechts over enkele huizen uitstrekken. In dergelijke gevallen zou het eventueel goed zijn om de situatie van vandaag te behouden om eventuele problemen m.b.t. (moeilijke) eigendomskwesties tussen buren te vermijden. Het is daarom belangrijk om prioriteiten te stellen over welke doorgangen/sloepkes/tunnels terug kunnen worden opengesteld en deze allemaal niet op een gelijk niveau te behandelen. Doorgangen en tunnels openmaken omwille van historische redenen of gemeenschapseigendom kunnen een prioriteit zijn. Ook dient de eigendomssituatie duidelijk en correct te zijn.
Schepen Dewandelaere stelt hierbij dat de tekst in het erfgoedbeheersplan hierover eerder als een visie-instrument dient te worden beschouwd. Het opmaken van een prioriteitenlijst op basis van opportuniteiten is zeker een goede suggestie. Wat de tunnels betreft, zouden deze volgens de bronnen van het agentschap Onroerend Erfgoed wel geen private eigendom zijn.
Gemeenteraadslid Verreyt stelt dat het recht van eigendom belangrijk is en is bezorgd over het herstellen van historische splitsingen. Voor nieuwe splitsingen is dit geen probleem.
Scheerens Sally voegt hierbij aan dat het herstellen van splitsingen ook een vraag is van bewoners om terug een volwaardige tuin te hebben of om een nefast uitzicht weg te werken. Indien met de betrokken partijen hierover een consensus kan worden bereikt, kunnen dergelijke situaties hersteld worden.
Gemeenteraadslid Verreyt stelt dat het herstel van historische splitsingen niet mag worden afgedwongen tenzij alle partijen hiermee akkoord zijn.
Schepen Dewandelaere voegt hieraan toe dat dit in de ontwerptekst zal worden aangepast naar ‘een gewenste situatie waarvan wordt getracht om deze te faciliteren.
Gemeenteraadslid Verreyt stelt dat er over het insteekdok ‘Dok Braem’ meer moet worden nagedacht binnen de visie van het erfgoedbeheersplan. Dit kan een tweede belangrijke site zijn om een herbestemming via een RUP door te voeren zonder dat hier overlast zal zijn voor de buurt, rekening houdend met een eventuele sanering door OVAM. Het jaagpad loopt ook niet door ter hoogte van deze site, en is toch wel een belangrijk hiaat.
Schepen Dewandelaere stelt om dit verder te bekijken en dat ook voor ‘Dok Braem’ bouwen in functie van ‘wonen aan het water’ niet mogelijk zal zijn. De schepen verwijst opnieuw naar een erfgoedstudie die dient te gebeuren over hoe de site kan worden ingevuld.
Gemeenteraadslid Verreyt stelt om bijkomend kaartmateriaal toe te voegen zodat duidelijk wordt waar bepaalde ingrepen voor bouwen kunnen worden voorzien en waar groene ruimten en zichtassen dienen te worden gecreëerd. Dit is onder andere onduidelijk voor de mogelijke toekomstige bebouwing ter hoogte van de Blauwe Pan en Nielsestraat.
Gemeenteraadslid Verreyt vraagt hoe er rekening werd gehouden met parkeermogelijkheden binnen EMABB. De mobiliteit naar deze zaal zal een uitdaging vormen voor Noeveren. Hoe is deze situatie opgenomen binnen de recente vergunning van EMABB?
Schepen Dewandelaere argumenteert dat de parkings bij Scherpenhoek in aanmerking komen voor het geclusterd parkeren. Gemeenteraadslid Verreyt stelt hierbij dat dit vandaag niet mogelijk is aangezien de parkings overdag worden gebruikt voor de KMO- functie. Schepen Dewandelaere argumenteert dat de site Lauwers ook mogelijkheden biedt om het parkeren mee op te vangen en binnen een RUP te bestendigen. Gemeenteraadslid Verreyt stelt dat de site groot is, en zelfs loopt tot aan het water. Het zal dan ook geen visuele meerwaarde zijn om ter hoogte van de betonnen verharding of achter gebouwen parkings te voorzien. Schepen Dewandelaere stelt hierbij dat er binnen de site Lauwers en aan de randen van Noeveren naar parkeeroplossingen onder de vorm van parkeerclusters moet worden gezocht, en dit zowel voor bezoekers als voor bewoners.
Gemeenteraadslid De Keninck stelt dat in de vergunning van EMABB toch wel een vrijgeleide is gegeven wat parkeren betreft. Schepen Dewandelaere verwijst opnieuw naar het feit dat vergunningen die in het verleden werden toegekend, nu niet meer zouden worden vergund. Nu zal er ook rekening worden gehouden met het mobiliteitsaspect.
Gemeenteraadslid Verreyt vraagt wat collectief wonen betekent aangezien dit een vaag begrip is en waar dergelijke projecten kunnen worden ingeplant, gelet op de ontsluiting ervan.
Schepen Dewandelaere stelt dat de locatie van dergelijke projecten deel zal uitmaken van de RUP –procedure aangezien ook bekeken dient te worden hoe de ontsluiting het meest optimaal kan gebeuren. Hierover kunnen vandaag nog geen concrete uitspraken worden gedaan aangezien er eerst dient te worden gekeken hoe de bestaande gebouwen kunnen worden ingevuld; nadien wordt er pas gesproken over eventuele nieuwbouw. Het erfgoed mag zeker niet vergeten worden. Schepen Dewandelaere stelt hierbij dat collectief wonen als co-housing dient te worden opgevat met collectieve (binnen)straten en tuinen. Binnen de visie wordt immers ook al verduidelijkt dat stapelwonen en appartementen niet mogelijk zijn. De kleinschaligheid blijft primeren.
Gemeenteraadslid Verreyt vraagt om ook kaartmateriaal ter verduidelijking toe te voegen voor alle zones waar over bijkomende bebouwing wordt gesproken. Scheerens Sally stelt dat de kaart – die ook tijdens het infomoment werd gebruikt - ook opgenomen wordt binnen het erfgoedbeheersplan.
Gemeenteraadslid Eddy Van der Taelen deelt mee dat de activiteiten op de scheepswerf ‘Yachting Spirit’ zouden zijn gestopt en dat de site zou worden verkocht. Het zou eventueel een opportuniteit zijn dat deze site niet in handen van een projectontwikkelaar valt en dat de gemeente hier een nuttige invulling kan aan geven.
Schepen Dewandelaere stelt dat de stopzetting van de activiteiten een hardnekkig gerucht is. Er zijn nog altijd watergebonden activiteiten aan de gang. Binnen het beheersplan zijn er ook maatregelen opgenomen om op de site beperkte complementaire activiteiten, andere dan wonen, te voorzien. Het verhaal van wonen werd immers al tot een minimum beperkt. De watergebonden activiteiten dienen als hoofdfunctie te blijven. Deze complementaire activiteiten dienen wel beperkt te blijven, zeker omwille van de mobiliteit.
Gemeenteraadslid Verreyt heeft nog drie slotopmerkingen:
- Er dient nog kaartmateriaal toegevoegd te worden om de vooropgestelde locaties voor bebouwing/nieuwbouw te illustreren en te verduidelijken.
- Wat betreft het openbaar domein, dient er een plan van aanpak te worden opgesteld voor het onderhoud van het openbaar domein en het collectief domein/ gemeenschappelijk gebruik. Het is nu niet duidelijk wie wat doet.
- De inhoud over de sites en zones waar in het verleden projectontwikkelaars interesse in toonden, dient te worden aangevuld met de resultaten van de overlegmomenten en onderhandelingen. Deze sites vormen gevoelige punten voor heel wat inwoners.
- Kopieën ontvangen van het beheersplan EMABB, het beschermingsvoorstel uit 1986 en de powerpointpresentatie.
Schepen Dewandelaere doet nog een warme oproep om nog bijkomende input, feedback, … te geven over de inhoud van de teksten zodat deze nog verder kunnen worden geoptimaliseerd. Er wordt dan ook getracht om de aangepaste teksten voor te leggen op de commissie van februari 2022, al zou de datum van de commissie hiervoor wel moeten worden verschoven.
Voorzitter De Keninck dank alle aanwezigen voor de debatten.
De voorzitter sluit de zitting op 14/12/2021 om 23:00.
Namens Gemeenteraadscommissie ruimtelijke ordening en stadsontwikkeling, leefmilieu en duurzame ontwikkeling,
Heidi Nuyts
secretaris
Kris De Keninck
voorzitter