In februari 2024 werden er belangrijke wijzigingen doorgevoerd aan het Strafwetboek. Deze hebben ook een impact op de GAS-wetgeving en bijgevolg op deel C van de intergemeentelijke GAS-codex. Het nieuwe Strafwetboek is in werking getreden op 1 september 2026.
De wet van 13 mei 2026 houdende harmonisatie van diverse wetgevingen die onder Binnenlandse Zaken vallen met de boeken I en II van het Strafwetboek van 29 februari 2024 werd op 23 juni 2026 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Deze harmonisatiewetgeving is ook in werking getreden op 1 september 2026. Als gevolg hiervan moeten bepaalde artikelen in de politiecodex worden aangepast. Ook het bestaande protocolakkoord moet aangepast worden.
De aanpassingen werden een eerste keer goedgekeurd op het politiecollege van 30 juli 2026. Om alles volledig in overeenstemming te brengen met het nieuwe protocolakkoord, werd er nog een kleine wijziging doorgevoerd. Het geheel van deze aanpassingen werd vervolgens definitief goedgekeurd op het politiecollege van 14 september 2026.
Op 1 september is het nieuwe Strafwetboek in werking getreden. De invoering van het nieuwe Strafwetboek brengt ook wijzigingen met zich mee voor de GAS-wetgeving. Deze wijzigingen hebben een impact op deel C van de intergemeentelijke GAS-codex, meer bepaald op volgende punten:
1. De politiestraffen verdwijnen
Dit betekent dat gemeenten voor de handhaving van hun lokale politieverordeningen voortaan enkel nog kunnen kiezen voor GAS-sancties en niet meer voor politiestraffen. Daarom werd elke verwijzing naar politiestraffen geschrapt. Specifiek gaat het over volgende bepalingen die uit deel C werden geschrapt:
- Artikel 6.3.3, e), 2de lid:
De door deze verordeningen bepaalde misdrijven worden in voorkomend geval niet langer bestraft met politiestraffen, maar met de voorziene gemeentelijke administratieve sancties.
- Artikel 6.3.4:
Tenzij de wet andere strafbepalingen voorziet en onverminderd de in vorige artikelen bepaalde bijkomende sancties, worden de overtredingen van dit reglement, waarop geen gemeentelijke administratieve sanctie wordt gesteld, gestraft met politiestraffen, behalve voor de parkeerinbreuken vermeld in art. 6.3.3, b) en c).
2. Depenalisering van nachtlawaai en lichte feitelijkheden
Nachtlawaai en lichte feitelijkheden zijn sinds 1 september 2026 niet meer strafbaar. Om deze inbreuken via gemeentelijke administratieve sancties te kunnen bestraffen, moeten deze worden opgenomen in deel A van de GAS-codex. Ze moeten dus ook als gemengde inbreuk worden geschrapt uit deel C van de GAS-codex.
Deze aanpassingen werden reeds doorgevoerd na goedkeuring op het politiecollege van 2 april 2026.
3. De gemengde inbreuken worden aangepast aan de bepalingen uit het nieuwe Strafwetboek
Volgende artikelen uit het (oude) Strafwetboek worden geschrapt onder artikel 6.3.3, a) van deel C van de GAS-codex: artikelen 526, 534bis, 534ter , 537 , 545 , 559,1° , 561,1° , 563,2° , 563,3° , 563bis , 398, 1° , 521, 3°.
De artikelen die vanaf 1 september 2026 in de plaats komen, verschillen op volgende punten van de gemengde inbreuken die voorheen waren opgenomen in deel C van de GAS-codex:
- Vandalisme en graffiti komen onder eenzelfde, ruim omschreven (reeks) bepaling(en);
- Schrapping van nachtlawaai en lichte feitelijkheden (gedepenaliseerd);
- Toevoeging van een nieuw artikel rond zegelverbreking: artikel 39 van de wet van 15 januari 2024 betreffende de gemeentelijke bestuurlijke handhaving voegde een nieuw artikel 133ter toe aan de Nieuwe Gemeentewet. In de eerste paragraaf van dit artikel is de bestuurlijke verzegeling van een inrichting door de burgemeester opgenomen. Door de toevoeging van dit artikel onder artikel 6.3.3, a) van deel C van de GAS-codex wordt het mogelijk om de verbreking van een dergelijke verzegeling te bestraffen met een gemeentelijke administratieve sanctie.
Concreet worden de volgende artikelen uit het nieuwe Strafwetboek toegevoegd onder artikel 6.3.3, a) van deel C:
Art. 514 Strafwetboek: Definitie van vandalisme
Vandalisme is alle opzettelijk op enig goed dat aan een ander toebehoort gestelde gedraging die bestaat in het vernielen, het beschadigen, het onbruikbaar maken of het aanbrengen van graffiti zonder toestemming.
Art. 515 Strafwetboek: Vandalisme
Vandalisme wordt bestraft overeenkomstig de bepalingen van het strafwetboek (niveau 1) of met een gemeentelijke administratieve sanctie.
Art. 516 Strafwetboek: Vandalisme met ernstige schade tot gevolg
Vandalisme met ernstige schade tot gevolg wordt bestraft overeenkomstig de bepalingen van het strafwetboek (niveau 2) of met een gemeentelijke administratieve sanctie.
Art. 517 Strafwetboek: Vandalisme aan een goed met een bijzonder belang
Vandalisme aan een goed met een bijzonder belang is het vandalisme aan een gebouw, maatschappelijke infrastructuur, een vervoermiddel, één of meer bomen, een bos, een natuurgebied, een boomgaard of een akker.
Dit misdrijf wordt bestraft overeenkomstig de bepalingen van het strafwetboek (niveau 2) of met een gemeentelijke administratieve sanctie.
Indien het misdrijf ernstige schade tot gevolg heeft, wordt het bestraft overeenkomstig de bepalingen van het strafwetboek (niveau 3) of met een gemeentelijke administratieve sanctie.
Art. 423 Strafwetboek: Verbod van gezichtsbedekking in de publieke ruimte
Het verbod van gezichtsbedekking in de publieke ruimte is het zich opzettelijk, behoudens andersluidende wetsbepalingen, in de voor het publiek toegankelijke plaatsen begeven met het gezicht geheel of gedeeltelijk bedekt of verborgen, zodat men niet herkenbaar is.
Dit misdrijf wordt bestraft overeenkomstig de bepalingen van het strafwetboek (niveau 1) of met een gemeentelijke administratieve sanctie.
Art. 424 Strafwetboek: Rechtvaardigingsgrond
Er is geen misdrijf wanneer diegenen die zich op plaatsen die voor het publiek toegankelijk zijn begeven met hun gezicht geheel of gedeeltelijk bedekt of verborgen, zodanig dat ze niet kunnen worden geïdentificeerd, dit doen op grond van arbeidsreglementen of een politieverordening naar aanleiding van feestactiviteiten.
Art. 666 Strafwetboek: Zegelverbreking
Zegelverbreking is het opzettelijk verbreken van zegels die gelegd werden op bevel van het openbaar gezag. Dit misdrijf wordt bestraft overeenkomstig de bepalingen van het strafwetboek (niveau 2) of met een gemeentelijke administratieve sanctie.
4. Wijziging van het protocolakkoord GAS 2 & 3
Voor een vlotte toepassing van de nieuwe artikelen rond de gemengde inbreuken moet een nieuw protocolakkoord GAS 2 & 3 worden afgesloten met het parket.
IGEAN heeft in overleg met het parket een aangepast protocolakkoord opgemaakt.
Voor de gemeente wordt dit protocolakkoord:
- ondertekend door de burgemeester en de algemeen directeur, namens het college van burgemeester en schepenen;
- bekrachtigd door de gemeenteraad.
Geen
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht
- De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
- Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51
- De wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties
- De Nieuwe Gemeentewet van 24 juni 1988, art. 119, 119bis en 135, §2
- De wet van 29 februari 2024 tot invoering van boek I van het Strafwetboek
- De wet van 29 februari 2024 tot invoering van boek II van het Strafwetboek
- De wet van 13 mei 2026 houdende harmonisatie van diverse wetgevingen die onder Binnenlandse Zaken vallen met het Strafwetboek van 29 februari 2024
Bijlage 1: gewijzigd deel C van de intergemeentelijke politiecodex
Bijlage 2: aangepast protocolakkoord GAS 2 & GAS 3
Art. 1: De gemeenteraad keurt de aanpassingen aan deel C van de intergemeentelijke politiecodex goed.
Art. 2: Na goedkeuring door de gemeenteraad zullen de voorgestelde wijzingen worden doorgevoerd in de codex.
Art. 3: De gemeenteraad bekrachtigt het protocolakkoord dat werd afgesloten tussen de procureur des Konings en het college van burgemeester en schepenen.