In gemeenteraadszitting van 19 december 2013 werd het belastingreglement gemeentelijke opcentiemen gestemd voor een periode aanvang nemend op 01.01.2014 en eindigend op 31.12.2019.
Door het gewijzigde artikel 2.1.4.0.1 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit zal de basisheffing van de onroerende voorheffing in het Vlaams Gewest vanaf het aanslagjaar 2018 stijgen van 2,5% naar 3,97% van het kadastraal inkomen.
Het gewijzigde artikel 2.1.4.0.2, §2, eerste lid, van de Vlaamse Codex Fiscaliteit verplicht de gemeenten om hun gemeentelijke opcentiemen dientengevolge aan te passen:
“Voor iedere gemeente van het Vlaamse Gewest mag het tarief, vermeld in artikel 2.1.4.0.1, op zichzelf de opbrengst van de gemeentelijk opcentiemen van het aanslagjaar waarin dit artikel in werking treedt niet verhogen ten opzichte van het vorige aanslagjaar”.
om de fiscale druk op hetzelfde niveau te behouden als voor het aanslagjaar 2017 dient de gemeente haar opcentiemen ten opzichte van het aanslagjaar 2017 te delen door 1,588.
In gemeenteraadszitting van 21/12/2017 werd het bestaande reglement opgeheven op 31/12/2017 en een gewijzigd reglement gestemd met de opgelegde aanpassing van de opcentiemen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2018 en eindigend op 31/12/2019.
In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het bestaande reglement opgeheven op 31/12/2019 en een gewijzigd reglement gestemd met de opgelegde aanpassing van de opcentiemen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.
Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.
De gemeenteraad beslist om het belastingreglement gemeentelijke opcentiemen ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.
Financiële weerslag van toepassing: NEEN
Visum van toepassing: NEEN
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
- Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht
- De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
- Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51
- Artikel 170, §4, van de Grondwet
- Artikel 464, 1°, van het Wetboek Inkomstenbelastingen van 10 april 1992
- Decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit
- Decreet van 18 november 2016 houdende de vernieuwde taakstelling en gewijzigde financiering van de provincies
- Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit
Art.1: Een belastingreglement opcentiemen op de onroerende voorheffing te stemmen aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031, waarbij jaarlijks ten bate van de gemeente 976 opcentiemen op de onroerende voorheffing wordt geheven.
Art.2: De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door toedoen van de Vlaamse Belastingdienst.
Art.3: Indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek, zal bovenvermeld besluit als definitief worden beschouwd en aan de hogere overheid worden toegezonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.