Terug
Gepubliceerd op 16/01/2026

Notulen  Gemeenteraad

do 11/12/2025 - 20:00 Raadszaal

De gemeenteraad vergadert regelmatig en in vereist getal, ingevolge de bijeenroeping door het college van burgemeester en schepenen.

Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
Jeroen Baert, burgemeester
Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
Peter De Ridder, schepen
Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
Lize Van Dijck, algemeen directeur
Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden

De voorzitter opent de zitting op 11/12/2025 om 20:14.

  • Openbaar

    • Secretariaat

      • PUNT BIJ HOOGDRINGENDHEID - DIENST SECRETARIAAT - VLOTTER - GOEDKEURING VAN DE AGENDA EN VASTSTELLING VAN HET MANDAAT VAN DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING - STEMMING AANVAARDING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Feiten en context

        Gelet op artikel 23 van het decreet lokaal bestuur dat bepaalt dat een punt dat niet op de agenda voorkomt, niet in bespreking mag worden gebracht, behalve in spoedeisende gevallen. Tot spoedbehandeling kan alleen worden besloten door ten minste twee derde van de aanwezige leden. 

        Motivatie om dit punt bij hoogdringendheid toe te voegen: we ontvingen de uitnodiging voor deze vergadering pas op vrijdag 5 december 2025. Dit was te laat voor de agenda van de vergadering van de gemeenteraad op 11/12/2025. De vergadering van Vlotter vindt echter plaats voor de volgende vergadering van de gemeenteraad doorgaat. 

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Enig artikel : volgend punt te verwijzen naar de agenda van de gemeenteraad van 11 december 2025.

        PUNT BIJ HOOGDRINGENDHEID - DIENST SECRETARIAAT - VLOTTER - GOEDKEURING VAN DE AGENDA EN VASTSTELLING VAN HET MANDAAT VAN DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING.

      • PUNT BIJ HOOGDRINGENDHEID - DIENST GRONDGEBIEDSZAKEN - OPENBARE WERKEN - RENOVATIE KAPEL FASE I - BEEINDIGING OVEREENKOMST- STEMMING AANVAARDING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Feiten en context

        Gelet op artikel 23 van het decreet lokaal bestuur dat bepaalt dat een punt dat niet op de agenda voorkomt, niet in bespreking mag worden gebracht, behalve in spoedeisende gevallen. Tot spoedbehandeling kan alleen worden besloten door ten minste twee derde van de aanwezige leden. 

        Motivatie om dit punt bij hoogdringendheid toe te voegen: de dading werd pas gefinaliseerd na het versturen van de agenda voor de vergadering van de gemeenteraad van 11/12/2025. Omdat de vraag van de andere partij binnen de dading was om dit nog in 2025 af te sluiten, wordt gevraagd om dit punt bij hoogdringendheid toe te voegen aan de agenda. 

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Nourdine Elkaouakibi, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Kimberly Van Assche
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 3 stemmen tegen
        Besluit

        Enig artikel : volgend punt te verwijzen naar de agenda van de gemeenteraad van 11 december 2025.

        PUNT BIJ HOOGDRINGENDHEID - DIENST GRONDGEBIEDSZAKEN - OPENBARE WERKEN - RENOVATIE KAPEL FASE I - BEEINDIGING OVEREENKOMST

      • PUNT BIJ HOOGDRINGENDHEID - DIENST GRONDGEBIEDSZAKEN - PATRIMONIUM - HUUROVEREENKOMST MET HULPVERLENINGSZONE RIVIERENLAND VOOR DE BRANDWEERKAZERNE DIJLEWEG - VERLENGING- STEMMING AANVAARDING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Feiten en context

        Gelet op artikel 23 van het decreet lokaal bestuur dat bepaalt dat een punt dat niet op de agenda voorkomt, niet in bespreking mag worden gebracht, behalve in spoedeisende gevallen. Tot spoedbehandeling kan alleen worden besloten door ten minste twee derde van de aanwezige leden. 

        Motivatie om dit punt bij hoogdringendheid toe te voegen: de huurovereenkomst waarover dit punt gaat, gaat in op 1/1/2026. 

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Enig artikel : volgend punt te verwijzen naar de agenda van de gemeenteraad van 11 december 2025.

        PUNT BIJ HOOGDRINGENDHEID - DIENST GRONDGEBIEDSZAKEN - PATRIMONIUM - HUUROVEREENKOMST MET HULPVERLENINGSZONE RIVIERENLAND VOOR DE BRANDWEERKAZERNE DIJLEWEG - VERLENGING

      • DIENST SECRETARIAAT - GOEDKEURING NOTULEN EN ZITTINGSVERSLAG

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Feiten en context

        De gemeenteraad, in zitting van 11/12/2025.

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.
        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht
        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        - verslag GR

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Enig artikel: de notulen en het zittingsverslag van de vergadering van de gemeenteraad van 27/11/2025 goed te keuren.

      • DIENST SECRETARIAAT - INGEKOMEN STUKKEN/MEDEDELINGEN

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Besluit

        Nihil

      • DIENST SECRETARIAAT - IGEAN DIENSTVERLENING - GOEDKEURING VAN DE AGENDA EN VASTSTELLING VAN HET MANDAAT VAN DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Op de gemeenteraad van 30 januari werd dhr. Jeroen Baert burgemeester, aangeduid als afgevaardigde voor de (buitengewone) algemene vergaderingen van IGEAN dienstverlening.

        Dhr. Andy Janssens schepen, werd gekozen als zijn plaatsvervanger.

        Feiten en context

        De raad van bestuur heeft in zitting van 10. 09.2025 bepaald dat IGEAN dienstverlening op woensdag 17.12.2025 om 19 u een buitengewone algemene vergadering zal houden in de burelen van IGEAN, Doornaardstraat 60 te 2160 Wommelgem met volgende dagorde:

        1. Goedkeuren van de nota met de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategie voor 2026
        2. Goedkeuren van de begroting 2026
        3. Goedkeuren van de evaluatienota van het ondernemingsplan - "Horizon-2024" en het ondernemingsplan - "Samen naar 2030"
        4. Goedkeuren aanpassing presentiegelden
        5. Goedkeuren van de toetreding tot de Tussengemeentelijke Maatschappij voor Services (GREAT)
        6. Goedkeuren van de statutenwijziging
        7. Benoemen van leden adviescomités.

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        - Uitnodiging

        - Bijhorende stukken 

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: De gemeenteraad keurt de agenda van de buitengewone algemene vergadering van IGEAN dienstverlening die plaatsvindt op 17 december 2025 met volgende dagorde goed.

        1. Goedkeuren van de nota met de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategie voor 2026
        2. Goedkeuren van de begroting 2026
        3. Goedkeuren van de evaluatienota van het ondernemingsplan - "Horizon-2024" en het ondernemingsplan - "Samen naar 2030"
        4. Goedkeuren aanpassing presentiegelden
        5. Goedkeuren van de toetreding tot de Tussengemeentelijke Maatschappij voor Services (GREAT)
        6. Goedkeuren van de statutenwijziging
        7. Benoemen van leden adviescomités.

        Art.2: De afgevaardigde Jeroen Baert, burgemeester (of bij belet zijn vervanger Andy Janssens, schepen) te mandateren om op de buitengewone algemene vergadering van IGEAN dienstverlening op 17 december 2025(of op elk andere algemene vergadering in gewone en-/of buitengewone zitting met dezelfde agenda ingeval de eerste niet geldig zou kunnen beraadslagen) te handelen en te beslissen conform de beslissingen die door de gemeenteraad zijn genomen over de agendapunten van de buitengewone algemene vergadering van IGEAN dienstverlening op 17 december 2025.

      • DIENST SECRETARIAAT - IGEAN MILIEU EN VEILIGHEID - GOEDKEURING VAN DE AGENDA EN VASTSTELLING VAN HET MANDAAT VAN DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Op de gemeenteraad van 30 januari werd dhr. Jeroen Baert burgemeester, aangeduid als afgevaardigde voor de (buitengewone) algemene vergaderingen van IGEAN milieu en veiligheid.

        Dhr. Andy Janssens schepen, werd gekozen als zijn plaatsvervanger.

        Feiten en context

        De raad van bestuur heeft in zitting van 10. 09.2025 bepaald dat IGEAN milieu en veiligheid op woensdag 17.12.2025 om 19 u een buitengewone algemene vergadering zal houden in de burelen van IGEAN, Doornaardstraat 60 te 2160 Wommelgem met volgende dagorde:

        1. Goedkeuren van de nota met de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategic voor 2026
        2. Goedkeuren van de begroting 2026
        3. Bepaien bijdrage innovatiefonds 2026
        4. Goedkeuren van de evaluatienota van het ondernemingsplan - "Horizon-2024" en het ondememlngsplan - "Samen naar 2030"
        5. Goedkeuren aanpassing presentiegelden
        6. Goedkeuren van de toetreding tot de Tussengemeentelijke Maatschappij voor Services (GREAT)
        7. Goedkeuren van de statutenwijziging
        8. IGEAN Energie
        9. Benoemen van leden adviescomités.

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        - Uitnodiging

        - Bijhorende stukken 

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: De gemeenteraad keurt de agenda van de buitengewone algemene vergadering van IGEAN milieu en veiligheid die plaatsvindt op 17 december 2025 goed met uitzondering van punt 8. De gemeenteraad wenst zich te onthouden omwille van de financiële onduidelijkheid.

        1. Goedkeuren van de nota met de te ontwikkelen activiteiten en de te volgen strategie voor 2026
        2. Goedkeuren van de begroting 2026
        3. Bepalen bijdrage innovatiefonds 2026
        4. Goedkeuren van de evaluatienota van het ondernemingsplan - "Horizon-2024" en het ondememingsplan - "Samen naar 2030"
        5. Goedkeuren aanpassing presentiegelden
        6. Goedkeuren van de toetreding tot de Tussengemeentelijke Maatschappij voor Services (GREAT)
        7. Goedkeuren van de statutenwijziging
        8. IGEAN Energie
        9. Benoemen van leden adviescomités.

        Art.2: De afgevaardigde Jeroen Baert, burgemeester (of bij belet zijn vervanger Andy Janssens, schepen) te mandateren om op de buitengewone algemene vergadering van IGEAN milieu en veiligheid op 17 december 2025(of op elk andere algemene vergadering in gewone en-/of buitengewone zitting met dezelfde agenda ingeval de eerste niet geldig zou kunnen beraadslagen) te handelen en te beslissen conform de beslissingen die door de gemeenteraad zijn genomen over de agendapunten van de buitengewone algemene vergadering van IGEAN milieu en veiligheid op 17 december 2025.

      • DIENST SECRETARIAAT - VLOTTER - GOEDKEURING VAN DE AGENDA EN VASTSTELLING VAN HET MANDAAT VAN DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING.

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de gemeenteraad van 30 januari 2025 werd dhr. Rik Röttger aangeduid als vertegenwoordiger van de (buitengewone) algemene vergaderingen van Vlotter.

        Dhr. Jeroen Baert werd aangeduid als zijn plaatsvervanger.

        Wegens de tijdelijke afwezigheid van schepen Rik Röttger werd in de gemeenteraad van 27 november 2025 Linde Peeters aangewezen als vertegenwoordiger op de (buitengewone) algemene vergaderingen van Vlotter.

        Feiten en context

        Op 17 december 2025 vindt er een buitengewone algemene vergadering van Vlotter plaatst met volgende agenda:

        - Begroting 2026

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        - Uitnodiging

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 17 stemmen voor, 4 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: De gemeenteraad keurt de agenda van de buitengewone algemene vergadering van Vlotter op 17 december 2025 goed met volgende agendapunt:

        - Begroting 2026

        Art.2: de afgevaardigde van de gemeente Linde Peeters, schepen (of bij belet haar plaatsvervanger Jeroen Baert, burgemeester) te mandateren om op de buitengewone algemene vergadering van VLOTTER op 17 december 2025(of op elke andere algemene vergadering in gewone en/of in buitengewone zitting met dezelfde agenda ingeval de eerste niet geldig zou kunnen beraadslagen) te handelen en te beslissen conform de beslissingen die door de gemeenteraad zijn genomen over de agendapunten van de buitengewone algemene vergadering van VLOTTER op 17 december 2025.

      • PUNT BIJ HOOGDRINGENDHEID - DIENST SECRETARIAAT - VLOTTER - GOEDKEURING VAN DE AGENDA EN VASTSTELLING VAN HET MANDAAT VAN DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING.

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de gemeenteraad van 30 januari 2025 werd dhr. Rik Röttger aangeduid als vertegenwoordiger van de (buitengewone) algemene vergaderingen van Vlotter.

        Dhr. Jeroen Baert werd aangeduid als zijn plaatsvervanger.

        Wegens de tijdelijke afwezigheid van schepen Rik Röttger werd in de gemeenteraad van 27 november 2025 Linde Peeters aangewezen als vertegenwoordiger op de (buitengewone) algemene vergaderingen van Vlotter.

        Feiten en context

        Op 06 januari 2026 vindt er een buitengewone algemene vergadering van Vlotter plaatst met volgende agenda:

        1. Ontslag commissaris-bedrijfsrevisor boekjaren 2022,  2023 en 2024
        2. Benoeming commissaris-bedrijfsrevisor boekjaren 2025, 2026 en 2027
        Juridische gronden

        -       inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        - Uitnodiging

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: De gemeenteraad keurt de agenda van de buitengewone algemene vergadering van Vlotter op 06 januari 2026 goed met volgende agendapunten:

        1. Ontslag commissaris-bedrijfsrevisor boekjaren 2022,  2023 en 2024
        2. Benoeming commissaris-bedrijfsrevisor boekjaren 2025, 2026 en 2027

        Art.2: de afgevaardigde van de gemeente Linde Peeters schepen (of bij belet haar plaatsvervanger Jeroen Baert, burgemeester) te mandateren om op de buitengewone algemene vergadering van VLOTTER op 06 januari 2026(of op elke andere algemene vergadering in gewone en/of in buitengewone zitting met dezelfde agenda ingeval de eerste niet geldig zou kunnen beraadslagen) te handelen en te beslissen conform de beslissingen die door de gemeenteraad zijn genomen over de agendapunten van de buitengewone algemene vergadering van VLOTTER op 06 januari 2026.

         

         

         

    • Grondgebiedzaken - Omgeving - Milieu - Duurzaamheid

      • DIENST MILIEU - SUBSIDIEREGLEMENT BESTRIJDING AZIATISCHE HOORNAAR - 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        De Aziatische hoornaar (Vespa velutina) is een invasieve exoot die sinds een aantal jaren ook in België wordt aangetroffen. De soort vormt een ernstige bedreiging voor honingbijen en andere inheemse insecten, alsook voor de biodiversiteit. Bovendien kan deze zeer onverwachts agressief en gevaarlijk zijn voor de mens.


        Elk niet uitgeroeid nest brengt ongeveer 500 nieuwe koninginnen voort waarvan een 10% de winter overleeft en het volgende jaar nieuwe nesten aanmaakt. De brandweerzone Rivierenland verdelgt gemelde nesten aan de jaarlijks vastgestelde retributieprijs. Op privaat terrein wordt deze retributie aangerekend aan de eigenaar van het terrein waarop de nest zich bevind. 

        Feiten en context

        Het is wenselijk om de verspreiding van Aziatische Hoornaar zoveel mogelijk te beperken gezien hun directe bedreiging voor honingbijen en andere inheemse insecten en hun negatieve impact op ecologische diversiteit. Bovendien kan deze zeer onverwachts agressief en gevaarlijk zijn voor de mens. Om de verdere verspreiding zoveel mogelijk te beperken is het belangrijk dat elk vastgesteld nest verwijderd wordt.

        Heden worden burgers aangespoord om nesten mee op te sporen en te melden bij Vespa-Watch.

        Diverse nesten konden zo geëlimineerd worden. Echter wanneer de nest zich op privaat terrein bevindt, maar niet onmiddellijk als storend ervaren wordt, dan is, gezien de retributiekost, men niet altijd geneigd deze te melden bij de brandweerzone Rivierenland. Om de bestrijding te stimuleren op privaat domein, wordt voorgesteld dat de gemeente Boom een subsidie voorziet voor de verdelging van wespennesten en (Aziatische) hoornaars.

        Adviezen en argumenten

        Het huidige subsidiebedrag voor een wespennestverdelging is vastgesteld op 20,00 EUR (+ 21% BTW) per interventie.

        Voorgestelde wijziging:

        De omvang van de subsidie bedraagt de werkelijk gemaakte kosten (inclusief btw voor niet btw-plichtigen; exclusief btw voor btw-plichtigen) voor de verdelging van het nest van de Aziatische hoornaar met een maximum van de tarieven die de brandweerzone Rivierenland heeft opgenomen in zijn recentste retributiereglement. De kenner die de vaststelling doet van de nest, geeft eveneens de hoogdringendheid aan van de daaropvolgende bestrijding opdat de correcte tarifering kan bepaald worden.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Enig artikel: Onderstaand gewijzigd subsidiereglement voor de tussenkomst in de gemaakte kosten ingevolge verdelging van wespennesten inclusief deze van de hoornaars te stemmen voor een periode aanvang nemend 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Artikel 1 Doel:

        De Aziatische hoornaar (Vespa velutina) is een invasieve exoot die een bedreiging vormt voor de biodiversiteit en bovendien zeer onverwachts agressief en gevaarlijk kan zijn voor de mens. Om de bestrijding op privaat domein te stimuleren verleent de gemeente Boom een subsidie voor de verdelging van deze soort.

        Artikel 2 Toepassingsgebied:

        1. Het reglement is van toepassing voor bestrijding op het grondgebied van Boom.

        2. Het reglement is alleen van toepassing voor het verwijderen van nesten van de Aziatische hoornaar (Vespa velutina) en kan niet worden toegepast voor de bestrijding van andere insecten.

        Artikel 3 Doelgroep:

        Voor de subsidie komen in aanmerking: Alle natuurlijke personen (eigenaars, huurders en gebruikers) of verenigingen.

        Artikel 4 Voorwaarden:

        De gemeente Boom verleent de subsidie ter bestrijding van de Aziatische hoornaar onder de volgende cumulatieve voorwaarden:

        1. De subsidie betreft de terugbetaling (van een deel) van de werkelijke kosten gemaakt voor de verdelging van een nest van de Aziatische hoornaar, inclusief de kosten voor de verdelging van andere wespennesten, nesten van de Europese hoornaar. Andere insecten komen niet in aanmerking voor deze toelage.

        2. De subsidie voor de bestrijding van een nest van Aziatische hoornaars mag niet gecumuleerd worden met enige andere vorm van financiële tegemoetkoming voor de bestrijding van het nest. Voor de periode waarin er een beheerovereenkomst bestaat voor de bestrijding op privépercelen tussen de Vlaamse Overheid en de bestrijders, wordt er geen financiering door de gemeente voorzien.

        3. Het te verwijderen nest dient voorafgaandelijk aan iedere interventie aangemeld te worden op de website van ‘Vespa-Watch’ zodat het gevalideerd wordt door een kenner. De kenner moet eveneens de desgevallende hoogdringendheid van de interventie tot bestrijding aangeven. Nadat de melder per mail de validatie én de desgevallende hoogdringendheid ontvangt, organiseert deze daarna de verwijdering.

        4. De verwijdering van het nest dient te gebeuren door Brandweerzone Rivierenland of een erkende bestrijder opgenomen in de Vespa-Watch-lijst.

        5. Bij de subsidieaanvraag wordt een factuur toegevoegd die voldoet aan de volgende cumulatieve voorwaarden:

        a) de factuur is opgesteld door Brandweerzone Rivierenland of een erkende bestrijder opgenomen in de Vespa-Watch-lijst

        b) de factuur vermeldt uitdrukkelijk de verdelging van een nest van de Aziatische hoornaar én de desgevallende hoogdringendheid

        c) de factuur vermeldt uitdrukkelijk het adres of de locatie waar het nest verdelgd werd. Indien het adres of de locatie, waar het nest verdelgd werd, verschillend is van het adres van de begunstigde, volstaat een interventieverslag met uitdrukkelijke vermelding van het adres of de locatie van verdelging van het nest.

        6. De aanvraag wordt ingediend na de verdelging van het nest waarvoor de subsidie aangevraagd wordt en uiterlijk zes maanden na deze verdelging.

        7. Het verlenen van de gemeentelijke subsidie kan enkel binnen de perken van de kredieten die het College van Burgemeester en Schepenen voor dit reglement voor overdrachten beschikbaar stelt en overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 houdende controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen.

        Artikel 5 Subsidiebedrag:

        De omvang van de subsidie bedraagt de werkelijk gemaakte kosten (inclusief btw voor niet btwplichtigen; exclusief btw voor btw-plichtigen) voor de verdelging van het nest met een maximum van de tarieven die de brandweerzone Rivierenland heeft opgenomen in zijn recentste retributiereglement. De kenner die de vaststelling doet van de nest, geeft eveneens de hoogdringendheid aan van de daaropvolgende bestrijding opdat de correcte tarifering kan bepaald worden.

        Artikel 6 Procedure:

        6.1 De aanvraag

        1. De subsidie dient aangevraagd te worden via het door de gemeente ter beschikking gestelde aanvraagformulier. Bij dit formulier dient gevoegd te worden:

        a) De validatiemail én de desgevallende hoogdringendheid van Vespa-Watch

        b) Een factuur die voldoet aan de voorwaarden vermeld in Artikel 4.5, desgevallend samen met een interventieverslag

        2. De aanvraag wordt ingediend na de verdelging van het nest en uiterlijk zes maanden na deze verdelging.

        3. De aanvraag is slechts ontvankelijk zodra deze volledig en conform de voorwaarden van dit Reglement ingediend werd.

        6.2 Beoordeling

        1. Binnen een termijn van maximaal 6 maanden na het indienen van de aanvraag, controleert de bevoegde dienst of de aanvraag voldoet aan de gestelde voorwaarden en formuleert de bevoegde dienst een advies aan het College van Burgemeester en Schepenen.

        2. Deze termijnen zijn enkel richtdata, bij wijziging van de aanvraag of de nood aan bijkomende informatie vanuit de gemeente, kan de behandelende ambtenaar zich genoodzaakt zien deze termijn te verlengen.

        6.3 Beslissing

        1. Het College van Burgemeester en Schepenen neemt de beslissing op basis van het advies van de bevoegde dienst.

        2. Als het dossier volledig is, vindt de beslissing plaats binnen een termijn van maximaal 6 maanden na het indienen van de aanvraag.

        3. De aanvrager wordt van de beslissing schriftelijk in kennis gesteld.

        4. Deze termijnen zijn enkel richtdata.

        6.4 Uitbetaling

        1. De subsidie wordt toegekend aan de aanvrager.

        2. De uitbetaling van de subsidie gebeurt door overschrijving op de post- of bankrekening van de aanvrager binnen 3 maanden na de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen.

        3. De aanvrager verbindt zich ertoe de gemeente onverwijld schriftelijk op de hoogte te brengen van iedere wijziging van diens post- of bankrekeningnummer.

        Artikel 7 Controle

        De begunstigde geeft aan de gemeente toegang tot de infrastructuur en inzage in alle relevante stukken om ter plaatse de correcte aanwending van de toegekende subsidie te kunnen controleren. Indien nodig kan de gemeente contact opnemen met de firma en/of aannemer die de bestrijding heeft uitgevoerd.

        Artikel 8 Sancties

        §1. De subsidie wordt aangewend voor het doel waarvoor ze werd toegekend, namelijk de bestrijding van de Aziatische hoornaar of elke andere wespenverdelging. Zo niet, dient de subsidie terugbetaald te worden.

        §2. Als de uitvoering niet in overeenstemming is met de voorwaarden uit het reglement, heeft de gemeente het recht om de subsidie niet uit te betalen of de uitbetaalde subsidie terug te vorderen. De aanvrager wordt hiervan op de hoogte gebracht.

        §3. In geval van fraude of valse verklaringen in hoofde van de aanvrager, kan de gemeente beslissen om de toekenning van de subsidie te schorsen en in de toekomst geen subsidies meer toe te staan aan de aanvrager en het verleende subsidiebedrag terug te vorderen.

        Artikel 9 Bezwaar

        Alle betwistingen over de toepassing van dit reglement worden beslecht door het College van Burgemeester en Schepenen. Bezwaren moeten schriftelijk (via aangetekend schrijven, brief, e-mail, afgifte tegen ontvangstbewijs, …) gericht worden aan het College van Burgemeester en Schepenen en dit uiterlijk binnen één maand na kennisgeving van de beslissing over de weigering van de subsidie aan de aanvrager. De aanvrager dient zijn redenen te motiveren.

        Artikel 10 Inwerkingtreding

        Dit reglement treedt in werking vanaf 01/01/2026 t/m 31/12/2031 of hernieuwing/herstemming.

    • Beleven - Cultuurcentrum

      • DIENST BELEVING - BEGROTING 2026 - EVA VZW CC DE STEIGER

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Feiten en context

        Het college en de raad van bestuur van EVA zvw CC De Steiger Boom keurde de begroting 2026 goed. Na goedkeuring door de gemeenteraad wordt deze voorgelegd aan de Algemene Vergadering van CC De Steiger.

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        Begroting 2026

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Onthouders: Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 17 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 1 onthouding
        Besluit

        Enig artikel: De gemeenteraad keurt de begroting 2026 goed van EVA vzw CC De Steiger.

    • Grondgebiedszaken - Patrimonium

      • DIENST GRONDGEBIEDSZAKEN - PATRIMONIUM - OPENBARE VERKOOP GROND NOEVEREN

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Het perceel grond op Noeveren kadastraal gekend sectie An nr. 384 d3 (78,62 m²) is eigendom van het Lokaal Bestuur Boom.

        De gemeente kocht dit destijds om de krotwoning die er op stond af te breken en legde er een grasveldje aan dat door de gemeente onderhouden wordt.

        Het bedoelde perceel ligt nu braak.

        In juli 2022 vroegen buren, die geen tuin hebben, om het perceel te mogen gebruiken als tuin in ruim voor het onderhoud of een andere regeling.

        Op 8 augustus 2022 besliste het college van burgemeester en schepenen om het perceel niet te verkopen, maar te huur aan te bieden met de voorwaarde dit te onderhouden en hiervoor een bedrag te bepalen (annotatie CBS 8/8/2022).

        Er is geen overeenkomst opgemaakt, gezien de verhuurwaarde niet bepaald werd.

        In februari 2024 vroeg een ander buur om het perceel aan te kopen om een overkapping te plaatsen voor het drogen van 'kleigoed'.

        De vraag werd besproken met Onroerend Erfgoed en het advies werd gegeven om dit niet als bouwgrond te verkopen, gezien de kleine oppervlakte van het perceel.

        Het perceel zou wel verkocht kunnen worden met de voorwaarde dat een 'tuinhuis' met pannendak, in de stijl van de droogloodsen ('leuzze') wel kon.

        De inplanting en de oppervlakte van het bouwwerk dient dan nog wel grondig bekeken te worden en een open structuur krijgt de voorkeur.

        De gemeenteraad in zitting van 25.09.2025 besliste in te stemmen met de openbare verkoop aan de hoogste bieder met als minimumbedrag de waarde van het schattingsverslag en Igean de opdracht te geven de openbare verkoop te organiseren.

        Feiten en context

        De openbare verkoop werd uitgeschreven, de biedingen werden geopend op 19.11.2025. Het proces verbaal van de opening der biedingen wordt toegevoegd als bijlage.

        De verkoop dient toegewezen te worden aan de hoogst biedende (persoonsgebonden info) voor een bedrag van 12.502,00 €.

        Het college van burgemeester en schepenen in zitting van 24.11.2025 ging akkoord met de bieding en toewijs en verwees dit punt voor goedkeuring naar de gemeenteraad.

        Adviezen en argumenten

        De verkoop toewijzen aan de hoogste bieder.

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        gr 25.09.2025, schattingsverslag, pv van opening van de biedingen, mail Igean

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Enig artikel: De verkoop van het perceel grond op Noeveren kadastraal gekend sectie A nr. 384 d3 (78,62 m²) toe te wijzen aan de hoogst biedende (persoonsgebonden info) voor een bedrag van 12.502,00 €.

      • PUNT BIJ HOOGDRINGENDHEID - DIENST GRONDGEBIEDSZAKEN - PATRIMONIUM - HUUROVEREENKOMST MET HULPVERLENINGSZONE RIVIERENLAND VOOR DE BRANDWEERKAZERNE DIJLEWEG - VERLENGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Op 01.01.2015 ontstond de Hulpverleningszone Rivierenland.

        Op 03.10.2016 keurde de gemeenteraad de aanpassing van de dotatie goed naar aanleiding van de overdracht van onroerende goederen.

        Eveneens werd de goedkeuring gehecht aan de tijdelijke terbeschikkingstelling van de kazerne, van de gemeente Boom aan de Dijleweg, met een onderhands huurcontract voor een bepaalde duur van 9 jaar met een opzegtermijn, door de zone, van 1 jaar. Het eigenaarsonderhoud bleef daarin bij de gemeente.

        Feiten en context

        De zoneraad van de Hulpverleningszone Rivierenland opteert om alle lopende huurovereenkomsten voor een zelfde periode te verlengen, omdat er nog steeds onzekerheid is over de voortgang van nieuwbouwprojecten én omdat niet elk project in dezelfde fase zit.

        Adviezen en argumenten

        Advies of inbreng vereist van andere diensten: JA

        Indien ja, welke dienst:

        -- VERZEKERINGEN: JA

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: JA

        Visum (financieel advies) van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -       inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        huurovereenkomst voor de periode 01.01.2016 - 31.12.2025.

        huurovereenkomst voor de periode 01.01.2026 - 31.12.2034.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Enig artikel: een huurovereenkomst af te sluiten met de Brandweerzone Rivierenland waarbij de verhuur wordt geregeld van de brandweerkazerne Dijleweg 5, met alle aanhorigheden, bestaande uit onder meer het volledig gebruiksrecht van een administratief gedeelte, voertuigenhal, werkplaatsen, parking en buitenruimte, kadastraal gekend onder afdeling 1 sectie A nr. 0144 M3 P0000 met een oppervlakte van 6481 ca. voor een duurtijd van 9 jaar en een som van 128.900,00 €/jaar (+indexaanpassing) 

    • Grondgebiedszaken - Omgeving - Ruimtelijke ordening

      • DIENST GRONDGEBIEDSZAKEN - OMGEVING – ZAAK DER WEGEN - AANVRAAG OMGEVINGSVERGUNNING VOOR DE UITBREIDING VAN EEN BEDRIJFSHAL (OMV/202400108/OPR) MET AFSCHAFFING VAN BESTAANDE ONGEBRUIKTE BUURTWEGEN – INDUSTRIEWEG – HET UITBREIDEN VAN EEN BESTAAND BEDRIJF - GOEDKEURING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Feiten en context

        Algemeen

        Op 10 juli 2025 werd een aanvraag tot omgevingsvergunning (ref. OMV/202500108/OPR) ingediend bij de provincie Antwerpen voor het uitbreiden van een bestaande fabriekshal met twee nieuwe hallen, het realiseren van een publiciteitsinrichting en de omgevingsaanleg gelegen langsheen de industrieweg 3A, en meer bepaald op de percelen ten kadaster gekend onder Boom, 1ste afdeling, sectie A nr 159/S2 en 219/L2B. Het dossier werd op 23 september 2025 volledig en ontvankelijk verklaard door de provincie Antwerpen. De vergunning verlenende overheid vroeg op 23 september 2025 aan de gemeente om advies, om het openbaar onderzoek op te starten en om de gemeenteraad samen te roepen om een beslissing te nemen over de zaak der wegen.

         

        De aanvraag betreft het uitbreiden van bedrijfshal 1A met twee nieuwe hallen, respectievelijk hal 1B en 1C die gebouwd worden in het verlengde van de bestaande bedrijfshal. Daarnaast wordt aan de voorgevel van bedrijfshal 1A zaakgebonden publiciteitsinrichting voorzien. De omgevingsaanleg rondom de nieuwe gebouwen wordt heraangelegd. Daarbij wordt de bestaande groenbuffer met talud versmalt en herbeplant om plaats te maken voor een infiltratie- en buffervoorziening, er worden compensatiezones voorzien, er wordt een nieuwe brandweg voorzien en er wordt bijkomende ruimte voor circulatie en laad-en loskaaien gerealiseerd. Op de locatie van deze werken lopen bestaande gemeentewegen zoals opgenomen in de Atlas der Buurtwegen. Deze lopen ook onder de bestaande bedrijfsgebouwen. In het aanvraagdossier zit een grafisch plan om deze wegen af te schaffen, een motivatienota, een verslag van meer- en minwaarden en gegevens over de wegenis.

         

        Overeenkomstig artikel 31 van het Omgevingsvergunningendecreet wordt een aanvraag die de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg omvat door de bevoegde overheid voorgelegd aan de gemeenteraad om een beslissing te nemen over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg.

        De gemeenteraad spreekt zich uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein. Hierbij wordt rekening gehouden met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval met het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen. De gemeenteraad kan daarbij voorwaarden opleggen en lasten verbinden, die de bevoegde overheid in de eventuele vergunning opneemt.

         

        Met toepassing van artikel 12 §2 van het Gemeentewegendecreet kan de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg opgenomen worden in een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, voor zover die wijziging past in het kader van de realisatie van de bestemming van de gronden. Die mogelijkheid geldt voor zover het aanvraagdossier een ontwerp van rooilijnplan bevat dat voldoet aan de door dit decreet gestelde eisen op het vlak van de vorm en inhoud van gemeentelijke rooilijnplannen of voor zover het een grafisch plan met aanduiding van de op te heffen rooilijn bevat.

        Als de beoogde wijziging, verplaatsing of opheffing betrekking heeft op een gemeentelijk rooilijnplan dat niet in een ruimtelijk uitvoeringsplan is opgenomen, neemt de gemeenteraad eerst een beslissing over het al dan niet wijzigen of opheffen van het gemeentelijk rooilijnplan, alvorens te beslissen over de goedkeuring, vermeld in artikel 31 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.

         

        Beschrijving van de plaats

        Het perceel waarop de aanvraag betrekking heeft, paalt aan de Industrieweg en de tunnelweg te Boom. De huidige aanvraag situeert zich ter hoogte van de hoofdtoegang van het bedrijf ter hoogte van de industrieweg 3a. De industrieweg kent een breed profiel met een 1X1 profiel.

         

        De omgeving wordt gekenmerkt door industriële bebouwing zowel van kmo’s als van regionale bedrijvigheid. Dit met verschillende oppervlaktes van de sites.  De bouwhoogte in de omgeving varieert tot een hoogte van zo’n 15m. Ook de dakvorm van de industriële gebouwen varieert tussen hellend en platte daken. Tussen de verschillende bedrijven zijn beperkte groenbuffers aanwezig.

         

        De achterzijde van het projectgebied grenst aan de Nielsestraat. Op deze straat is geen ontsluiting aanwezig. De Nielsestraat maakt deel uit van het beschermde stads- en dorpsgezicht ‘Wijk Noeveren’. Deze wijk kenmerkt zich als van oudsher industriële site deel uit makende van de baksteenindustrie, glasindustrie en scheepswerven. De wijk wordt dan ook gekenmerkt door arbeiderswoningen die afgewisseld worden met industriële sites. 

         

        Beschrijving van de aanvraag

        De aanvraag omhelst de uitbreiding van de bestaande hal 1A met twee nieuwe hallen 1B en 1 C. Daarnaast wordt er verharding rondom aangelegd, een laad- en loskade, de herinrichting van de bestaande parking, een nieuwe brandweg, een infiltratie- en buffervoorziening, een hemelwatercompensatie zones en wordt de groentalud heraangelegd.

         

        Hal 1A blijft behouden. Op de noordoostelijke gevel wordt een nieuwe publiciteitsinrichting gevraagd. Het betreft het bedrijfslogo in blokletters met een dikte van 15cm die intern verlicht worden. De verlichtingssterkte is ongekend. De publiciteitsinrichting heeft een hoogte van 2,07m en een totale lengte van 20m. Deze worden gesitueerd op 2.24m van de kroonlijst en op 4.5m van de noordoostelijke hoek. De letters hebben een rode kleur die bevestigd wordt op een geprofileerde staalplaat in RAL 9006.

         

        Bij hal 1A worden twee nieuwe hallen opgericht die samen 1 gebouw vormen. Daarmee neemt de grondoppervlakte van het gebouw toe van 7244,65m² tot 22940,82m². De gebouwen worden opgericht als brandklasse C. Het nieuwe gebouw heeft een totale lengte van 281,99m waarvan hal B en C een totale lengte hebben van 179,80m. De breedte van de drie hallen verschilt. Hal A heeft een breedte van 69,10m, hal B een breedte van 84,19m en hal C een breedte van 90,10m. Deze worden trapsgewijs ingeplant waarvan hal A dichtst bij de perceelsgrens gelegen is en hal B en C zich inpassen tegen het bestaande laadstation van hal A. Op de zuidwestelijke hoek wordt hal C afgeschuind zodoende te passen binnen de bestaande ringweg.

         

        De nieuwe loodsen hebben een kroonlijsthoogte van 12,6m ten opzichte van de vloerpas. Hal 1A heeft een vloerpas die zo’n 47cm lager ligt dan de vloerpas van hal 1B en 1C en dit met een kroonlijsthoogte van 14,18m. De gebouwen passen zich op deze manier in in het bestaande reliëf dat afneemt vanaf de industrieweg naar het zuiden. De vloerpas in de hallen is gelegen op 6.10m TAW waarbij naar de opening voor poorten en deuren de vloerpas met 20cm verhoogd.

         

        Naast de opslag ruimtes die centraal gelegen is wordt aan de oostelijke zijde naast de laadkaaien een klein aanpalend volume gerealiseerd met sociale ruimtes. Dit betreft een volume met één bouwlaag met een kroonlijsthoogte van 5,3m ten opzichte van de vloerpas die 20cm hoger ligt dan deze van de hallen.

         

        Beide nieuwe hallen worden opgetrokken uit een betonstructuur waarbij de gevels afgewerkt zijn met staalplaat.

         

        Rondom de gebouwen wordt de omgevingsaanleg waar op vandaag een ringweg aangelegd is aangepast om de bereikbaarheid en de inplanting van de nieuwe hallen te garanderen. Het betreft volgende handelingen.

         

        Aan de industrieweg wordt de belijning aangepast van de verharding zodat de parkeerruimte efficiënter ingericht wordt. Er wordt daarbij voorzien in 27 parkeerplaatsen voor personenwagens en 13 wachtplaatsen voor vrachtwagens.

         

        De bestaande rondweg wordt aan de westelijke zijde aangepast door de verwijderen van verhardingen tussen de industrieweg en de sprinklertank, de zone na de sprinklertank en de aansluiting op de weg en de wijziging van de bocht straal. Aan de oostelijke zijde wordt ter hoogte van het laadstation bijkomende verharding gereduceerd.

         

        Aan de westelijke zijde wordt vanaf de industrieweg naar de site een grandweg in grindgazon of kunstofgrastegels te voorzien. Deze brandweg heeft een breedte van 5m.

         

        Tussen de nieuwe hallen 1B en 1C wordt aan de oostelijke zijde een nieuwe zone met laadkaaien voorzien met 15 laadkaaien. De verharding tussen de weg en het gebouw heeft een breedte van 20,76m en een lengte van 97,18m en wordt uitgevoerd in beton. Aan de westelijke zijde worden twee toegangen voorzien met een breedte van respectievelijk 5m en 5,48m.

         

        Tot slot wordt de groenbuffer rondom het gebouw aangepast. Deze wordt versmald en de onverharde zone die hiermee vrij komt wordt ingericht als buffer en infiltratiebekken. De groenzones rondom de nieuwe hal worden verlaagd uitgevoerd om de inname van ruimte voor water te compenseren.

         

        Rooilijn

        Deze werken worden uitgevoerd op een zone die geraakt worden door bestaande rooilijnen. Deze rooilijnen zijn opgenomen in de Atlas der buurtwegen. Het betreft buurtweg nr. 38, nr. 35, nr. 61, nr. 34 en nr. 60. Deze worden enkel afgeschaft binnen de grenzen van de aanvraag.

         

        Door de keuze van de aanvrager blijven korte doodlopende delen van de buurtwegen over die niet afgeschaft worden.

         

        In de feitelijke toestand zijn deze buurtwegen niet zichtbaar, niet bruikbaar noch aanwezig.

         

        Verordening hemelwater

        De gewestelijke stedenbouwkundige verordening is van toepassing op de aanvraag. Voor de beoordeling van de toepassing van deze verordening wordt verwezen naar de bespreking van de adviezen van de dienst integraal waterbeheer van de provincie Antwerpen.

        Adviezen en argumenten

        Conform artikel 31 van het Omgevingsvergunningsdecreet komt het toe aan de gemeenteraad om een besluit te nemen over de zaak van de wegen.

         

        De gemeenteraad dient zich te beperken tot de aspecten die betrekking hebben op de zaak van de wegen, zonder uitspraak te doen omtrent de conformiteit van de aanvraag met de stedenbouwkundige beoordelingselementen en de goede ruimtelijk ordening. 

         

        Het Gemeentewegendecreet heeft – volgens artikel 3 van dit decreet - tot doel om de structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van de gemeentewegen te vrijwaren en te verbeteren, in het bijzonder om aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit te voldoen.

        In uitvoering van artikel 4 van het Gemeentewegendecreet dient bij beslissingen over wijzigingen van het gemeentelijk wegennet minimaal rekening te worden gehouden met de volgende principes:

        1° wijzigingen van het gemeentelijk wegennet staan steeds ten dienste van het algemeen belang;
        2° een wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg is een uitzonderingsmaatregel die afdoende wordt gemotiveerd;

        3° de verkeersveiligheid en de ontsluiting van aangrenzende percelen worden steeds in acht genomen;
        4° wijzigingen aan het wegennet worden zo nodig beoordeeld in een gemeentegrensoverschrijdend perspectief;
        5° bij de afweging voor wijzigingen aan het wegennet wordt rekening gehouden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder daarbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen.

         

        De afwegingen met betrekking tot bovenstaande principes zijn opgenomen onder titel “motivatie inzake de zaak der wegen” (zie verder).

         

        Adviezen

        Agentschap voor Natuur en Bos

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan het Agentschap voor Natuur en Bos. Op 7/10/2025 werd door het agentschap aangegeven dat geen advies verleend zal worden.

         

        Hulpverleningszone Rivierenland

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan de hulpverleningszone Rivierenland. Op 21/10/2025 werd door de hulperleningszone Riviereland een voorwaardelijk gunstig advies verleend.

         

        Departement Mobiliteit en Openbare werken

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan het departement Mobiliteit en Openbare Werken. Op 7/11/2025 werd door het departement aangegeven dat geen advies verleend zal worden.

         

        Vlaamse overheid, dienst milieu advies

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan het departement omgeving, dienst milieu advies. Op 22/10/2025 werd aangegeven dat geen advies verleend zal worden.

         

        Vlaamse overheid, dienst stedenbouw advies

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan het departement omgeving, dienst stedenbouw advies. Op 22/10/2025 werd aangegeven dat geen advies verleend zal worden.

         

        Departement Zorg afdeling preventief gezondheidsbeleid

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan het departement Zorg afdeling preventief gezondheidsbeleid. Op 4/11/2025 werd door het departement Zorg afdeling preventief gezondheidsbeleid een voorwaardelijk gunstig advies verleend met volgende voorwaarden:

         

        Het advies van het Departement Zorg is voorwaardelijk gunstig voor de gevraagde activiteiten omdat de activiteiten medisch milieukundig verenigbaar zijn met de omgeving en de risico’s voor mens en milieu aanvaardbaar zijn.

        Bijzondere voorwaarden:

        1. 1.       Er moet verduidelijkt worden of het ontwikkelingsscenario in rekening werd gebracht bij de berekening van de stikstofdepositie.
        2. 2.        

        Afwijkingen: Het advies van het Departement Zorg is ongunstig voor de afwijking over het groenscherm, maar gunstig voor de overige gevraagde afwijkingen.

         

        Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan de Federale Overheidsdienst Binnelandse Zaken. Op 7/10/2025 werd een voorwaardelijk gunstig advies verleend. Het advies kan samengevat worden als volgt:

         

        “voorwaardelijk gunstig

         

        Gezien de grote oppervlakte van de nieuwe uitbreiding (hal 1B & 1C), heeft de commissie beslist dat er in de nieuwe uitbreiding (hal 1B en 1C) ASTRID indoordekking dient aanwezig te zijn.

         

        Gemeente Niel

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan de gemeente Niel. Op 28/10/2025 werd door de gemeente Niel een ongunstig advies afgeleverd.

         

        De aanvraag bevat onvoldoende gegevens om te garanderen dat de risico’s en hinder als bedoeld in artikel 5.1.3 van het decreet algemene bepalingen inzake milieubeleid tot een aanvaardbaar niveau beperkt blijven. Bijgevolg worden de aangevraagde ingedeelde inrichtingen of activiteiten (voorlopig) ongunstig beoordeeld

         

        Agentschap Onroerend Erfgoed

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan het agentschap Onroerend Erfgoed. Op 23/09/2025 werd door het agentschap onroerend erfgoed aangegeven dat er geen advies uitgebracht zal worden.

         

        De opebare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij. Op 30/10/2025 werd door de openbare afvalstoffenmaatschappij een voorwaardelijk gunstig advies verleend. Het advies kan samengevat worden als volgt:

         

        De OVAM adviseert GUNSTIG voor de omgevingsvergunningsaanvraag van H. Essers Logistics Company

        voor:

        Activiteit Max. opslagcapaciteit (meest aangewezen) Rubriek

        De op- en overslag van niet-gevaarlijke

        afvalstoffen in verplaatsbare

        recipiënten

        10.000 ton 2.1.2.d)2°

        De op- en overslag van gevaarlijke

        afvalstoffen in verplaatsbare

        recipiënten

        49 ton 2.1.2.f)

        Vergunningstermijn en voorwaarden

        De omgevingsvergunning kan worden toegekend tot het einde van de lopende vergunning, mits voldaan

        wordt aan de volgende voorwaarden:

        Algemene milieuvoorwaarden van VLAREM II:

        − Hoofdstuk 4.1: algemene voorschriften.

        Sectorale milieuvoorwaarden van VLAREM II:

        − Inrichtingen voor de verwerking van afvalstoffen – algemeen:

        afdeling 5.2.1, artikel 5.2.1.1 tot en met 5.2.1.9;

        − Inrichtingen voor het opslaan en behandelen van bepaalde ongevaarlijke vaste afvalstoffen:

        subafdeling 5.2.2.4, artikel 5.2.2.4.1 tot 5.2.2.4.3;

        − Inrichtingen voor het opslaan en behandelen van gevaarlijke afvalstoffen en bedrijfsafvalstoffen,

        niet elders vermeld;

        artikel 5.2.2.5.1 tot en met artikel 5.2.2.5.3;

        Aandachtspunten:

        − De exploitant dient dagelijks zijn afvalstoffenregisters (inkomende en uitgaande) aan te vullen

        conform artikel 7.2.1.1 en 7.2.1.4 uit VLAREMA.

        − De exploitant dient de gegevens over de afval- en materiaalstromen te rapporteren via

        MATIS, het materialeninformatiesysteem van de OVAM

         

        Provincie Antwerpen, dienst integraal waterbeleid

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan de provinciale dienst integraal waterbeleid. Op 13/11/2025 werd een voorwaardelijk gunstig advies afgeleverd. Dit met voglende voorwaarden:

         

        Gunstig, mits rekening gehouden wordt met de voorwaarden en maatregelen zoals besproken in bovenstaand punt, in het bijzonder met de daar vermelde aandachtspunten, aanbevelingen en voorwaarden:

        Alle waterdoorlatende lagen, inclusief de funderingslaag, dienen een minimale doorlatendheid van 5.4*10-5 m/s te hebben.

        De infiltratievoorziening wordt uitgevoerd zonder overloop naar de RWA.

        De compensatie voor de ingenomen ruimte voor overstromingswater wordt uitgevoerd conform de aangeleverde hemelwaterstudie en plannen.

         

        IGEAN

        Op 23/09/2025 werd advies gevraagd aan IGEAN. Op 20/10/2025 werd een ongunstig advies uitgebracht. De conclusie van het advies stelt:

         

        De aanvraag bevat onvoldoende gegevens om te garanderen dat de risico’s en hinder als bedoeld in artikel 5.1.3 van het decreet algemene bepalingen inzake milieubeleid tot een aanvaardbaar niveau beperkt blijven.

         

        POVC

        Het dossier dient voorgelegd te worden aan de provinciale omgevingsvergunningscommissie. Deze dient uiterlijk 22 december 2025 te vergaderen.

         

        Beoordeling adviezen: de adviezen dienen strikt te worden nageleefd. De adviezen omvatten echter geen voorwaarden die een wijziging van het rooilijnplan tot gevolg kunnen hebben.

         

        Openbaar onderzoek

        Er werd een openbaar onderzoek georganiseerd van 03/10/2025 tot en met 01/11/2025.

        Er werden vier bezwaarschriften ingediend.

         

        Bezwaarschrift 1, 2 3

         

        De bezwaarschriften 1, 2 en 3 zijn identiek. Volgende elementen worden aangehaald.

        -       Behoud van open ruimte en landschappelijk karakter

        Het perceel fungeert als groene buffer tussen de bedrijfsactiviteiten en de omliggende woonzone. De aanvraag leidt tot bijkomende verharding en verdichting die ingaan tegen het BRV en het RSV die inzetten op zuinig ruimtegebruik en het behoud van open ruimte.

        -       Ecologische en klimaat technische waarde

        Het terrein zorgt voor waterinfiltratie en helpt tegen wateroverlast. Bij de recente wateroverlast in het industrieterrein en de omliggende woonstraten is gebleken dat de afwatering onder druk staat. Infiltratiezones dient behouden te worden en bijkomende verharding dient vermeden te worden. De graszone levert verkoeling en beperkt het hitte-eilandeffect; Het vormt een biotoop voor vogels, insecten en kleine fauna. Het verdwijnen van de groene zone zou een zeer negatieve impact hebben op de biodiversiteit en de klimaatbestendigheid.

        -       Ruimtelijke samenhang en bufferfunctie

        Het grasveld is een buffer naar de omgeving en vormt een visuele en harmonieuze overgang naar de woonomgeving. Bijkomende bebouwing verstoort deze overgang en het wooncomfort van de omwonenden door de toename van verkeer, geluid en verharding.

        -       Beleidsmatige context

        Nieuwe bebouwing dient geconcentreerd te worden in reeds verstedelijkte zones met hergebruik van bestaande site en met beperking van bijkomende innames van open ruimte. De verkaveling van de site druist in tegen deze beleidsdoelstelling.

         

        Bezwaarschrift 4

        Bezwaarschrift stelt dat de gevaarlijke producten die in de nieuwe loodsen opgeslagen zullen worden een negatieve impact zullen hebben op de waarde van de gebouwen in de omgeving.

         

        Evaluatie bezwaarschriften:

         

        Beleidsmatige context

        Binnen de beleidsmatige context wordt gekozen voor het verder gaan invullen van harde bestemmingen om de open ruimte te vrijwaren. Voorliggend project geeft invulling aan een nog niet benutte ruimte binnen een bestaande harde bestemming. Om open ruimte, zoals natuurgebieden, agrarische gebieden, en dergelijk te vrijwaren is het verder invullen van bestaande industriegebieden aangewezen.

         

        Het ontwerp is daarenboven efficiënt zodat een optimale invulling gegeven wordt aan de onbebouwde ruimte.

         

        Ecologische impact

        De ecologische waarde van het gazon is beperkt aangezien dit gemaaid wordt en gelegen is binnen een industriegebied waardoor aansluiting op natuurontwikkeling afwezig is. Het ontwerp voorziet om rondom het nieuwe bedrijfsgebouw een groenbuffer met inheemse plantensoorten aan te leggen. Deze nieuwe groenbuffer met infiltratie- en buffervoorzieningen en met compensatiebekkens betreft een gevarieerde ontwikkeling waar verschillende planten en dieren groenkansen krijgen. Dit draagt bij aan de natuurwaarde van de groenbuffer.

         

        De groenbuffer wordt daarbij voorzien van een talud met een hoogte van zo’n 3,2m die beplant zal worden. Op deze manier wordt een kwalitatieve buffer aangelegd tussen de woonomgeving en het bedrijf. De aanplant dient daarbij verzekert te worden.

         

        Water

        De uitbreiding zal plaats vinden in overstromingsgevoelig gebied. Binnen de aanvraag worden de nodige maatregelen genomen om zowel de inname van de ruimte voor water te compenseren in compensatiebekkens als om te voorzien in infiltratie- en bufferbekkens om het hemelwater ter plaatse te laten infiltreren. De conclusie van de dienst integraal waterbeheer wordt in deze bijgetreden.

         

        Gevaarlijke stoffen

        In de aanvraag is de opslag van verschillende gevaarlijke stoffen opgenomen. Het betreft de volgende rubrieken:

        • 17.1.2.1.3: de opslag van 9.974.750 l gevaarlijke gassen in verplaatsbare recipiënten
        • 17.3.2.1.1.1.b: de opslag van 3.415,3 kg stookolie in 2 bovengrondse stookoliedagtanks met een inhoud van 800 l elk en een bovengrondse stookolietank met een inhoud van 2.500 l bij Paepen
        • 17.3.2.1.2.3: de opslag van 36.325.900 kg overige ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3
        • 17.3.2.2.3.b: 9.508 ton brandgevaarlijke vloeistoffen van categorie 1 en 2
        • 17.3.2.3.2.a: 45 ton overige brandgevaarlijke vloeistoffen
        • 17.3.3.2.a: 45 ton oxiderende stoffen (GHS03)
        • 17.3.5.3: 49 ton giftige stoffen (GHS06)
        • 17.3.4.3: 40.015 ton corrosieve stoffen (GHS05)
        • 17.3.6.3: 40.015 ton schadelijke stoffen (GHS07)
        • 17.3.7.3: 40.015 ton op lange termijn voor de gezondheid schadelijke stoffen (GHS08)
        • NIE320 H. Essers Logistics Services Company nv p 3/22

         

        • 17.3.8.2: 194.950 kg milieugevaarlijke stoffen, waarvan maximaal 95 ton R50 en maximaal 190 ton R51/R53 (GHS09)

         

        Voor de opslag, overslag en eventuele behandeling van deze gevaarlijke stoffen zijn de sectorale voorwaarden van Vlarem II van toepassing, teneinde de risico’s die verbonden zijn aan deze activiteiten tot een minimum te beperken. De opslag van deze gevaarlijke stoffen is in industriegebied te verantwoorden.

         

        Conclusie

        Bezwaar 1, 2 en 3 zijn deels gegrond. Er wordt een voorwaarde opgelegd om de groeikansen van de groenbuffer te verzekeren.

         

        Bezwaar 4 is ongegrond. Wanneer de gevaarlijke stoffen worden opgeslagen en behandeld volgens de geldende wetgeving en best beschikbare technieken wordt het risico tot een minimum beperkt en zijn de nodige inrichtingen aanwezig om eventuele problemen correct en snel op te volgen.

         

         

        Motivatie inzake de zaak der wegen

        De voorgestelde wijziging aan het gemeentelijke wegennet kan als volgt worden gemotiveerd:

        1. Algemeen belang

        Overeenkomstig artikel 4, 1° van het decreet Gemeentewegen dienen wijzigingen van het

        gemeentelijk wegennet steeds ten dienste te staan van het algemeen belang.

        Voorliggend rooilijnplan strekt er toe om wegen opgenomen in de Atlas der Buurtwegen af te schaffen. De afschaffing kadert in een reeds jaren ontwikkeld bedrijventerrein. De wegen zijn reeds meer dan dertig jaar niet meer in gebruik en zijn op meerdere locaties volledig overbouwd door bestaande infrastructuur. Ze zijn daarom niet meer fysiek toegankelijk. In de praktijk zijn ze niet meer zichtbaar, bruikbaar en sluiten ze niet aan op het huidige functionele wegennet voor zachte mobiliteit. Hun afschaffing heeft geen negatieve impact op de algemene toegankelijkheid en draagt bij aan een efficiëntere ruimtelijke inrichting. De opheffing van de buurtwegen beperkt zich tot de delen die sinds geruime tijd niet meer bruikbaar of toegankelijk zijn door hun ligging binnen bedrijfspercelen in het industriegebied.

         

        1. Uitzonderingskarakter wijziging, verplaatsing of afschaffing

        Overeenkomstig artikel 4, 2° van het decreet Gemeentewegen is elke wijziging, verplaatsing of afschaffing van een gemeenteweg een uitzondering die gemotiveerd dient te worden.

        Blijkens de memorie van toelichting bij het decreet werd deze motiveringsplicht in het leven geroepen met het oog op de bescherming van de trage wegen, d.w.z. de wegen niet hoofdzakelijk bestemd voor gemotoriseerd verkeer, in het bijzonder de oude voetwegen opgenomen in de atlas der buurtwegen.

         

        De ontsluiting van het industrieterrein wordt verzekerd door de bestaande straten. Deze hebben de functie van de voet- en buurtwegen overgenomen. Het behoud of het opnieuw gebruiken van de trage wegen zou voor een verkeersonveilige situatie zorgen door het mengen van voetgangers- en bedrijfsverkeer. De opheffing heeft geen enkel gevolg voor de ontsluiting van de aangrenzende percelen. De aangrenzende percelen maken voor hun ontsluiting vandaag geen gebruik van de op te heffen buurtwegen.

         

        1. Verkeersveiligheid en ontsluiting aangrenzende percelen

        Overeenkomstig artikel 4, 3° dienen bij de beslissingen omtrent wijzigingen aan het gemeentelijk wegennet steeds de verkeersveiligheid en de ontsluiting van de aangelande percelen in aanmerking te worden genomen. De huidige wegenis vervangt de ontsluitings en verbindingsmogelijkheden van de trage wegen.

         

        1. Gemeentegrensoverschrijdend perspectief

        Overeenkomstig artikel 4, 4° van het decreet Gemeentewegen dient zo nodig de wijziging aan het gemeentelijk wegennet te worden beoordeeld in grensoverschrijdend perspectief. Het projectgebied ligt grotendeels op grondgebied van de gemeente Boom, een klein gedeelte van het projectgebied is op grondgebied Niel gelegen (ter hoogte van Tunnelweg). Door de opheffing van een deel van het tracé van de buurtwegen wordt dan ook geen hinder verwacht voor de buurgemeenten. Bovendien zal de opheffing in de praktijk geen enkele wijziging in gebruik van het terrein en de bestaande omliggende wegen veroorzaken aangezien het hier louter om een administratieve en juridische correctie gaat van buurtwegen die al meer dan dertig jaar niet in gebruik zijn.

         

        1. Actuele functie – toekomstige functies

        Overeenkomstig artikel 4, 5° van het decreet Gemeentewegen dient rekening gehouden te worden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder hierbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij dienen tevens de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten gelijktijdig tegen elkaar afgewogen te worden. De actuele functie als trage weg is onbestaande. De op te heffen gedeelten van de buurtwegen zijn niet meer zichtbaar, bereikbaar en niet meer in gebruik. Deze werden in het kader van de ontwikkeling van het bedrijventerrein vervangen door de huidige wegenis.

         

         

        Min-meerwaardevergoeding

         

        In toepassing van artikel 28 van het decreet houdende de gemeentewegen werden schattingsverslagen opgesteld om de waardevermindering of waardevermeerdering te bepalen van de grond waarop de gemeenteweg gesitueerd is. Deze schattingsverslagen maken deel uit van de dossierbundel.

         

        Het schattingsverslag concludeert dat er geen meer- of minwaarde te verwachten is. Daarbij wordt verwezen naar artikel 28 van het gemeentewegendecreet. Dit artikel gaat als volgt: “De waardevermeerdering wordt geacht nihil te zijn als de gemeenteweg in de feiten verdwenen is, omdat infrastructuren door of in opdracht van de overheid zijn aangelegd of omdat de gemeenteweg werd bebouwd krachtens een rechtsgeldige, niet-vervallen vergunning die werd verleend vóór 1 september 2019.”

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

         

         

        Bijlagen

        In bijlage zijn volgende documenten toegevoegd:

        -          Rooilijnplan

        -          Schattingsverslagen min-/meerwaarde

        -          Motivatienota

         

        Louter informatief worden ook volgende documenten ter beschikking gesteld (projectinhoudversie 3):

        -          Inplantingsplan:

        • Plan bestaande toestand
        • Plan nieuwe toestand

        -          Terreinprofielen:

        • Bestaande toestand
        • Nieuwe toestand

        -          Verantwoordingsnota

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche
        Resultaat: Met 14 stemmen voor, 7 onthoudingen
        Besluit

        Art. 1: De gemeenteraad verleent goedkeuring aan het grafisch plan d.d. 08/07/2025 opgemaakt door landmeterskantoor J+T Collin handelend voor H. Essers logistic company NV, zoals toegevoegd in bijlage en deel uit makende van de omgevingsvergunningsaanvraag met referentie OMV_2025035292, voor een zone grond gelegen aan de Industrieweg, kadastraal gekend onder Boom, 1ste afdeling, sectie A, nr. 159S2 en 219L2.

        Art. 2: De gemeenteraad gaat akkoord met de bepaling van de min- en meerwaarde zoals opgenomen in de schattingsverslagen d.d. juli 2025, opgemaakt door landmeterskantoor J+T Collin onderschreven door landmeter-expert Thomas Collin.

        Art 3: Tegen dit besluit van de gemeenteraad kan binnen de 30 dagen in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering. De procedure van dit beroep verloopt volgens art. 31/1 van het Omgevingsdecreet.

        Art. 4: Dit besluit van de gemeenteraad is nietig:

        • wanneer de omgevingsvergunning met dossiernummer OMV_2025035292 (OMV/202500108/OPR) op 23 september 2025 ingediend bij de provincie Antwerpen voor de bouw van twee nieuwe bedrijfshallen niet wordt verleend, of wanneer deze in administratief of jurisdictioneel beroep wordt vernietigd;

        • wanneer het voorwerp van de omgevingsvergunning niet binnen de in de vergunning voorziene of wettelijke termijn wordt gerealiseerd.

        Art. 5: De voorzitter en de algemeen directeur of hun respectievelijke plaatsvervanger(s) wordt machtiging verleend tot ondertekening van de vereiste akten.

         

    • Grondgebiedszaken - Openbare werken

      • DIENST GRONDGEBIEDSZAKEN - PATRIMONIUM - WYRE- INPLANTING TECHNISCHE CABINE - OPSTALOVEREENKOMST

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Feiten en context

        Wyre maakt ons de ontwerptekst van een opstalovereenkomst over voor het plaatsen van een technische cabine aan de Vrijheidsstraat op een deel (30 m²) van het perceel, gemeente eigendom, kadastraal gekend sectie A nr 101 P.

        Het college van burgemeester en schepenen nam in de zitting van 24.11.2025 kennis van het ontwerp  van opstalovereenkomst tussen de gemeente en Wyre voor de plaatsing van een technische cabine aan de Vrijheidsstraat op een deel (30 m²) van het perceel, gemeente eigendom, kadastraal gekend sectie A nr 101 P. Besliste om dit dossier voor goedkeuring te verzenden naar de gemeenteraad en Igean aan  te duiden om dit dossier te begeleiden en de akte te verlijden.

        Adviezen en argumenten

        Positief advies van de dienst grondgebiedzaken op voorwaarde dat de betegeling rond de cabine aansluit bij de bestaande betegeling van de huidige cabine en dat de ruimte tussen de beide cabines afgesloten kan worden, om te voorkomen dit dat oneigenlijk gebruikt kan worden.

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        - Ontwerp en plan

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Verdaagd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Enig artikel: De gemeenteraad verdaagt de opstalovereenkomst tussen de gemeente en Wyre voor de plaatsing van een technische cabine aan de Vrijheidsstraat op een deel (30 m²) van het perceel, gemeente eigendom, kadastraal gekend sectie A nr 101 P naar de volgende gemeenteraad.

      • PUNT BIJ HOOGDRINGENDHEID - DIENST GRONDGEBIEDSZAKEN - OPENBARE WERKEN - RENOVATIE KAPEL FASE I - BEEINDIGING OVEREENKOMST

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Het gemeentebestuur van Boom werd op 17.01.2015 eigenaar van de Kapel, Kapelstraat +96. De gemeente wenste dit beeldbepalend gebouw dat opgenomen is in de inventaris van het Bouwkundig Erfgoed een nieuwe eigentijdse toekomst geven, meer integreren en beter bereikbaar maken.

        Na het uitschrijven van een architecturale ideeënwedstrijd besliste de gemeenteraad van 21.04.2016 om met Els Van Reeth van Plek interieur- en architectenbureau, Atletenstraat 7 - 2020 Antwerpen in zee te gaan, voor de realisatie van een jeugdhuis en herbestemming van de voormalige Kapel. De gemeenteraad van 07.12.2017 besliste het aanbestedingsdossier van 09.11.2017 goed te keuren en de opdracht te gunnen bij wijze van openbare aanbesteding. De gemeenteraad besliste op 22.02.2016 om akkoord te gaan met de verlenging van de architectenovereenkomst.

        In het college van 28.05.2018 werden de renovatiewerken van de Kapel voor wat betreft perceel 1A casco en hellend dak gegund aan Alpas NV, Steenkaaistraat 19 - 9200 Dendermonde voor een bedrag van 484.200,12 € BTW verlegd.

        Feiten en context

        De werken zoals beschreven in Fase 1 werden op 08.02.2024 definitief opgeleverd. De werken tot renovatie van de voormalige kapel worden niet meer verdergezet. Er werd een "overeenkomst tot minnelijk beëindiging van de architectenovereenkomst - werf in uitvoering" opgemaakt.

        Juridische gronden

        -       inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Bijlagen

        overeenkomst

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 14 stemmen voor, 4 stemmen tegen, 3 onthoudingen
        Besluit

        Enig artikel: De gemeenteraad keurt de  "overeenkomst tot minnelijk beëindiging van de architectenovereenkomst - werf in uitvoering" goed.

    • Financiële dienst - aankoopdienst

      • DIENST FINANCIËN - BEL 1 - BELASTINGREGLEMENT AANVULLENDE GEMEENTEBELASTING OP DE PERSONENBELASTING- AANSLAGJAAR 2026-2031 HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In collegezitting van 12/12/2016 werd beslist om dit belastingreglement naar de gemeenteraad te verzenden met het verzoek het bestaande belastingreglement op de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting in te trekken en een nieuw reglement te stemmen met verminderd tarief aanvang nemende op 01/01/2017 en eindigend op 31/12/2019

         

        In de gemeenteraadszitting van 22/12/2016 werd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2017 en eindigend op 31/12/2019 een jaarlijkse aanvullende gemeentebelasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 1 januari van het jaar dat zijn naam geeft aan het aanslagjaar.

         

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026 een jaarlijkse aanvullende gemeentebelasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 1 januari van het jaar dat zijn naam geeft aan het aanslagjaar.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het belastingreglement op de aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht.

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Artikelen 465 tot en met 470bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen.

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

         

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Kimberly Van Assche
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 14 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 4 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Er wordt voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 een jaarlijkse aanvullende belasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 1 januari van het jaar dat zijn naam geeft aan het aanslagjaar.

        Art.2: De belasting wordt vastgesteld op 7,9 % van het overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar. Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande jaar.

        Art.3: De vestiging en de inning van de gemeentelijke belasting zullen door toedoen van het Bestuur der Directe Belastingen geschieden, zoals bepaald in artikel 469 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen.

        Art.4: Indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek zal deze verordening als definitief aanzien aan de hogere overheid overgemaakt worden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 3 - BELASTINGREGLEMENT GEMEENTELIJKE OPCENTIEMEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In gemeenteraadszitting van 19 december 2013 werd het belastingreglement gemeentelijke opcentiemen gestemd voor een periode aanvang nemend op 01.01.2014 en eindigend op 31.12.2019.

        Door het gewijzigde artikel 2.1.4.0.1 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit zal de basisheffing van de onroerende voorheffing in het Vlaams Gewest vanaf het aanslagjaar 2018 stijgen van 2,5% naar 3,97% van het kadastraal inkomen.

        Het gewijzigde artikel 2.1.4.0.2, §2, eerste lid, van de Vlaamse Codex Fiscaliteit verplicht de gemeenten om hun gemeentelijke opcentiemen dientengevolge aan te passen:

        “Voor iedere gemeente van het Vlaamse Gewest mag het tarief, vermeld in artikel 2.1.4.0.1, op zichzelf de opbrengst van de gemeentelijk opcentiemen van het aanslagjaar waarin dit artikel in werking treedt niet verhogen ten opzichte van het vorige aanslagjaar”.

        om de fiscale druk op hetzelfde niveau te behouden als voor het aanslagjaar 2017 dient de gemeente haar opcentiemen ten opzichte van het aanslagjaar 2017 te delen door 1,588.

        In gemeenteraadszitting van 21/12/2017 werd het bestaande reglement opgeheven op 31/12/2017 en een gewijzigd reglement gestemd met de opgelegde aanpassing van de opcentiemen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2018 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het bestaande reglement opgeheven op 31/12/2019 en een gewijzigd reglement gestemd met de opgelegde aanpassing van de opcentiemen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het belastingreglement gemeentelijke opcentiemen ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Artikel 170, §4, van de Grondwet

        - Artikel 464, 1°, van het Wetboek Inkomstenbelastingen van 10 april 1992

        - Decreet van 13 december 2013 houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit

        - Decreet van 18 november 2016 houdende de vernieuwde taakstelling en gewijzigde financiering van de provincies

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Kimberly Van Assche
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 14 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 4 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Een belastingreglement opcentiemen op de onroerende voorheffing te stemmen aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031, waarbij jaarlijks ten bate van de gemeente 976 opcentiemen op de onroerende voorheffing wordt geheven.

        Art.2: De vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door toedoen van de Vlaamse Belastingdienst.

        Art.3: Indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek, zal bovenvermeld besluit als definitief worden beschouwd en aan de hogere overheid worden toegezonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 19 - BELASTINGREGLEMENT OP HET ONTBREKEN VAN PARKEERPLAATSEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Gemeenteraadsbesluit van 16 maart 2015 betreffende de stedenbouwkundige verordening inzake parkeren en stallen van auto’s en fietsen en realisatie van bergruimten;

         

        In collegezitting van 07/09/2015 werd beslist om het belastingreglement op het ontbreken van parkeerplaatsen naar de gemeenteraad te zenden met het voorstel dit reglement in te voeren en te stemmen voor een periode aanvang nemend op 24/09/2015 en eindigend op 31/12/2019.

         

        In gemeenteraadszitting van 24/09/2015 werd het belastingreglement op het ontbreken van parkeerplaatsen ingevoerd en gestemd voor een periode aanvang nemend op 24/09/2015 en eindigend op 31/12/2019.

         

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het belastingreglement op het ontbreken van parkeerplaatsen ingevoerd en gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen.

        De belasting is een doelbelasting om de parkeerplaatsen en fietsenstallingen, welke nodig zijn volgens de stedenbouwkundige vergunning aan te leggen, of de vervangende belasting te betalen indien het aanleggen van een parking om stedenbouwkundige reden onmogelijk of ongewenst is.

        Belasting op het ontbreken van parkeerplaatsen bij het optrekken van nieuwe gebouwen en/of bestemmingswijzigingen aan bestaande gebouwen.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist het bestaande belastingreglement op het ontbreken van parkeerplaatsen in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        -        Het besluit van de Bestendige Deputatie van de Provincie Antwerpen d.d. 25 juni 2015

        -        Publicatie van de stedenbouwkundige verordening betreffende parkeren en stallen van auto’s en fietsen in het Belgisch Staatsblad van 24 juli 2015. 

        -        Het gemeentedecreet, onder meer artikel 42 § 3;

        -        Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Verdaagd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        De gemeenteraad verdaagd het bestaande belastingreglement op het ontbreken van parkeerplaatsen in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 met volgende artikels naar de volgende gemeenteraad.

        Art.1: Voor een termijn aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt een belasting geheven op het ontbreken van parkeerplaatsen bij het optrekken van nieuwe gebouwen en/of bestemmingswijzigingen aan bestaande gebouwen.

        Art.2: De belasting is verschuldigd door de houder van een stedenbouwkundige vergunning afgeleverd volgens de bepalingen van de stedenbouwkundige verordening inzake parkeren en stallen van auto’s en fietsen en realisatie van bergruimten en:

        a) die, op grond van deze vergunning, ontheven wordt van de verplichting of in de onmogelijkheid verkeert één of meer van de in de stedenbouwkundige vergunning voorgeschreven parkeerplaatsen aan te leggen binnen de voorgeschreven tijd.

        b) die één of meer van de in deze stedenbouwkundige vergunning verplicht aan te leggen parkeerplaatsen niet heeft aangelegd binnen de voorgeschreven tijd.

        c) die een andere bestemming geeft aan parkeerplaatsen, welke voor een stedenbouwkundige vergunning in aanmerking kwamen, voor de berekening van het aantal nodige parkeerplaatsen en indien de inrichting blijft bestaan waaraan deze parkeerplaatsen verbonden zijn.

        Art.3: De belasting is verschuldigd na de definitieve vaststelling van het aantal ontbrekende parkeerplaatsen zoals omschreven in de stedenbouwkundige verordening. Deze definitieve vaststelling geschiedt conform de bepalingen van de stedenbouwkundige verordening.

        Art.4: De belasting bedraagt:

        20.000,00 euro per ontbrekende parkeerplaats en jaarlijks gecumuleerd te indexeren met 1,5 % afgerond naar de hogere euro.

        Art.5: De belasting wordt door middel van een kohier ingevorderd. Het kohier wordt opgemaakt en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.

        Art.6: De vestiging, de invordering en de geschillenprocedure gebeuren volgens de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen.

        Art.7: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 26 - BELASTINGREGLEMENT OP HET VERWIJDEREN VAN AANPLAKKINGEN, GRAFFITI E.A. OP DE OPENBARE WEG - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In collegezitting van 25/11/2013 werd beslist om het belastingreglement op het verwijderen van wederrechtelijk aangebrachte graffiti, aanplakkingen, reclame- en aankondigingsborden en –panelen en bewegwijzeringen op de openbare weg of op het openbaar domein naar de gemeenteraad te verzenden met het voorstel dit reglement ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd dit belastingreglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In collegezitting van 09/12/2019 werd beslist om het belastingreglement op het verwijderen van wederrechtelijk aangebrachte graffiti, aanplakkingen, reclame- en aankondigingsborden en –panelen en bewegwijzeringen op de openbare weg of op het openbaar domein naar de gemeenteraad te verzenden met het voorstel dit reglement ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd dit belastingreglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op het verwijderen van wederrechtelijk aangebrachte graffiti, aanplakkingen, reclame- en aankondigingsborden en –panelen en bewegwijzeringen op de openbare weg of op het openbaar domein in te trekken en een hernieuwd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        In analogie met de teruggevonden reglementen bij lokaal bestuur Schellen is het aangewezen om het tarief te wijzigigen.

        Lokaal bestuur Schelle stemde voor de periode 2019-2024 een belasting op het verwijderen van wederrechtelijk aangebrachte graffiti, aanplakkingen, stickers, reclame- en aankondigingsborden en -panelen en bewegwijzering aangebracht op de openbare weg of op het openbaar domein.

        De belasting werd vastgesteld als volgt:

        - 13,50 EUR per verwijderde aanplakbrief of sticker.

        - 13,50 EUR per arbeidsuur per arbeider belast met de verwijdering van de verwijderde wederrechtelijk aangebrachte graffiti, aanplakkingen, stickers, reclame- en aankondigingsborden en -panelen en bewegwijzering aangebracht op de openbare weg of op het openbaar domein, vermeerderd met 27,50 EUR per vrachtwagen per uur en/of 41,00 EUR per kraan en per uur die daarbij moet worden ingezet, chauffeur inbegrepen. Elk begonnen uur wordt als een vol uur aangerekend.

        De minimum belasting bedraagt 82,00 EUR.

        Indien voor het verwijderen een tussenkomst vereist is van een gespecialiseerde onderneming dan zal de gefactureerde kostprijs ter zake aan de belastingplichtige doorgerekend worden, vermeerderd met 68,00 EUR administratiekosten.

         

        Lokaal bestuur Kapellen stemde voor de periode 2020-2025 een belasting op het verwijderen van wederrechtelijk aangebrachte graffiti, of enig ander soort van verf, aanplakkingen, panelen en bewegwijzeringen aangebracht op de openbare weg of op het openbaar domein.

        De belasting werd vastgesteld op 25,00 EUR per verwijderde aanplakbrief, 25,00 EUR per verwijderde bewegwijzering en op 100,00 EUR per m² voo het verwijderen van graffiti of enig ander soort van verf.

        Indien voor het verwijderen een tussenkomst vereist is van een gespecialiseerde of particuliere onderneming dan zal de gefactureerde kostprijs ter zake aan de belastingplichtige doorgerekend worden, vermeerderd met 65,00 EUR administratiekosten.

         

        Huidig tarief voor lokaal bestuur Boom:

        De belasting wordt vastgesteld als volgt:

        -     van 15,00 EUR per verwijderde aanplakbrief.

        -     15,00 EUR per arbeidsuur per arbeider belast met de verwijdering van de overige in artikel 1 vermelde zaken, vermeerderd met 30,00 EUR per vrachtwagen per uur en/of 45,00 EUR per kraan en per uur die daarbij moet worden ingezet, chauffeur inbegrepen. Elk begonnen uur wordt als een vol uur aangerekend.

        De belasting bedraagt minimum 90,00 EUR.

        Indien voor het verwijderen de tussenkomt vereist is van een gespecialiseerde onderneming dan zal de gefactureerde kostprijs terzake aan de belastingplichtige doorgerekend worden, vermeerderd met 70,00 EUR voor administratiekosten.

         

        Voorgestelde wijziging voor lokaal bestuur Boom:

        De belasting wordt vastgesteld als volgt:

        -     van 20,00 EUR per verwijderde aanplakbrief.

        -     20,00 EUR per arbeidsuur per arbeider belast met de verwijdering van de overige in artikel 1 vermelde zaken, vermeerderd met 35,00 EUR per vrachtwagen per uur en/of 50,00 EUR per kraan en per uur die daarbij moet worden ingezet, chauffeur inbegrepen. Elk begonnen uur wordt als een vol uur aangerekend.

        De belasting bedraagt minimum 100,00 EUR.

        Indien voor het verwijderen de tussenkomt vereist is van een gespecialiseerde onderneming dan zal de gefactureerde kostprijs terzake aan de belastingplichtige doorgerekend worden, vermeerderd met 75,00 EUR voor administratiekosten.

        Deze bedragen worden jaarlijks gecumuleerd geïndexeerd met een vaste coëfficiënt van 1,5%, afgerond naar de hogere euro.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        -       Artikel 170, §4 Grondwet

        -       Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009

        -       Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt een belasting gevestigd op het verwijderen door het gemeentebestuur van allerhande graffiti, aanplakkingen, reclame- en aankondigingsborden en -panelen en bewegwijzeringen, die geplaatst of aangebracht worden op de openbare weg of op het openbaar domein ofwel in strijd met de verleende toelating ofwel zonder toelating.

        Art.2: De belasting is verschuldigd:

        - voor reclameborden, aankondigingsborden of -panelen, door degene die het gebruiksrecht heeft over het bord of het paneel of, indien deze niet gekend is, door de eigenaar van het goed waarop het beschouwde bord of paneel werd geplaatst of aangebracht.

        - voor de wegwijzers, door de natuurlijke of rechtspersoon op wiens initiatief de wegwijzer werd geplaatst of, indien deze niet gekend is, door degene wiens benaming voorkomt op de wederrechtelijk geplaatste wegwijzer.

        - voor aanplakkingen, door de verantwoordelijke voor de wederrechtelijke aanplakking en zo deze niet gekend is, door de organisator van de manifestatie, vermeld op de aanplakbrief.

        - voor wederrechtelijk aangebrachte graffiti door de opdrachtgever en indien deze niet gekend is, door de persoon die de graffiti heeft aangebracht.

        Art.3

        De belasting wordt vastgesteld als volgt:

        - 20,00 EUR per verwijderde aanplakbrief.

        - 20,00 EUR per arbeidsuur per arbeider belast met de verwijdering van de overige in artikel 1 vermelde zaken, vermeerderd met 35,00 EUR per vrachtwagen per uur en/of 50,00 EUR per kraan en per uur die daarbij moet worden ingezet, chauffeur inbegrepen. Elk begonnen uur wordt als een vol uur aangerekend.

        De belasting bedraagt minimum 100,00 EUR.

        Indien voor het verwijderen de tussenkomt vereist is van een gespecialiseerde onderneming dan zal de gefactureerde kostprijs terzake aan de belastingplichtige doorgerekend worden, vermeerderd met 75,00 EUR voor administratiekosten.

        Deze bedragen worden jaarlijks gecumuleerd geïndexeerd met een vaste coëfficiënt van 1,5%, afgerond naar de hogere euro.

        Art.4: De belastingschuld ontstaat vanaf de dag van de verwijdering waarna de belasting zal worden ingekohierd.

        Art.5: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.

        Art.6: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - RET 22 RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR HET VERNIEUWEN, VERLENGEN OF VERVANGEN VAN VERBLIJFSVERGUNNINGEN, ZIJNDE HET BEWIJS VAN INSCHRIJVING IN HET VREEMDELINGENREGISTER - TIJDELIJK VERBLIJF - 2026-2031 - HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Tussen juli 2015 en september 2015 ging het meetbureau van de Dienst Administratieve Vereenvoudiging over tot de meting van de administratieve lasten voor gemeenten omtrent de aanvragen tot verlenging van het verblijf van een vreemdeling.

        Hierin werd in beeld gebracht wat de administratieve kosten zijn van een aanvraag tot verlenging van een verblijf en welke verschillende stappen door de gemeente dienen doorlopen te worden alvorens de documenten aan de vreemdeling kunnen worden afgeleverd.

        Uit deze meting bleek dat de administratieve kost voor de gemeenten bij de verlenging van het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister – tijdelijk verblijf (de elektronische vreemdelingenkaart A) ongeveer 50 EUR bedroeg.

        Naar aanleiding van dit onderzoek werd aan de Wet van 14 maart 1968 tot opheffing van de wetten betreffende de verblijfsbelasting voor vreemdelingen, gecoördineerd op 12 oktober 1953, een artikel 2, §2 ingevoegd bij Wet van 18 december 2016. Deze bepaling maakt het mogelijk voor de gemeenten om een retributie te innen voor het vernieuwen, verlengen of vervangen van bepaalde door de Koning vastgelegde verblijfsvergunningen.

        De Koning heeft bij Koninklijk besluit deze wet uitgevoerd op 5 maart 2017 waardoor de gemeente een retributie kan vestigen op het vernieuwen, verlengen of vervangen van het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister – tijdelijk verblijf, de zogenaamde elektronische A-kaart. De Koning legde het maximumbedrag vast op 50 EUR.

        In de collegezitting van 29/05/2017 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te zenden met het voorstel om een retributiereglement voor het vernieuwen,verlengen of vervangen van verblijfsvergunningen, zijnde het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister  - tijdelijk verblijf (A-kaart) in te voeren.

        De gemeenteraad stemde in zitting van 15/06/2017 een retributiereglement voor het vernieuwen,verlengen of vervangen van verblijfsvergunningen, zijnde het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister  - tijdelijk verblijf (A-kaart) voor een periode aanvang nemend op datum van zitting en eindigend op 31/12/2019.

        De gemeenteraad stemde in zitting van 19/12/2019 een retributiereglement voor het vernieuwen,verlengen of vervangen van verblijfsvergunningen, zijnde het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister  - tijdelijk verblijf (A-kaart) voor een periode aanvang nemend 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk om belastingen te heffen en retributies te vorderen.

        Gemeentebesturen kunnen voor bepaalde prestaties en diensten die voor de administratieve diensten  arbeids- en tijdsintensief zijn en die in het individueel belang of voordeel zijn van diegene die om die prestatie of dienst vraagt, een billijke vergoeding vragen.

        Het vernieuwen, verlengen of vervangen van een verblijfsvergunning, zijnde het afleveren van het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister – tijdelijk verblijf, is een dienstverlening van de gemeente aan de burger  waarvoor een retributie kan worden gevraagd.

        De gemeente legt het bedrag van de retributie vast op het maximumbedrag van 50 EUR gelet op het feit dat de administratieve lasten voor de gemeente bij de verlenging, vernieuwing en vervanging van het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister – tijdelijk verblijf (de elektronische vreemdelingenkaart A) zeer hoog liggen.

        Voor studenten, vorsers, minderjarigen en humanitair geregulariseerden wordt de retributie verlaagd tot 5 EUR. De gemeente neemt een deel van de kosten op zich van deze dossiers omwille van de specifieke hoedanigheid van de aanvrager.

        Het college besliste in zitting van 09/12/2019 om het retributiereglement voor het vernieuwen,verlengen of vervangen van verblijfsvergunningen, zijnde het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister  - tijdelijk verblijf (A-kaart) ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor het vernieuwen, verlengen of vervangen van het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister – tijdelijk verblijf hernieuwd te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.  

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Verdaagd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        De gemeenteraad verdaagd het retributiereglement voor het vernieuwen, verlengen of vervangen van het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister – tijdelijk verblijf hernieuwd te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 met volgende artikels naar de volgende gemeenteraad.


        Art.1: Met ingang van 01/01/2026 en voor een termijn eindigend op 31/12/2031 wordt een retributie gevestigd op het vernieuwen, verlengen of vervangen van het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister – tijdelijk verblijf, verder genoemd de “elektronische A-kaart”.

        Art.2De retributie voor het vernieuwen, verlengen of vervangen van de elektronische A-kaart bedraagt 50,00 EUR

        Art.3: §1 In uitzondering van artikel 2 bedraagt de retributie voor het vernieuwen, verlengen of vervangen van de elektronische A-kaart 5,00 EUR voor de aanvrager die gemachtigd is tot een verblijf van meer dan 3 maanden in België als student, als vorser of op basis van een humanitaire regularisatie op grond van artikel 9bis van de Vreemdelingenwet;

        OF

        minderjarig is op moment van de aanvraag.

         

        §2 In afwijking van §1 bedraagt de retributie voor het vernieuwen, verlengen of vervangen van de elektronische A-kaart in dringende en zeer dringende procedure 25,00 EUR.

        Art.4: Deze retributie kan maar één keer per kalenderjaar geïnd worden.

        Art.5: De retributie is verschuldigd door de aanvrager en dient bij de aanvraag van de vernieuwing, verlenging of vervanging van de elektronische A-kaart betaald te worden. De retributie is niet restitueerbaar.

        Art.6: Artikel 94 van het gemeentedecreet voorziet in de mogelijkheid om een dwangbevel uit te vaardigen met het oog op de invordering van onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen. Bij betwisting kan het gemeentebestuur zich tot de burgerlijke rechtbank wenden om de retributie in te vorderen. De rechtbanken van het arrondissement Antwerpen zijn bevoegd.

        Art.7: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek.


      • DIENST FINANCIËN - BEL 4 - BELASTINGREGLEMENT MILIEU- AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente, is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        In gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd het reglement milieubelasting gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadszitting van 18/01/2018 werd het voorstel gedaan om in het belastingreglement milieubelasting met ingang van 1 januari 2018 volgende vrijstellingsbepaling op te nemen:

        Vrijstelling voor opstartende zelfstandigen en bestaande bedrijven met een bedrijfsoppervlakte kleiner of gelijk aan 200 m² en dit voor een periode van drie jaar.

        In gemeenteraadszitting van 22/02/2018 werd het bestaande reglement opgeheven en een gewijzigd reglement milieubelasting gestemd met opname van de bijkomende vrijstellingsbepaling en dit voor een periode aanvang nemend op 01/01/2018 en eindigend op 31/12/2019.

        In collegezitting van 09/12/2019 werd beslist om het belastingreglement milieubelasting naar de gemeenteraad te verzenden met het voorstel dit reglement ongewijzigd te herstemmen, behoudens de overgangsregeling in de vijstellingsbepaling, dewelke zonder voorwerp is geworden, voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Als overgangsregeling werd bepaald dat de vrijstelling ook nog wordt toegekend aan zelfstandigen/ bedrijven of vestigingseenheden met een bedrijfsoppervlakte kleiner of gelijk aan 200 m² en die zijn geopend of opgestart in Boom na 01/01/2015 en voor 01/01/2017, waarbij zij naargelang de datum van opstart/opening nog recht hebben op 1 of 2 jaar vrijstelling: er wordt vrijstelling toegekend voor het aanslagjaar 2018 voor zelfstandigen/bedrijven of vestigingseenheden die zijn geopend/of opgestart op het grondgebied van Boom in 2015. Er wordt vrijstelling toegekend voor de aanslagjaren 2018-2019 voor bedrijven of vestigingseenheden die zijn geopend/of opgestart op het grondgebied van Boom in 2016. 

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het bestaande reglement opgeheven en een ongewijzigd reglement milieubelasting gestemd, behoudens de overgangsregeling in de vijstellingsbepaling, dewelke zonder voorwerp is geworden, voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente, is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Gedurende 25 jaar werd het tarief ongewijzigd behouden, hernieuwd en herstemd. Er werd enkel binnen deze periode een vrijstellingsbepaling ingevoerd. De natuurlijke en rechtspersonen die hun zelfstandige activiteit hebben opgestart op grondgebied Boom in het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar en met een bedrijfsoppervlakte kleiner of gelijk aan 200 m² worden voor een periode van de eerste drie jaar aaneensluitend vrijgesteld. De vrijstelling dient aangevraagd te worden voor 30 juni van het aanslagjaar.

        Daarom is het noodzakelijk om een indexering door te voeren voor deze belasting naar analogie met andere reglementen. Om tot een realistisch tarief te komen vanaf 2026 dient rekening gehouden te worden met het ongewijzigd niet-geindexeerd tarief gedurende 25 jaar aangepast t/m 2025. Het tarief wordt jaarlijks aangepast door middel van een gecumuleerde index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om dit belastingreglement naar de gemeenteraad te verzenden met het verzoek het bestaande belastingreglement op milieu in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 17 stemmen voor, 4 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Er wordt voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 een jaarlijkse milieubelasting geheven.


        Art.2: De belasting is hoofdelijk en ondeelbaar verschuldigd voor een gans aanslagjaar door de natuurlijke en de rechtspersonen die op 1 januari van het aanslagjaar als hoofd- en/of bijkomende activiteit op het grondgebied van de gemeente:

        -     een nijverheids-, landbouw- of handelsbedrijf exploiteren;

        -     een vrij beroep of een zelfstandige activiteit uitoefenen, inbegrepen de vennootschappen in vereffening waarvan de activiteit zich beperkt tot de vereffeningsverrichtingen.

        De belasting wordt gevestigd overeenkomstig de toestand op 1 januari van het aanslagjaar.

        De rechtspersonen bedoeld in artikelen 180, 181 en 182 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 zijn evenwel niet aan de belasting onderworpen.

         

        Art.3: De milieubelasting is verschuldigd op basis van de oppervlakte per afzonderlijke vestiging hoe dan ook genoemd, gelegen op het grondgebied van de gemeente en door de belastingplichtige gebruikt of tot zijn gebruik voorbehouden op 1 januari van het aanslagjaar.


        Art.4: De belasting wordt per vestiging op het grondgebied van de gemeente als volgt vastgesteld :

        1)   Vergunningsplichtige inrichtingen, klasse 1

        -     2,69 EUR per m2 bebouwde bedrijfsoppervlakte

        -     0,45 EUR per m2 onbebouwde bedrijfsoppervlakte

        met een minimum van 2.226,47 EUR en een maximum van 53.433,51 EUR

         

        2)   Vergunningsplichtige inrichtingen, klasse 2

        -     2,25 EUR per m² bebouwde bedrijfsoppervlakte

        -     0,45 EUR per m² onbebouwde bedrijfsoppervlakte

        met een minimum van 1.335,52 EUR en een maximum van 22.263,81 EUR

         

        3)   Meldingsplichtige inrichtingen klasse 3, niet-vergunningsplichtige inrichtingen en vrije beroepen

        a)     bedrijfsoppervlakte kleiner of gelijk aan 200 m2: 222,74 EUR

        b)    bedrijfsoppervlakte groter dan 200 m2 :

        -     1,80 EUR per m² bebouwde bedrijfsoppervlakte

        -     0,45 EUR per m² onbebouwde bedrijfsoppervlakte

        met een minimum van 534,39 EUR en een maximum van 11.132,36 EUR

        Als oppervlakte komt in aanmerking de vloeroppervlakte per bouwlaag, en het aanpalend terrein met inbegrip van alle aanhorigheden die met de exploitatie van het bedrijf een functionele band hebben, met inbegrip van alle stallingen, serres, warenhuizen, hangars, enz.

        Deze tarieven worden jaarlijks aangepast door middel van een gecumuleerde index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.


        Art.5: Zijn van de belasting vrijgesteld :

        -     de onroerende goederen of gedeelten van onroerende goederen bestemd voor een dienst van openbaar nut.

        -     sommige inrichtingen die door hun meestal onbezoldigde of niet-gesubsidieerde activiteit, een belangrijke bijdrage leveren voor het milieubeleid en het natuurbehoud, zoals imkers en vogelopvangcentra.

        -     De natuurlijke en de rechtspersonen overeenkomstig artikel 2, die hun zelfstandige activiteit hebben opgestart op het grondgebied van Boom in het jaar voorafgaand aan het belastingplichtige aanslagjaar en dit met een bedrijfsoppervlakte kleiner of gelijk aan 200 m² worden voor een periode van de eerste drie jaar aaneensluitend vrijgesteld. De vrijstelling dient aangevraagd te worden voor 30 juni van het aanslagjaar.


        Art.6: In afwijking van art. 4 wordt deze belasting berekend aan 1,56 EUR per m² voor de private stortplaatsen en voor de opslagplaatsen van schroot en voertuigen buiten gebruik voor de bebouwde en onbebouwde bedrijfsoppervlakte samen.

        Wordt als belastbare opslagplaats aanzien elke op het grondgebied in open lucht gelegen stapelplaats ongeacht de hoeveelheid opgestapeld materiaal, wanneer men staande op om het even welk punt van een openbare weg, kenmerken van de stapelplaats kan onderscheiden.

        Dit tarief wordt jaarlijks aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.


        Art.7: De belastingplichtige is gehouden voor 30 juni van het aanslagjaar spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.


        Art.8: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30.05.2008 en haar aanpassingen.


        Art.9: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 7 - BELASTINGREGLEMENT OP AANPLAKBORDEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd beslist het belastingreglement op aanplakborden te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd beslist het belastingreglement op aanplakborden te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om dit belastingreglement naar de gemeenteraad te verzenden met het verzoek het bestaande belastingreglement op aanplakborden in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        In analogie met de teruggevonden reglementen bij buurgemeenten Niel en Aartselaar is het aangewezen om het tarief te wijzigigen van 24,79 EUR per m² naar 150,00 EUR per m² en jaarlijks gecumuleerd te indexeren met 1,5 %, afgerond naar de hogere euro.

        Lokaal bestuur Aartselaar stemde voor aanslagjaar 2025 een bedrag van 30,00 EUR per m² niet-geïndexeerd.

        Lokaal bestuur Niel stemde voor aanslagjaar 2020-2025 een bedrag van 150,00 EUR per m² en wordt jaarlijks gecumuleerd geïndexeerd met een vaste coëfficiënt van 1,5%, afgerond naar de hogere euro.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        -        Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 17 stemmen voor, 4 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt een jaarlijkse belasting geheven op de aanplakborden voor publiciteitsdoeleinden.

        Art.2: Onder aanplakborden wordt verstaan elke constructie in onverschillig welk materiaal, geplaatst langs de openbare weg of op een plaats in open lucht, die zichtbaar is vanaf de openbare weg, waarop reclame wordt aangebracht door aanplakking, vasthechting, schildering of door elk ander middel, met inbegrip van muren of gedeelten van muren en de omheiningen die gehuurd of gebruik worden om er reclame op aan te brengen.

        Art.3: Voor de berekening van de belasting wordt de nuttige oppervlakte van het bord in aanmerking genomen, zijnde de oppervlakte die voor aanplakking kan worden, gebruikt, met uitzondering van de omlijsting.

        Voor de muren is alleen dat gedeelte van de muur belastbaar dat werkelijk voor reclame wordt gebruikt. Hierbij dient de bedekte totale oppervlakte beschouwd te worden als één bord, ook indien er verschillende reclames op voorkomen.

        Art.4: Het bedrag van de belasting wordt vastgesteld op 150,00 EUR per per vierkante meter of gedeelte van een vierkante meter oppervlakte van het bord en wordt jaarlijks gecumuleerd geïndexeerd met een vaste coëfficiënt van 1,5%, afgerond naar de hogere euro.

        Art.5: De belasting is hoofdelijk en onverdeelbaar verschuldigd voor een gans aanslagjaar door de natuurlijke of rechtspersonen die op 1 januari van het aanslagjaar beschikken over het recht om gebruik te maken van het aanplakbord en in bijkomende orde, als de gebruiker niet gekend is, door de eigenaar van de grond, de muur of de omheining waarop het bord zich bevindt of de reclame is aangebracht. 

        Art.6: De belasting is niet verschuldigd voor:

        -     de borden, geplaatst door openbare besturen, openbare instellingen of instellingen van openbaar nut, voor zover geen winstgevend doel wordt nagestreefd

        -     de borden die alleen worden gebruikt voor notariële aankondigingen

        -     de borden die alleen gebruikt worden ter gelegenheid van wettelijke voorziene verkiezingen

        -     die borden geplaatst door politieke, culturele, sociale of godsdienstige organisaties, wanneer het gaat om aankondigingen van hun eigen activiteiten op politiek, cultureel, sociaal of godsdienstig vlak; op voorwaarde dat die borden niet langer dan één maand voor de aankondiging van hun activiteit aangewend worden

        -     de borden aangebracht op eigendommen waarop slechts melding is gemaakt van de handelsnaam en het voorwerp van de handelsbedrijvigheid van de eigenaar of de huurder en/of gebruiker van het betrokken eigendom

        Art.7: De belastingplichtige is gehouden voor 30 juni van het aanslagjaar spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.

        Art.8: De vestiging en invordering van deze belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30.05.2008 en haar aanpassingen.

        Art.9: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 12 - BELASTINGREGLEMENT OP DRIJFKRACHT - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Gedurende 25 jaar werd het tarief ongewijzigd behouden, hernieuwd en herstemd. Daarom is het noodzakelijk om een indexering door te voeren voor deze belasting naar analogie met andere reglementen. Om tot een realistisch tarief te komen vanaf 2026 dient rekening gehouden te worden met het ongewijzigd niet-geindexeerd tarief gedurende 25 jaar aangepast t/m 2025. Het tarief wordt jaarlijks aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op drijfkracht in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        -       Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009

        -       Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Kimberly Van Assche
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 14 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 4 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt er ten bezware van de nijverheids-, handels- of landbouwbedrijven en onder beneden vermelde voorwaarden een jaarlijkse belasting van 26,94 EUR per kilowatt geheven op de motoren ongeacht de vloeistof of energie waardoor zij worden voortbewogen.

        De minimumaanslag bedraagt 26,94 EUR.

        Dit tarief wordt jaarlijks aangepast door middel van een gecumuleerde index met een vaste coëfficiënt van 1,5% afgerond naar de hogere euro.

        De belasting is hoofdelijk en ondeelbaar verschuldigd voor een gans aanslagjaar indien motoren door de belastingplichtige voor de exploitatie van zijn inrichting of dezer bijgebouwen gebruikt worden.

        Dienen als bijgebouw van een inrichting beschouwd, iedere instelling of onderne­ming, iedere werf van om het even welke aard, welke gedurende een ononderbroken tijdvak van minstens 3 maanden op het grondgebied van de gemeente is gevestigd.

        Daarentegen is de belasting niet verschuldigd aan de gemeente, zetel van de inrichting, voor de motoren gebruikt door het hiervoren bepaalde bijgebouw, in de verhouding waarin die motoren kunnen belast worden door de gemeente waar het bijgebouw gelegen is.

        Wanneer hetzij een inrichting, hetzij een als vorenbedoeld bijgebouw, geregeld en duurzaam een verplaatsbare motor gebruikt voor de verbinding met een of meer bijgebouwen, of met een verkeersweg is daarvoor de belasting verschuldigd in de gemeente waar hetzij de inrichting, hetzij het hoofdgebouw gevestigd is.


        Art.2: De belasting wordt berekend overeenkomstig de toestand gedurende het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar en op de na te noemen grondslagen:

        a)   omvat de inrichting van belanghebbende slechts één motor, dan wordt de belasting gevestigd volgens de kracht opgegeven in het besluit waarbij vergunning tot het plaat­sen van de motor verleend of akte van die plaatsing gegeven wordt.

        b)   omvat de inrichting van belanghebbende verschillende motoren, dan wordt de belastbare kracht vastgesteld door de krachten opgegeven in het besluit waarbij vergun­ning tot het plaatsen van de motoren verleend of akte van die plaatsing gegeven wordt, op te tellen en deze som te voorzien van een simultaanfactor, veranderd volgens het aantal motoren. Deze factor gelijk aan de eenheid van één motor, wordt tot en met 30 motoren met 1/100 van de eenheid per bijkomende motor vermin­derd en blijft daarna onveranderd en gelijk aan 0,7 voor 31 motoren en meer.

        De kracht der hydraulische toestellen wordt vastgesteld in overleg tussen belangheb­bende en het College van Burgemeester en Schepenen.

        Het staat belanghebbende vrij, ingeval van onenigheid een tegenexpertise uit te lokken.

        c)   het bepaalde in de litt. a en b van dit artikel wordt door de gemeente toegepast naargelang van het aantal motoren waarop zij krachtens artikel 2 belasting berekent.

        In afwijking op wat voorafgaat zal bij begin van bedrijfsuitbating in de loop van het aanslagjaar, alsmede in geval van aanwending van motor­kracht in de onder artikel 1 bedoelde bijgebouwen, de belasting berekend worden volgens de duur van ingebruikneming van de motoren gedurende het aanslagjaar, naar rato van 1/12e van het jaartarief per begonnen maand. Deze bedrijven zullen voorlopig aangeslagen worden op basis van het in aanmerking te nemen motor­vermogen dat in gebruik is op het ogenblik van de aanvang van de belastbare toestand. Indien echter op het einde van het jaar blijkt dat het in de loop van het aanslagjaar aangewend vermogen hoger was, dan zal op grond hiervan een herberekening van de totaal verschuldigde belasting gebeuren.


        Art.3: Zijn belastingvrij:

        A)

        1)   De eerste 20 PK van de belastbare motoren

        2)   De motoren die gans het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar stilliggen. Het stilliggen voor een duur gelijk aan of groter dan één maand geeft aanleiding tot een belastingvermindering in verhouding tot het aantal maanden gedurende dewelke de toestellen hebben stilgelegen.

        Met een inactiviteit voor een duur van één maand wordt gelijkgesteld de activiteit die beperkt is tot één dag werk op vier weken in de bedrijven die met de VDAB een akkoord hebben aangegaan inzake de activiteitsvermindering om een massaal ontslag van personeel te voorkomen.

        Met een inactiviteit voor een duur van één maand wordt gelijkgesteld de inactiviteit gedurende een periode van vier weken, gevolgd door een activiteitsperiode van één week, als het gebrek aan werk te wijten is aan economische oorzaken.

        In geval van belastingvermindering wegens gedeeltelijke stilligging wordt de kracht van de motor voorzien van de simultaanfactor, die op de inrichting van belanghebbende toegepast is.

        Geen vermindering van belasting kan aan belanghebbende verleend worden tenzij op per post aangetekende of tegen ontvangstbewijs afgegeven berichten waarbij hij aan het gemeentebestuur door het één de datum van het stilliggen, en door het andere, de datum der wederingangstelling van de motor bekendmaakt of werd bekendgemaakt.

        Voor de berekening der belastingvermindering gaat de motorafstelling eerst in na ontvangst van het eerste bericht.

        3)   De motor gebruikt voor het aandrijven van een voertuig, dienende voor gemeen­schappelijk vervoer, geconcedeerd door de openbare besturen,

        4)   De motor van een draagbaar toestel,

        5)   De motor, die een elektrische generator drijft, voor het gedeelte van vermogen, overeenstemmende met dat benodigd voor het drijven van de generator,

        6)   De persluchtmotor,

        7)   De motorkracht, gebruikt voor watermalingstoestellen om het even van waar het water voortkomt, zomede deze voor ventilatie- en verlichtingstoestellen,

        8)   De reserve-motor, d.i. deze die uitsluitend bestemd is voor hetzelfde werk als een andere, welke hij tijdelijk moet vervangen,

        9)   De wisselmotor, d.i. deze die uitsluitend bestemd is voor hetzelfde werk als een andere, welke hij tijdelijk moet vervangen.

        De reserve- en wisselmotoren kunnen aangewend worden om tezelfdertijd te werken als deze die normaal gebruikt worden gedurende de nodige tijd om de voortzetting der productie te verzekeren.

        10) De rijtuigen die onder de verkeersbelasting op de voertuigen vallen of die speciaal van deze belasting zijn vrijgesteld door een bepaling van de desbetreffende samengeordende wetten.

        11) De motoren die aan de stations voor aardgasvoorziening gebruikt worden om de compressoren aan te drijven welke instaan voor het drukregime in de vervoerleidingen.

         

        B)

        De nieuwe bedrijven welke zich op het grondgebied van de gemeente Boom vestigen en minimum 5 personeelsleden tewerkstellen worden gedurende twee aanslagjaren van deze belasting ontslagen.

        De bestaande nijverheden welke op het grondgebied van de gemeente Boom gevestigd zijn en die tegenover de gemiddelde personeelsleden van de laatste drie jaar voorafgaand aan het aanslagjaar minstens 5 bijkomende personen tewerkstellen worden eveneens gedurende twee jaar van deze belasting ontslagen.

        Van deze ontheffing kan niet genoten worden wanneer de personeelsver­meerde­ring enkel het gevolg is van samenvoeging van in de gemeente bestaande bedrijven.

        Beide tweejarige belastingvrijstellingen zullen slechts verleend worden indien geduren­de de beschouwde periode het oorzakelijk verband is blijven bestaan.

        Art.4: Levert een onlangs geplaatste motor niet dadelijk het normaal rendement op omdat de daarmee te drijven installaties onvolledig zijn, dan wordt de niet gebruikte kracht uitgedrukt in kilowatt aangezien als reserve­kracht, in zoverre zij 20 %  der in het vergunningsbesluit opgegeven kracht overtreft.

        Deze kracht wordt voorzien van de simultaancoëfficient die op de inrichting van belanghebbende is toegepast.

        In zulk geval is de aangegeven KW. slechts geldig voor drie maanden en moet de aangifte om het kwartaal vernieuwd worden zolang deze uitzonderingstoestand duurt.

        Voor de toepassing van voorgaande alinea wordt onder "onlangs geplaatste motoren" verstaan deze moet uitzondering van alle andere waarvan de tewerkstelling dateert van het voorgaande of van het voorlaatste jaar.

        In de speciale gevallen mogen deze termijnen verruimd worden.


        Art.5: De motoren die van de belasting zijn vrijgesteld wegens stilligging gedurende het ganse jaar, voorafgaand aan het aanslagjaar, zomede deze, welke bij toepassing van de bepalingen van 2°, 3°, 4°, 5°, 6° en 8° van artikel 3 zijn vrijgesteld, komen niet in aanmerking om de simultaanfactor van belanghebbende's installatie te bepalen.


        Art.6: Wanneer de fabricagemachines ter oorzake van een ongeval niet meer mochten in staat zijn om meer dan 80 % van de door de belastingplichtige motor geleverde kracht te verbruiken, wordt de nijveraar slechts belast op de verbruikte kracht van de motor, uitgedrukt in kilowatt, op voorwaarde dat de gedeeltelijke activiteit minstens drie maanden duurt en dat de beschikbare kracht niet voor andere doeleinden gebruikt wordt. Belanghebbende kan geen belastingvermindering bekomen, hetzij op per post aangete­kende of tegen ontvangstbewijs afgegeven berichten, waarbij hij aan het gemeentebestuur door het ene, de datum van het ongeval en door het andere de datum van wederingangstelling aangeeft. Voor de berekening der belastingvermindering gaat de motorafstelling eerst in na ontvangst van het eerste bericht.

        Hij moet bovendien, op verzoek van het gemeentebestuur, alle stukken overleggen waardoor de waarachtigheid zijner verklaringen kan nagegaan worden. Het buitengebruik stellen van een motor wegens ongeval, moet binnen de acht dagen aan het gemeentebestuur genotificeerd worden, op straffe van ontzetting uit het recht op belastingvermindering.

        Bijzondere bepalingen van toepassing op sommige nijverheidsbedrijven welke er om verzoeken

         

        Art.6bis: Wanneer de installaties van een nijverheidsbedrijf voorzien zijn van meetapparaten voor het maximum kwartuurvermogen, waarvan de opnemingen maandelijks door de leverancier van elektrische energie worden gedaan met het oog op het factureren ervan en bijaldien dat bedrijf belast werd op grond van het bepaalde in de artikelen 1 tot 6 gedurende een periode van tenminste twee jaar, wordt het bedrag der belastingen betreffende de volgende dienstjaren, op verzoek van de exploitant, vastgesteld op basis van een belastbaar vermogen, bepaald in functie van de variatie, van het ene tot het andere jaar, van het rekenkundig gemiddelde der twaalf maandelijkse maximum kwartuurvermogens.

        Daartoe berekent het bestuur de verhouding tussen het vermogen, dat voor het jongste aanslagjaar op grond van het bepaalde in de artikelen 1 tot 6 aangeslagen werd en het rekenkundig gemiddelde der twaalf maandelijkse maximum kwartuurvermogens opgenomen tijdens hetzelfde jaar ;

        deze verhouding wordt verhoudingsfactor genoemd.

        Vervolgens wordt het belastbaar vermogen elk jaar berekend door vermenigvuldiging van het rekenkundig gemiddelde der twaalf maximum kwartuurvermogens van het jaar met de verhoudingsfactor.

        De waarde van de verhoudingsfactor wordt niet gewijzigd zolang het rekenkundig gemiddelde van de maximum kwartuurvermogens van een jaar niet meer dan 20 % verschilt van die van het refertejaar d.w.z. van het jaar dat in aanmerking werd genomen voor de berekening van de verhoudingsfactor.

        Bedraagt het verschil meer dan 20 %, dan telt het bestuur de belastbare elementen teneinde een nieuwe verhoudingsfactor te berekenen.

        Om het voordeel van de bepalingen van dit artikel te genieten, moet de exploitant vóór 31 maart van het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar een schriftelijke aanvraag bij het gemeentebestuur indienen met opgave van de maandelijkse waarden van het maximum kwartuurvermogen welke in zijn installaties werden opgenomen tijdens het jaar, voorafgaande aan dat met ingang waarvan hij om de toepassing van deze bepalingen verzoekt. Hij moet er zich voorts toe verbinden bij zijn jaarlijkse aangifte de opgave der maandelijkse waarden van het maximum kwartuurvermogen van het aanslagjaar toe te voegen en het bestuur toe te laten te allen tijde de in zijn installatie gedane metingen van het maximum kwartuurvermogen, vermeld op de facturen voor levering van elektrische energie, te controleren.

        De exploitant die deze wijze van aangifte, controle en aanslag ver­kiest verbindt zich door zijn keuze voor een tijdvak van vijf jaar.

        Behoudens verzet van de exploitant of van het bestuur bij het verstrijken van het optietijdvak, wordt dit stilzwijgend verlengd voor een nieuw tijdvak van vijf jaar.


        Art.7 : De belastingplichtige is gehouden voor 30 juni van het aanslagjaar spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        De exploitant is er toe gehouden de eventuele veranderingen of verplaatsingen, welke zijn installatie in de loop van het jaar mocht ondergaan hebben, aan het gemeentebestuur bekend te maken, behoudens wanneer hij op geldige wijze de regeling bedoeld bij art. 6 bis heeft gekozen.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.


        Art.8: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.


        Art.9: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

         

      • DIENST FINANCIEN - BEL 14 - BELASTINGREGLEMENT OP DE LEEGSTAANDE EN/OF VERWAARLOOSDE BEDRIJFSRUIMTEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019

        In de gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Het gemeentebestuur wenst een actief en efficiënt pandenbeleid te voeren waarbij leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten maximaal wordt bestreden.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op de leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten in te trekken en een hernieuwd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -       Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -       De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -       Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        -       Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Er wordt voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031, een jaarlijkse belasting geheven op de leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten.

        Dit zijn bebouwde onroerende goederen, gelegen op een terrein met een minimum kadastrale oppervlakte van 500 m², die in hoofdzaak gediend hebben voor een economische activiteit en die geheel of gedeeltelijk leegstaan en/of geheel of gedeeltelijk verwaarloosd zijn.

        Een economische activiteit is iedere industriële, ambachtelijke, handels-, diensten-, landbouw- of tuinbouw, opslag- of administratieve activiteit uitgeoefend door bedrijven, ondernemingen of zelfstandigen. In dat opzicht is bepalend de laatste hoofdactiviteit of, voor nieuwe bedrijfsruimten, de bestemming die aan de gebouwen werd gegeven. De bestemming vermeld op de bouwvergunning is hierbij determinerend.

        De economische activiteit moet plaatsvinden of plaatsgevonden hebben in het hoofdgebouw. Uitgesloten van de toepassing van dit besluit zijn bedrijfsruimten waarin de woning van de eigenaar(s) een niet-opsplitsbaar onderdeel uitmaakt van het gebouw en door deze laatste(n) zelf nog effectief benut wordt als hoofdverblijfplaats.


        Art.2: Deze belasting is van toepassing voor de bedrijfsruimten die op 30 januari van het aanslagjaar :

        1)   door de bevoegde overheid in het belang van de openbare veiligheid bouwvallig verklaard zijn

        2)   ter vrijwaring van de openbare veiligheid of -gezondheid, saneringswerken of -maatregelen kregen opgelegd

        3)   uitwendige tekenen van gehele verwaarlozing vertonen, zijnde: een algemeen gebrek aan de structuur van de bedrijfsruimte, de buitenmuren, schoorstenen, dakbedekking, dakgebinte, buitenschrijnwerk, kroonlijst, dakgoten, trappen en liften ...).

        Een gebrek is algemeen indien het zich voordoet over meer dan de helft van de oppervlakte, de lengte of breedte

        4)   uitwendige tekenen van gedeeltelijke verwaarlozing vertonen, zijnde: minimum twee beperkte gebreken aan de structuur van de bedrijfsruimte, de buitenmuren, schoorstenen, dakbedekking, dakgebinte, buitenschrijnwerk, kroonlijst, dakgoten, trappen en liften ...).

        Een gebrek is beperkt  indien het betrekking heeft op de helft of minder dan de helft van de oppervlakte, de lengte of breedte, m.a.w. plaatselijk, niet-uitgebreid, gelokaliseerd is.

        5)   gedurende minstens één jaar niet meer in gebruik zijn, d.i. vanaf het ogenblik dat 50 % van de totale vloeroppervlakte van de constructie(s) niet rationeel benut wordt. Leegstand heeft niet alleen betrekking op het hoofdgebouw, maar ook op alle ondergeschikte gebouwen.

        Gebreken van welke omvang ook die de stabiliteit of de veiligheid in het gedrang brengen alsmede vochtindringing geven steeds aanleiding tot toepassing van de belasting.


        Art.3: De belasting bedraagt 10,00 EUR per vierkante meter bebouwde oppervlakte van het grondvlak van de beschouwde bedrijfsgebouwen, vermenigvuldigd met het aantal bouwlagen.

        De belastbare oppervlakte wordt steeds in volle vierkante meter uitgedrukt. Iedere begonnen vierkante meter wordt als volledige vierkante meter aangerekend.

        De minimumaanslag bedraagt 5.000,00 EUR per lokaliteit.


        Art.4: De belasting bezwaart het eigendom en is hoofdelijk en onverdeelbaar verschuldigd voor een gans aanslagjaar door diegene die op 30 januari van het aanslagjaar eigenaar is van het belaste onroerend goed, hetzij in voorkomend geval, door de erfpachter of de opstalhouder en subsidiair door de eigenaar.


        Art.5: Zijn van deze belasting vrijgesteld:

        - de natuurlijke en rechtspersonen met betrekking tot de gebouwen gelegen binnen een bij KB goedgekeurd onteigeningsplan of waarvoor een bouwvergunning geweigerd werd wegens een in voorbereiding zijnde plan.

        - de natuurlijke en rechtspersonen met betrekking tot de onroerende goederen die getroffen zijn door een ramp, zoals bepaald door de daartoe bevoegde overheid, die zich heeft voorgedaan onafhankelijk van de wil van de belastingplichtige, gedurende een periode van twee jaar volgend op        de datum van de ramp.

        - de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en de door hen erkende sociale huisvestingsmaatschappijen.

        - de onroerende goederen die zijn beschermd krachtens de vigerende decretale bepalingen tot bescherming van monumenten en stads- & dorpsgezichten en waarvoor de bevoegde overheid attesteert dat het beschermde onroerende goed in de bestaande toestand mag bewaard blijven


        Art.6: De belastingontheffing zal verleend worden:

        -     aan de belastingplichtige die schriftelijk voor 15 november van het aanslagjaar aan het College van Burgemeester en Schepenen het bewijs voorlegt dat de belastbare toestand in de loop van het aanslagjaar beëindigd werd om reden dat:

        1)   het goed niet meer getroffen is door een maatregel houdende bouwvallig verklaring.

        2)   de saneringswerken of -maatregelen bedoeld in artikel 2.2° uitgevoerd werden.

        3)   het goed niet meer geheel of gedeeltelijk bouwvallig is en niet meer in geheel of gedeeltelijk vervallen toestand verkeert.

        4)   het goed, met inachtneming van de stedenbouwkundige voorschriften, afgebroken werd en het pand van alle puin werd bevrijd.

        5)   meer dan 50 % van de totale vloeroppervlakte van de bebouwde constructie opnieuw rationeel benut wordt

        -     aan de eigenaar die schriftelijk voor 15 november van het aanslagjaar aan het College van Burgemeester en Schepenen één van volgende bewijsstukken voorlegt ter staving:

        a)   goedgekeurde bouwvergunning en attest begin der werken

        b)   facturen die de aan de gang zijnde renovatiewerken aan het belaste pand voldoende bevestigen

        Deze vrijstelling wordt slechts twee opeenvolgende aanslagjaren toegestaan.

        -     voor de onroerende goederen die zijn beschermd krachtens de vigerende decretale bepalingen tot bescherming van monumenten en stads- & dorpsgezichten en waarvoor een restauratiepremiedossier werd ingediend en ontvankelijk verklaard bij de bevoegde overheid.


        Art.7: Deze belasting kan, inzake eenzelfde eigendom, niet gecumuleerd worden met de belasting op de onbebouwde bouwgronden en kavels of met de belasting op de onbebouwde gronden gelegen in industriegebied en palende aan een voldoende uitgeruste openbare weg of met de belasting op de verwaarloosde en/of leegstaande woningen en gebouwen


        Art.8: De verkoper van een gebouwd onroerend goed behorend tot één der categorieën vermeld in artikel 1, is verplicht binnen de maand na het verlijden van de notariële akte, bij ter post aangetekende brief aan de gemeente mee te delen:

        1)   de volledige identiteit en adres van de nieuwe eigenaar.

        2)   datum van de akte en naam van de notaris .

        3)   nauwkeurige aanduiding van het verkochte pand.

         

        Art.9: De belastingplichtige is gehouden voor 1 oktober van het aanslagjaar spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 % bij een tweede overtreding

        -     200 % bij respectievelijk een derde of meer dan drie overtredingen, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.

         

        Art.10: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.

         

        Art.11: Indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek, dan zal deze belastingverordening als definitief aanzien, aan de hogere overheid worden toegezonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 20 - BELASTINGREGLEMENT OP HET TAKELEN EN BEWAREN VAN VOERTUIGEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In collegezitting van 25/11/2013 werd beslist om het belastingreglement op het takelen en het bewaren van onregelmatig geparkeerde voertuigen te verzenden naar de gemeenteraad met het verzoek dit ter invoering te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

         

        In gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd het belastingreglement op het takelen en het bewaren van onregelmatig geparkeerde voertuigen’ gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

         

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het belastingreglement op het takelen en het bewaren van onregelmatig geparkeerde voertuigen’ gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

         

        Dit reglement beoogt enkel het takelen en bewaren in opdracht van de politie van al dan niet ingeschreven voertuigen die op een niet reglementaire manier zijn geparkeerd op de openbare weg.

        Het is in dit kader dan ook gepast om de gemaakte takelkosten te verhalen op de overtreder.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op het takelen en het bewaren van onregelmatig geparkeerde voertuigen in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Huidige onderstaande tarieven zoals in art. 4 bepaald werden niet geïndexeerd geduren de gestemde periode 2020-2026 (GR 19/12/2019).

        Art.4:

        De belasting wordt als volgt vastgesteld ongeacht de afgelegde afstand en het tijdstip van de

        takeling of nutteloze oproep:

        1. 200,00 euro/takeling van een voertuig met een hoogst toegelaten gewicht van 3 500 kg

        2. 250,00 euro/takeling van een voertuig tussen 3.501 kg en 19.000 kg dat rol- en bestuurbaar is

        3. 900,00 euro/takeling van een voertuig tussen 3.501 kg en 19.000 kg dat niet rol- en bestuurbaar is

        4. 900,00 euro/takeling van een voertuig vanaf 19.001 kg dat rol- en bestuurbaar is

        5. 2.500,00 euro/takeling van een voertuig vanaf 19.001 kg dat niet rol- en bestuurbaar is

        6. 100,00 euro/nutteloze oproep/verplaatsing

        7. 2,00 euro per dag bewaring na de eerste dag, voor een voertuig met een hoogst toegelaten gewicht van 3.500 kg

        8. 20,00 euro per dag bewaring na de eerste dag, voor een voertuig met een hoogst toegelaten gewicht van meer dan 3.500 kg

         

        Voorgestelde wijziging:

        In analogie naar het gelijkaardig reglement van stad Antwerpen en Gent is het noodzakelijk en aangewezen het gïndexeerde tarief t/m 2025 over te nemen en jaarlijks te indexeren en af te ronden naar de hogere euro.

        De belasting wordt als volgt vastgesteld ongeacht de afgelegde afstand en het tijdstip van de takeling of nutteloze oproep:

        1. 368,00 euro/takeling van een voertuig met een hoogst toegelaten gewicht van 3 500 kg

        2. 460,00 euro/takeling van een voertuig tussen 3.501 kg en 19.000 kg dat rol- en bestuurbaar is

        3. 920,00 euro/takeling van een voertuig tussen 3.501 kg en 19.000 kg dat niet rol- en bestuurbaar is

        4. 920,00 euro/takeling van een voertuig vanaf 19.001 kg dat rol- en bestuurbaar is

        5. 3.844,00 euro/takeling van een voertuig vanaf 19.001 kg dat niet rol- en bestuurbaar is

        6. 110,00 euro/nutteloze oproep/verplaatsing

        7. 14,00 euro per dag bewaring na de eerste dag, voor een voertuig met een hoogst toegelaten gewicht van 3.500 kg

        8. 36,00 euro per dag bewaring na de eerste dag, voor een voertuig met een hoogst toegelaten gewicht van meer dan 3.500 kg

        De bedragen worden jaarlijks gecumuleerd aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        -        Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009

        -        Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt een belasting gevestigd op het takelen en bewaren van onregelmatig geparkeerde voertuigen op het grondgebied van de gemeente Boom.

        Art.2Dit reglement beoogt elke takeling en bewaring in opdracht van de politie van al dan niet ingeschreven voertuigen die op een niet reglementaire manier zijn geparkeerd op de openbare weg.

        Art.3: Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:

        - voertuig: elk transportmiddel, elk mobiel materiaal, landbouwmateriaal, industrieel materiaal, containers, tweewielers, (gemotoriseerde) twee- en driewielers, quads, caravans, aanhangwagens, zonder dat deze opsomming beperkend is. Het begrip voertuig houdt eveneens alle toebehoren in, alsook zijn inhoud en de voorwerpen die er aan vastgemaakt zijn.

        - takeling: de takelwagen heeft het voertuig met minstens één wiel van de begane grond getild. Ook als de bestuurder ter plaatse komt op het moment dat de takelwagen het voertuig nog niet vervoert, maar wel al met één of meer wielen van de begane grond getild heeft, is het voertuig volgens dit reglement getakeld.

        - nutteloze oproep/verplaatsing: de bestuurder van het voertuig komt ter plaatse en verplaatst het voertuig tussen het tijdstip van de oproep tot takelen en het uitvoeren van de takeling.

        - bewaring: het plaatsen van een getakeld voertuig in een loods of op een terrein van het takelbedrijf. De bewaring begint op de dag van de takeling en eindigt op de dag dat het voertuig wordt afgehaald.

        - niet rol- of bestuurbaar: een voertuig dat niet meer rijvaardig is en waarvoor speciaal materiaal moet worden ingezet.

        Art.4: De belasting wordt als volgt vastgesteld ongeacht de afgelegde afstand en het tijdstip van de takeling of nutteloze oproep:

        1. 368,00 euro/takeling van een voertuig met een hoogst toegelaten gewicht van 3 500 kg

        2. 460,00 euro/takeling van een voertuig tussen 3.501 kg en 19.000 kg dat rol- en bestuurbaar is

        3. 920,00 euro/takeling van een voertuig tussen 3.501 kg en 19.000 kg dat niet rol- en bestuurbaar is

        4. 920,00 euro/takeling van een voertuig vanaf 19.001 kg dat rol- en bestuurbaar is

        5. 3.844,00 euro/takeling van een voertuig vanaf 19.001 kg dat niet rol- en bestuurbaar is

        6. 110,00 euro/nutteloze oproep/verplaatsing

        7. 14,00 euro per dag bewaring na de eerste dag, voor een voertuig met een hoogst toegelaten gewicht van 3.500 kg

        8. 36,00 euro per dag bewaring na de eerste dag, voor een voertuig met een hoogst toegelaten gewicht van meer dan 3.500 kg

        De bedragen worden jaarlijks gecumuleerd aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.

        Art.5: De belasting is hoofdelijk en onverdeelbaar verschuldigd door de gebruiker van het voertuig. Indien de identiteit van de gebruiker niet kan achterhaald worden, wordt de houder van de nummerplaat als gebruiker beschouwd. De houder van de nummerplaat dient in voorkomend geval bewijs aan te leveren dat het voertuig niet door hem werd gebruikt op het ogenblik van de overtreding.

        De houder van de nummerplaat blijft hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting die ten laste van de gebruiker werd gevestigd.

        Art.6: De belasting wordt contant ingevorderd door middel van de afgifte van een kwitantie. Bij gebrek aan contante betaling zal worden overgegaan tot inkohiering.

        Art.7: De vestiging en invordering van de belasting, evenals de regeling van de geschillen, gebeurt volgens de bepalingen vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen.

        Art.8: indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek, zal deze belastingverordening als definitief aanzien, aan de hogere overheid worden toegezonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 28 - BELASTINGREGLEMENT OP NACHTWINKELS, BEDRIJVEN WIENS HOOFDACTIVITEIT BESTAAT IN HET TEGEN VERGOEDING TER BESCHIKKING STELLEN VAN TELECOMMUNICATIEAPPARATUUR, BELWINKELS, PRIVE CLUBS, WEDKANTOREN, SHISHABARS EN SEKSINRICHTINGEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd dit belastingreglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In de gemeenteraadszitting van 17/03/2022 werd dit belastingreglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2022 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

         

         

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op nachtwinkels, bedrijven wiens hoofdactiviteit bestaat in het ter beschikking stellen tegen vergoeding van telecommunicatieapparatuur, belwinkels, privé-clubs, wedkantoren, shisabars en seksinrichtingen in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Voorgestelde wijziging:

        De bedragen vermeld in art. 3 worden jaarlijks gecumuleerd aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        -        Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009

        -        Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Onthouders: Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 17 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 1 onthouding
        Besluit

        Art.1: Het op 17/03/2022 gestemde belastingreglement op te heffen en voor een periode met ingang van 01/01/2026 eindigend op 31/12/2031 wordt er zowel een openingsbelasting als een jaarlijkse belasting geheven op nachtwinkels, bedrijven wiens hoofdactiviteit bestaat in het ter beschikking stellen tegen vergoeding van telecommunicatieapparatuur, belwinkels, privé-clubs, wedkantoren, shisabars en seksinrichtingen gelegen op het grondgebied van de gemeente Boom.


        Art.2: Onder nachtwinkels wordt verstaan: een handelszaak die ingeschreven is in de kruispuntbank van ondernemingen uitsluitend onder de rubriek verkoop van ‘algemene voedingswaren en/of huishoudartikelen’.

        Onder telecommunicatieapparatuur wordt verstaan: elk toestel dat overdracht toelaat, het uitzenden of ontvangen van tekens, signalen, geschriften, beelden, geluiden of andere gegevens van welke aard ook, per draag, radiogolven, optische signalisatie en andere elektromagnetische systemen.

        Onder belwinkel wordt verstaan: iedere voor het publiek toegankelijke vestigingseenheid voor het verlenen van telecommunicatiediensten, zoals telefoon en internet en die geen specifieke activiteit als telecomwinkel uitoefent.

        Onder privéclub wordt verstaan: (drank)gelegenheid die gewoonlijk voor het publiek toegankelijk is, ook al wordt het publiek er slechts onder bepaalde voorwaarden (kosteloos, tegen betaling of op vertoon van een lidkaart) toegelaten en waarvan de exploitant een vzw is en/of feitelijke vereniging en/of een natuurlijke persoon die geen handelaar is.

        Onder wedkantoren wordt verstaan: : inrichtingen die bestemd zijn voor het afsluiten van weddenschappen, al  dan niet via het internet;

        De kansspelinrichtingen klasse I, II en III zoals beschreven in de wet van 7 mei 1999 op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers en de uitzondering voor dagbladhandelaars, voorzien in §5 van art. 43/4 van deze wet, behoren niet tot de wedkantoren in de zin van dit besluit;

        Onder shishabar wordt verstaan: publiek toegankelijke inrichting o.m. bestemd om waterpijp te roken, ook al is dit sporadisch. Onder waterpijp wordt verstaan: een apparaat om te roken via een vloeistofreservoir

        Onder seksinrichting wordt verstaan: de voor het publiek toegankelijke besloten ruimten waarin vertoningen, voorstellingen en vermakelijkheden van pornografische aard plaatsvinden al dan niet tegen betaling, onder welke vorm ook en ongeacht het aantal betalende toeschouwers.

        Onder seksinrichtingen waarin pornografische vertoningen plaatsvinden wordt in elk geval verstaan: seksbioscopen, sekstheaters, peepshows, erotische vertoningen en paaldansvertoningen al dan niet in combinatie met kleinhandel en/of andere dienstverlening van welke aard ook.

         

        Art.3: De openingsbelasting bedraagt 6.090,00 EUR en is verschuldigd bij elke opening van een nieuwe handelsactiviteit. Deze openingsbelasting is een éénmalige belasting en verschuldigd bij elke opening van een uitbating zoals gedefinieerd in artikel 1 van huidig reglement.

        Elke wijziging van uitbating is gelijkgesteld met een nieuwe handelsactiviteit.

        De jaarlijkse belasting bedraagt 1.522,50 EUR per uitbating.

        De jaarlijkse belasting gaat in volgend op het jaar van de openingsbelasting of bij gebreke hiervan vanaf de inwerkingtreding van dit belastingreglement.

        De openingsbelasting en de jaarlijkse belasting zijn ondeelbaar. Zij zijn verschuldigd voor het ganse jaar, welke ook de aanvangs- of de stopzettingsdatum van de economische activiteit of de wijziging van uitbating in de loop van het jaar is.

        Er wordt geen enkele korting of teruggave van de belasting gedaan om welke reden dan ook.

        De bedragen wordt jaarlijks gecumuleerd aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.


        Art.4: De belasting is solidair, hoofdelijk en ondeelbaar verschuldigd voor een gans aanslagjaar door de eigenaar van de handelszaak en de uitbater ervan. De eigenaar van het pand waar de handelsactiviteit plaatsvindt is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.

         

        Art.5: In geval van tijdelijke of definitieve administratieve sluiting van de handelszaak omwille van een sanctie opgelegd door een daartoe bevoegde overheid, kan de belastingplichtige op geen enkele schadeloosstelling aanspraak maken.

        Elke wijziging of stopzetting van de economische activiteit dient onder verantwoordelijkheid van de belastingplichtigen onmiddellijk en per aangetekend schrijven te worden medegedeeld aan het gemeentebestuur.

         

        Art.6: Aangaande de openingsbelasting is de belastingplichtige gehouden voorafgaand aan de aanvang van zijn handelsactiviteit spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        In het kader van de jaarlijkse belasting is de belastingplichtige gehouden voor 30 juni van het aanslagjaar spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de openings- of jaarlijkse belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de openings- of jaarlijkse belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde openings- of jaarlijkse belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.

         

        Art.7: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.

         

        Art.8: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - RET 9 - RETRIBUTIEREGLEMENT UITREIKING DOORGANGSKAARTEN EN BADGES - HOOGSTRAAT/BLAUWSTRAAT/KERKSTRAAT - 2026-2031 - HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Om de handelsas Hoogstraat/Blauwstraat en bijkomend de Kerkstraat verkeersluw te maken werd geopteerd om strategisch verzinkbare palen te plaatsen.

        Het is noodzakelijk om de waarborg en het gebruik van de doorgangskaart en badge voor de verdwijnpalen te bepalen.

        In de gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd een retributiereglement gestemd voor de uitreiking van doorgangskaarten en badges handelsas Hoogstraat/Blauwstraat voor een periode eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 09/11/2017 werd een gewijzigd retributiereglement gestemd voor de uitreiking van doorgangskaarten en badges handelsas Hoogstraat/Blauwstraat en Kerkstraat voor een periode eindigend op 31/12/2019

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het retributiereglement voor de uitreiking van doorgangskaarten en badges handelsas Hoogstraat/Blauwstraat en Kerkstraat herstemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In collegezitting van 09/08/2021 werd in het punt grondgebiedzaken - reglement toegang tot handelsas gemeente Boom beslist om de waarborg van de doorgangskaart en badge te verhogen van 20 euro naar 50 euro.

        Ingevolge deze beslissing dient het retributiereglement voor de uitreiking van doorgangskaarten en badges handelsas Hoogstraat/Blauwstraat en Kerkstraat aangepast te worden.

        Het college besliste in zitting van 29/11/2021 om het retributiereglement voor de uitreiking van doorgangskaarten en badges Hoogstraat/Blauwstraat/kerkstraat naar de gemeenteraad te zenden met het voorstel het lopende reglement met ingang van 01/01/2022 op te heffen en een gewijzigd reglement te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2022 en eindigend op 31/12/2026 en dit met volgende wijziging:

        Verhoging van de waarborg voor de doorgangskaart en badge van 20 EUR. naar 50 EUR.

        Verhoging bedrag voor het afleveren en/of activeren van een nieuwe kaart en badge van 10 naar 11,00 EUR.

        In de gemeenteraadszitting van 16/12/2021 werd het retributiereglement voor de uitreiking van doorgangskaarten en badges handelsas Hoogstraat/Blauwstraat en Kerkstraat herstemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2022 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk om belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten. 

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor de uitreiking van doorgangskaarten en badges hernieuwd te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Art.1: Het op 16/12/2021 gestemde retributiereglement voor de uitreiking van doorgangskaarten en badges wordt opgeheven en voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt een retributie gevestigd op de uitreiking van doorgangskaarten en badges waardoor het mogelijk wordt toegang te krijgen tot enerzijds de handelsas Hoogstraat-Blauwstraat, en anderzijds de Kerkstraat.


        Art.2: Elk doorgangsbewijs bestaat uit:

        • een kaart, doorgangskaart genoemd
        • een gemagnetiseerde pas, badge genoemd

        De badge maakt het bedienen van de verzinkbare palen mogelijk, geprogrammeerd volgens de reglementaire toestemming die aan de gebruiker werd verleend.


        Art.3: Aan de gemachtigden, de ondernemingen en instellingen die ervoor in aanmerking komen, wordt de doorgangskaart en badge afgeleverd tegen de betaling van een waarborg van 50,00 EUR. Na het inleveren van de niet beschadigde doorgangskaart en badge wordt de waarborg terugbetaald.

        De doorgangskaart moet zichtbaar achter de voorruit worden gelegd.


        Art.4: De houder van de doorgangskaart en badge kan een duplicaat bekomen bij verlies, vernietiging, beschadiging of nadat doorgangskaart of badge onleesbaar is geworden en voor zover de voorwaarden gesteld aan de houder van de kaart nog steeds vervuld zijn.

        Voor het afleveren en/of activeren van een nieuwe kaart en badge moet 11,00 EUR betaald worden. Dit wordt niet als waarborg beschouwd.


        Art.5: De waarborg is verschuldigd op het ogenblik van de afgifte van de doorgangskaart en of badge door de verkrijger.


        Art.6: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - RET 11 - RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR DE OPVANG VAN VERLOREN /LOSLOPENDE/VERWAARLOOSDE DIEREN - 2020-2026 - OPHEFFING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd het retributiereglement voor de opvang van verloren, loslopende of verwaarloosde dieren gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het retributiereglement voor de opvang van verloren, loslopende of verwaarloosde dieren gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor de opvang van verloren, loslopende of verwaarloosde dieren op te heffen.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor de opvang van verloren, loslopende of verwaarloosde dieren op te heffen.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        -        Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        -        De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        -        Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Enig artikel: De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor de opvang van verloren, loslopende of verwaarloosde dieren op te heffen.

      • DIENST FINANCIËN - RET 24 RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR TERUGVORDERING VAN AANMANINGSKOSTEN EN DWANGBEVELEN - 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd een retributiereglement gestemd ter recuperatie van de kosten voor het verzenden van aanmaningen en dwangbevelen aan diegenen die de door hun verschuldigde sommen zoals retributies of huurgelden niet betalen voor de vervaldatum en dit voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In gemeenteraadszitting van 28/03/2024 werd een retributiereglement gestemd ter recuperatie van de kosten voor het verzenden van aanmaningen en dwangbevelen aan diegenen die de door hun verschuldigde sommen zoals retributies of huurgelden niet betalen voor de vervaldatum en dit voor een periode aanvang nemend op 22/03/2024 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Uittreksel uit de Omzendbrief KB/ABB 2019/2

        Artikel 2.2.3 Gedwongen invordering

        Gemeentelijke schuldvorderingen worden niet altijd binnen de vervaltermijn betaald. De financieel directeur is ertoe gehouden om achterstallige schuldvorderingen desnoods gedwongen in te vorderen, vanuit zijn zorg en verantwoordelijkheid voor het debiteurenbeheer (artikel 177, eerste lid, 2°, DLB). Dit geldt zowel voor fiscale als voor niet-fiscale vorderingen zoals bijvoorbeeld een retributie.

        In grote lijnen loopt de gedwongen invordering van een schuld altijd volgens hetzelfde stramien: er wordt een aanmaning tot betaling gestuurd en de gerechtsdeurwaarder wordt ingeschakeld of eventueel volgt een optreden in rechte.

        De gedwongen invordering van een fiscale schuld wordt geregeld in het WIB 1992. Voor niet-fiscale schulden geldt de regeling in artikel 177 van het DLB.

        Gedwongen invordering van belastingen

        Via de verwijzingsregeling in artikel 11 van het decreet van 30 mei 2008, wordt het WIB 1992 gevolgd om de schuldenaar van een achterstallige belastingschuld aan te manen tot betaling en de betaling eventueel af te dwingen.

        Na het verstrijken van de betaaltermijn van twee maanden, stuurt de financieel directeur een herinneringsbrief aan de belastingschuldige. Deze herinneringsbrief kan ten vroegste tien dagen vanaf de eerste dag na het verstrijken van de betaaltermijn verstuurd worden (artikel 298 WIB 1992). De verzending mag, maar hoeft niet aangetekend te gebeuren. Het bestuur dat daarvoor kosten wil aanrekenen aan de belastingschuldige, neemt hiervoor een bepaling op in zijn belastingreglementen of stemt daarvoor een afzonderlijk retributiereglement.”

        De Omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit geeft aan dat het bestuur dat kosten wil aanrekenen voor een herinneringsbrief aan de belastingschuldige, hiervoor een bepaling dient op te nemen in zijn belastingreglementen of hiervoor een afzonderlijk retributiereglement dient te stemmen.

         
        Het billijkheidsprincipe bepaalt dat de kosten die gegenereerd worden door een weigering van betaling, effectief zouden gedragen worden door de schuldenaar die deze kosten genereert en niet door de schuldenaar die zijn schulden tijdig aan het lokaal bestuur betaalt.

        De huidige tariefstelling van 15,00 EUR dateert echter al van 28/03/2024.

        Een aanpassing van de tariefstelling is dan ook meer dan aangewezen.

        Tevens is het wenselijk om een jaarlijkse indexering coëfficiënt van 1,5% te voorzien.

        Het bedrag te wijzigen en vast te stellen op 20,00 EUR een aanmaning verzonden per aangetekende zending en 20,00 EUR voor een dwangbevel krachtens artikel 177 van het decreet lokaal bestuur.

        Deze bedragen worden jaarlijks gecumuleerd geïndexeerd met een vaste coëfficiënt van 1,5%.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het retributiereglement ter recuperatie van de kosten voor het verzenden van aanmaningen en dwangbevelen aan diegenen die de door hun verschuldigde sommen zoals retributies of huurgelden niet betalen voor de vervaldatum gewijzigd te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.  

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Omzendbrief KB/ABB 2019/

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Art.1: Het op 28/03/2024 gestemde retributiereglement ter recuperatie van de kosten voor het verzenden van aanmaningen en dwangbevelen wordt op datum van zitting opgeheven en voor een periode van 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt een retributie geheven ter recuperatie van de kosten voor het verzenden van aanmaningen en dwangbevelen aan diegenen die de door hun verschuldigde sommen zoals retributies, belastingen of huurgelden niet betalen voor de vervaldatum.


        Art.2: §1 de retributie wordt vastgesteld op:

         
        -     20,00 EUR voor een aanmaning verzonden per aangetekende zending
        -     20,00 EUR voor een dwangbevel krachtens artikel 177 van het decreet lokaal bestuur.
         
        §2 Het bedrag vermeld in §1 van dit artikel wordt jaarlijks gecumuleerd aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5%.


        Art.3: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

         

      • DIENST FINANCIËN - BEL 30 - BELASTINGREGLEMENT OP DE VERSPREIDING VAN NIET-GEADRESSEERDE RECLAMEBLADEN EN GELIJKGESTELDE PRODUCTEN 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026, een belasting gestemd op de verspreiding van niet-geadresseerde reclamebladen en van gelijkgestelde producten, ongeacht of ze in brievenbussen worden gedeponeerd of op de openbare weg worden verspreidt.

        In de gemeenteraadszitting van 17/12/2020 werd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2021 en eindigend op 31/12/2026, een belasting gestemd op de verspreiding van niet-geadresseerde reclamebladen en van gelijkgestelde producten, ongeacht of ze in brievenbussen worden gedeponeerd of op de openbare weg worden verspreidt.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

         

        Het selectief inzamelen en verwerken van huishoudelijke afvalstoffen, waaronder papierafval, vergt een grote materiële en financiële inspanning van het gemeentebestuur en haar inwoners.

        Teneinde de producent van deze papierberg te responsabiliseren is het aangewezen om een belasting te vestigen op de verspreiding van niet-geadresseerde reclamebladen en van gelijkgestelde producten.

         

        In afweging tussen enerzijds de milieudoelstelling en anderzijds het recht op informatie is het aangewezen om toch een vrijstelling van deze belasting toe te staan voor informatiebladen (met een publiciteit van max 66 % van het totaal) die tot doelstelling hebben de bevolking te informeren.

         

        Om handelaars te stimuleren om papieren publiciteit in te perken door middel van een kleine bedeling in afmeting (kleiner of gelijk aan 1 A4-blad) is eveneens hiervoor een vrijstelling aangewezen.

         

        Om Instellingen met openbare functie of van socioculturele aard en die niet beroepsmatig commerciële informatie verspreiden, niet nutteloos op kosten te jagen is het voor deze instellingen ook aangewezen een vrijstelling te voorzien, daar hun publicaties vooral bedoeld zijn om te informeren en die rechtstreeks verband houden met hun openbare functie of hun socioculturele aard.

        Het tarief wordt jaarlijks aangepast door middel van een gecumuleerde index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op de verspreiding van niet-geadresseerde reclamebladen en van gelijkgestelde producten in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen, en latere wijzigingen;

        - Het besluit van de Vlaamse regering van 17 februari 2012, met latere wijzigingen, tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materialenkringlopen en afvalstoffen. (VLAREMA)

        - Het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen

        Amendementen

        Amendement door Hans Verreyt toevoegen - unaniem goedgekeurd: 

        Artikel 4 § 3 aanpassen tot "...".

        Uitzondering artikel 4 par 3 Na politieke partijen en haar kandidaten

        Te behouden mbt vrijstelling:

        niet-geadresseerde reclamebladen en gelijkgestelde producten uitgaande van politieke partijen (en haar kandidaten).

        Te schrappen mbt vrijstelling:

        die een lijst indienden voor de Europese, Federale, Gewestelijke, Provinciale of Gemeentelijke verkiezingen voor zover deze producten verspreid worden binnen de periode tussen de in de betreffende kieswetgeving vastgestelde datum van terhandstelling van de voordrachten van de kandidaten en de dag van de verkiezing.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Art.1: Het lopende reglement gestemd op 17/12/2020 op te heffen en met ingang van 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031, wordt een kohierbelasting geheven op de verspreiding van niet-geadresseerde reclamebladen en van gelijkgestelde producten, ongeacht of ze in brievenbussen worden gedeponeerd of op de openbare weg worden verspreid.

        Onder gelijkgestelde producten wordt onder meer verstaan: alle stalen, stickers, kalenders en reclamedragers, door de adverteerder aangeboden, die ertoe aanzetten om diensten, producten of transacties te gebruiken, verbruiken of aankopen. Deze opsomming is niet limitatief.

        Collectieve adresaanduiding per straat of gedeeltelijke adresvermelding wordt niet beschouwd als zijnde geadresseerd.


        Art.2: De belastingplichtige is de natuurlijke of de rechtspersoon die de opdracht gaf om het drukwerk te drukken of om het gelijkgestelde product te produceren. De belastingplichtige doet aangifte van zijn belastingschuld overeenkomstig artikel 5.

         Als de opdrachtgever geen aangifte gedaan heeft overeenkomstig artikel 5 en niet gekend is op basis van gegevens waarover de gemeente beschikt, bestaat er een weerlegbaar vermoeden dat de verantwoordelijke uitgever als opdrachtgever is opgetreden.

         De verantwoordelijke uitgever, de drukker of producent van de gelijkgestelde goederen en de fysieke of rechtspersoon onder wiens naam, handelsnaam, logo of embleem het drukwerk of product wordt verspreid, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.


        Art.3: De belasting is hoofdelijk en onverdeelbaar verschuldigd en bedraagt:

        -     0,01 EUR per verspreid exemplaar groter dan één A4-blad, doch kleiner of gelijk aan twee A4-bladen of een equivalent hiervan;

        De minimumaanslag bedraagt 76,13 EUR per bedeling.

        -     0,02 EUR per verspreid exemplaar groter dan twee A4-bladen, doch kleiner of gelijk aan 25 A4-bladen of een equivalent hiervan;

        De  minimumaanslag bedraagt 152,25 EUR per bedeling.

        -     0,03 EUR per verspreid exemplaar groter dan 25 A4-bladen of een equivalent hiervan;

        De  minimumaanslag bedraagt 304,50 EUR per bedeling.

        Het al dan niet volledig bedrukt zijn van pagina’s geeft geen aanleiding tot belastingvermindering.

        Het tarief wordt jaarlijks aangepast door middel van een gecumuleerde index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.

         

        Art.4: Zijn van deze belasting vrijgesteld:

        -     verspreid exemplaar is kleiner of gelijk aan één A4-blad of een equivalent hiervan

        -     niet-geadresseerde reclamebladen en gelijkgestelde producten waarbij de opgenomen publiciteit hoogstens 66 % uitmaakt van het totaal

        -     niet-geadresseerde reclamebladen en gelijkgestelde producten uitgaande van politieke partijen (en haar kandidaten).

        -     niet-geadresseerde reclamebladen en van gelijkgestelde producten die verband houden met een volksraadpleging zoals voorzien in de wetgeving.

        -     niet-geadresseerde reclamebladen en van gelijkgestelde producten uitgaande van socio-culturele- en sportverenigingen, caritatieve en openbare instanties

         

        Art.5: De belastingplichtige is gehouden ten laatste 14 dagen na de verspreiding aangifte te doen van de benodigde elementen ter berekening van de belastingaanslag, vergezeld van een specimen van het te verspreiden reclameblad of gelijkgesteld product.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijn, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.

         

        Art.6: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen

         

        Art.7: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - RET 26 RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR ROOK- EN CO-MELDERS - 2020-2026 - OPHEFFING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 09/12/2019 werd beslist om het retributiereglement voor rookmelders naar de gemeenteraad te zenden met het voorstel dit reglement ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

         

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het retributiereglement voor rookmelders gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

         

        In gemeenteraadszitting van 20/02/2020 werd het retributiereglement voor rookmelders gestemd voor een periode aanvang nemend op 20/02/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwile van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk om belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

         

        Op 20/12/2019 werd vanuit de brandweerzone kennisgeving verstuurd met aanbod tot aankoop van CO-melders:

         

        Het college van burgemeester en schepenen van de stad Mechelen heeft op 12 november 2019 de opdracht gegund op basis van de gunningscriteria kostprijs en kwaliteit van de CO-melder. Op deze wijze kan er een CO-melder van goede kwaliteit worden aangeboden aan een scherpe prijs.

        • De opdracht werd gegund aan Ansul, Louizalaan 65, 1000 Brussel, tel 02 467 72 11
        • De verkoopprijs werd vastgesteld op 25 euro per stuk.

         

        Zoals aangekondigd kan de hulpverleningszone de deelnemende gemeentebesturen ondersteunen met enerzijds een brochure rond plaatsing en onderhoud van CO-melders en anderzijds een opleidingssessie voor het gemeentepersoneel dat instaat voor de effectieve verkoop van CO-melders aan inwoners. 

         

        Het is zinvol om inwoners te sensibiliseren voor brandpreventie.

         

        De aankoop van rookmelders alsook CO-melders is in die zin dan ook een zeer nuttig initiatief.

         

        Het komt dan ook gepast voor om het retributiereglement uit te breiden met CO-melders.

         

        Omdat reeds lange tijd geen rookmelders / CO-melders meer worden afgenomen/verkocht via het lokaal bestuur is het wenselijk dit retributiereglement op te heffen.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor rookmelders op te heffen.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

         

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Enig artikel: De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor rookmelders op te heffen.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 5 - BELASTINGREGLEMENT OMSLAGBELASTING OP DE STEENBAKKERIJEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

         

        In gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd het reglement omslagbelasting op de steenbakkerijen gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

         

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het reglement omslagbelasting op de steenbakkerijen gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement omslagbelasting op de steenbakkerijen in te trekken en een hernieuwd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt een jaarlijkse belasting geheven van 7.437,00 EUR, om te slaan over de ondernemingen - steenbakkerijen die klei delven op het grondgebied van de gemeente, ongeacht of deze ondernemingen al dan niet hun zetel te Boom hebben. Het belastingbedrag geldt als maximum, in deze zin dat het beperkt blijft tot een bedrag per onderneming, dat forfaitair niet meer mag bedragen dan 0,17 EUR per 1.000 eenheden rijnvormsteen.

        Art.2: De verdeling dezer belasting zal gedaan worden naar verhouding der steenvoortbrengst in iedere steenbakkerij uit de op het grondgebied gedolven klei. De betrokken steenbakkerijen doen schriftelijk aangifte van het aantal steen geproduceerd uit de op het grondgebied gedolven klei in het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar. De aangifte vermeldt de genoemde productie, uitgedrukt in duizendtallen "kleine steen".

        Andere steenvormen worden op die basis herleid volgens de normen aangenomen door de bedrijfsgroepering der kleinijverheid en door het gemeentebestuur aan de betrokkenen medegedeeld. De gemeente behoudt zich het recht voor elke aangifte te controleren.

        Art.3: De belastingplichtige is gehouden voor 30 juni van het aanslagjaar spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -  10 % bij een eerste overtreding,

        -  100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.

        Art.4: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30.05.2008 en haar aanpassingen.

        Art.5: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - RET 23 - RETRIBUTIEREGLEMENT OP HET UITVOEREN VAN EEN CONFORMITEITSONDERZOEK - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        De gemeenteraad heeft in zitting van 18/01/2024 het belastingreglement op de afgifte van administratieve stukken - waarvan de afgite van een conformiteitsattest deel uitmaakte - gestemd voor een periode aanvang nemend op 15/01/2024 en eindigend op 31/12/2026.

        De gemeenteraad heeft in zitting van 23/05/2024 het retributiereglement op de vergoeding voor het aanvragen van een conformiteitsattest gestemd voor een periode aanvang nemend op 23/05/2024 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk om belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Door wijziging van de Vlaamse Codex Wonen 2021, ingaand op 1 juni 2024, zal de gemeente een vergoeding kunnen vragen voor het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek. Daarmee vervalt de mogelijkheid om een vergoeding te vragen voor de aanvraag van een conformiteitsattest.

        De Vlaamse regering trekt in haar besluit van 8 december 2023 het maximale bedrag dat de gemeente mag aanrekenen voor het uitvoeren van conformiteitsonderzoeken op tot de werkelijke kostprijs, met een maximum van 200 euro. Dit bedrag zal jaarlijks geïndexeerd worden en voor de eerste maal op 1 januari 2025.

        De vergoeding wordt gevraagd per onderzochte woning en dus per opgemaakt technisch verslag. Voor een kamerwoning is dit dus een vergoeding per kamer. De gemeente mag geen vergoeding aanrekenen voor het eerste conformiteitsonderzoek in het kader van een waarschuwingsprocedure of een procedure tot ongeschikt- en onbewoonbaarverklaring. Dit zorgt ervoor dat er:

        • voor bewoners geen financiële drempels worden ingebouwd om woningkwaliteitsproblemen te signaleren en
        • aan de houders van het zakelijk recht geen onredelijke vergoedingen worden gevraagd.

        De houder van het zakelijk recht zal dus enkel een vergoeding moeten betalen bij hercontroles en bij de aanvraag van een conformiteitsattest. Er wordt een vergoeding gevraagd voor conformiteitsonderzoeken, dat verloopt volgens de procedure vermeld in artikel 3.3 van de Vlaamse Codex Wonen, in volgende gevallen:

        • o In kader van de procedure van het verzoek tot de aanvraag van een conformiteitsonderzoek, vermeld in artikel 3.7, §1, eerste lid van de Vlaamse Codex Wonen
        • o In kader van een melding van herstel van eerder vastgestelde gebreken in de loop van een procedure om een woning ongeschikt of onbewoonbaar te verklaren, met toepassing van artikel 3.12 van de Vlaamse Codex Wonen
        • o In kader van een melding van herstel in de waarschuwingsprocedure als vermeld in artikel 3.10, derde lid van de Vlaamse Codex Wonen

         

        Om de vergoeding voor een conformiteitsonderzoek te behouden, dient het reglement voor 1 juni 2024 te worden aangepast.

         

        Het college besliste in zitting van 06/05/2024 om het retributiereglement op het uitvoeren van een conformiteitsonderzoek ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad van 23/05/2024.

         

        Het bedrag van de retributie wordt vastgesteld

        • In kader van de procedure van het verzoek tot vergoeding van een conformiteitsonderzoek: €200,00
        • In kader van een melding van herstel van eerder vastgestelde gebreken in de loop van een procedure om een woning ongeschikt of onbewoonbaar te verklaren: €200,00
        • In kader van een melding van herstel in de waarschuwingsprocedure: €200,00
        • Voor een conformiteitonderzoek van een kamerwoning: een basisbedrag van €200,00, verhoogd met €100,00 per kamer; zonder maximum.
        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het retributiereglement op de vergoeding voor het aanvragen van een conformiteitsattest hernieuwd te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.  

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN


        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - De wet van 18 juni 2018 houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht omzendbrief van 18 juli 2018

        - Besluit van de Vlaamse Regering tot codificatie van de decreten betreffende het Vlaams Woonbeleid van 17 juli 2020

        - De Vlaamse Codex wonen van 2021 (inzonderheid boek 3 en artikel 3.2)

        - Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Het gestemde retributiereglement op 23/05/2024 op te heffen en een gewijzigd reglement op de vergoeding voor de aanvraag van een conformiteitsonderzoek goed te keuren aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2026.


        Art.2 : Het bedrag van de retributie wordt vastgesteld:

        • In kader van de procedure van het verzoek tot aanvraag van een conformiteitsonderzoek: €200,00
        • In kader van een melding van herstel van eerder vastgestelde gebreken in de loop van een procedure om een woning ongeschikt of onbewoonbaar te verklaren: €200,00
        • In kader van een melding van herstel in de waarschuwingsprocedure: €200,00
        • Voor een conformiteitonderzoek van een kamerwoning: een basisbedrag van €200,00, verhoogd met €100,00 per kamer; met een maximum van €2.000,00.

        Bovenstaande bedragen in dit artikel worden jaarlijks op 1 januari gecumuleerd aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5%


        Art.3 : De retributie is verschuldigd door de aanvrager van het conformiteitsonderzoek.


        Art.4 : De woonmaatschappij Woonkade Rupelstreek is vrijgesteld.


        Art.5 : De retributie wordt geïnd op het ogenblijk dat het conformiteitsonderzoek werd uitgevoerd.


        Art.6 : Bij gebrek aan betaling in der minne, zal de retributie burgerrechtelijk ingevorderd worden voor wat betreft het betwiste gedeelte. De invordering van het niet-betwist gedeelte zal door middel van een dwangbevel, voorzien in artikel 177 van het decreet over het Lokaal Bestuur, geschieden.

        Art.7: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 6 - BELASTINGREGLEMENT OP DE CONSTRUCTIES DIE IN EEN ONAFGEWERKTE TOESTAND ZIJN GEBLEVEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd het reglement belasting op de constructies die in een onafgewerkte toestand zijn gebleven, gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het reglement belasting op de constructies die in een onafgewerkte toestand zijn gebleven, gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement belasting op de constructies die in een onafgewerkte toestand zijn gebleven in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Het gemeentebestuur wenst een actief en efficiënt gronden en pandenbeleid te voeren waarbij constructies die in een onafgewerkte toestand zijn gebleven maximaal wordt bestreden. Om dit beleid meer slagkracht te geven, doen we het voorstel om de belastingtarieven te verhogen. Hierbij werd vergeleken met belastingtarieven in omliggende gemeenten maar ook met belastingtarieven van andere gemeenten die een performant pandenbeleid voeren. Tot op heden bedraagt de belasting 10,00 EUR per vierkante meter van het te bebouwen grondvlak, vermenigvuldigd met het aantal bouwlagen, voorzien in het vergunde bouwdossier. De belastbare oppervlakte wordt steeds in volle vierkante meter uitgedrukt. Iedere begonnen vierkante meter wordt als volledige vierkante meter aangerekend. De minimumaanslag bedraagt 500,00 EUR.

        Het lijkt het wenselijk om dit tarief te verdubbelen naar 20,00 EUR per vierkante meter van het te bebouwen grondvlak, vermenigvuldigd met het aantal bouwlagen, voorzien in het vergunde bouwdossier en met een minimumaanslag van 1.000,00 EUR voor de periode 2026-2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Er wordt voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 een jaarlijkse belasting geheven op de nieuw gebouwde constructies en/of verbouwingswerken waarvoor een bouwtoelating werd afgeleverd en die op 1 januari van het aanslagjaar gedurende meer dan twee jaar onafgewerkt zijn gebleven en niet integraal beschikbaar zijn of gebruikt worden overeenkomstig hun bestemming zoals die uit het bouwdossier blijkt.

        Art.2: De belasting bedraagt 20,00 EUR per vierkante meter van het te bebouwen grondvlak, vermenigvuldigd met het aantal bouwlagen, voorzien in het vergunde bouwdossier.

        De belastbare oppervlakte wordt steeds in volle vierkante meter uitgedrukt. Iedere begonnen vierkante meter wordt als volledige vierkante meter aangerekend.

        De minimumaanslag bedraagt 1.000,00 EUR.

        Art.3: De belasting bezwaart het eigendom en is hoofdelijk en onverdeelbaar verschuldigd voor een gans aanslagjaar door diegene die op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar is van het belaste onroerend goed, hetzij  door de erfpachter of de opstalhouder.

        Art.4: Zijn van de belasting vrijgesteld:

        1)   de onvoltooide bouw- of verbouwingswerken die getroffen zijn door een ramp. Deze vrijstelling is beperkt tot twee dienstjaren volgend op de datum van de ramp.

        2)   de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en de door hen erkende sociale huisvestingsmaatschappijen.

        Art.5: Belastingontheffing zal verleend worden aan de belastingplichtige die, het bewijs voorlegt dat ten laatste op 31 december van het aanslagjaar, de belastbare toestand beëindigd werd om reden dat de constructie overeenkomstig de bouwvergunning werd afgewerkt.

        Hij dient hiertoe een verzoekschrift aan het College van Burgemeester en Schepenen te zenden, uiterlijk op 15 februari van het jaar volgend op het aanslagjaar.

        Art.6: Onderhavige belasting kan, inzake eenzelfde eigendom, niet gecumuleerd worden met de gemeentebelastingen op de onbebouwde bouwgronden en kavels of met de belasting op de niet-gebouwde gronden gelegen in industriegebied en palende aan een openbare weg die voldoende is uitgerust, noch met de gemeentelijke belasting op de leegstaande en/of verwaarloosde woningen of gebouwen, noch met de belasting op de leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten.

        Indien eenzelfde toestand onder toepassing valt van dit reglement en de in vorig lid vermelde gemeentebelastingen dan is de reglementering die de hoogste belastingopbrengst oplevert van toepassing.

        Art.7: De belastingplichtige is gehouden spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld voor 1 oktober van het aanslagjaar.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.

        Art.8: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamige decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.

        Art.9: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 11 - BELASTINGREGLEMENT OP DE VOOR HET PUBLIEK TOEGANKELIJKE BANK- EN FINANCIERINGSINSTELLINGEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Gedurende 15 jaar werd het tarief ongewijzigd behouden, hernieuwd en herstemd. Daarom is het noodzakelijk om een indexering door te voeren voor deze belasting naar analogie met andere reglementen. Om tot een realistisch tarief te komen vanaf 2026 dient rekening gehouden te worden met het ongewijzigd niet-geindexeerd tarief gedurende 15 jaar aangepast t/m 2025. Het tarief wordt jaarlijks vanaf 01/01/2026 aangepast door middel van een gecumuleerde index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op de voor het publiek toegankelijke bank- en financieringsinstellingen in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

         Huidige tarieven:

        -     600,00 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting van meer dan 20 personen,

        -     500,00 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting van meer dan 10, doch hoogstens 20 personen,

        -     300,00 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting van meer dan 5, doch hoogstens 10 personen,

        -     150,00 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting tot 5 personen,

        -     60,00 EUR voor eenmanszaken die voor de exploitant enkel een nevenberoep uitmaken,

        -     150,00 EUR per automaat.

         Nieuwe tarieven:

        -     761,39 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting van meer dan 20 personen,

        -     625,12 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting van meer dan 10, doch hoogstens 20 personen,

        -     375,07 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting van meer dan 5, doch hoogstens 10 personen,

        -     187,53 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting tot 5 personen,

        -     75,02 EUR voor eenmanszaken die voor de exploitant enkel een nevenberoep uitmaken,

        -     187,53 EUR per automaat.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 14 stemmen voor, 4 stemmen tegen, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031, wordt een  jaarlijkse belasting geheven op de voor het publiek toegankelijke bank- en financieringsinstellingen.

        Wordt voor de toepassing van onderhavige belasting als dusdanig aangezien elke in de gemeente Boom gevestigde bank-, financierings- of kredietinstelling, haar agentschappen en bijkantoren alsook eenmanszaken evenals de spaarkassen.

        De belasting is hoofdelijk en ondeelbaar verschuldigd voor een gans aanslagjaar door de natuurlijke of rechtspersonen, onder wiens handelsnaam de vorenbedoelde instellingen, agentschappen, of bijkantoren worden uitgebaat op 1 januari van het aanslagjaar.

        Worden eveneens aan deze belasting onderworpen: de automaten, geïnstalleerd op het grondgebied van de gemeente, die automatisch werken en het cliënteel toelaten geldopnemingen en/of spaarverrichtingen te doen.

        De belasting is verschuldigd door de natuurlijke of rechtspersonen onder wiens handelsnaam, logo of embleem, de vorenbedoelde instellingen, agentschappen of bijkantoren en eenmanszaken worden uitgebaat en door alle in het kader van onderhavige reglementering beschouwde natuurlijke of rechtspersonen voor wier rekening de geldautomaten door de cliënteel kunnen worden aangewend.

         

        Art.2: Het bedrag van de jaarlijkse belasting wordt vastgesteld op:

        -     761,39 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting van meer dan 20 personen,

        -     625,12 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting van meer dan 10, doch hoogstens 20 personen,

        -     375,07 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting van meer dan 5, doch hoogstens 10 personen,

        -     187,53 EUR voor de instellingen met een personeelsbezetting tot 5 personen,

        -     75,02 EUR voor eenmanszaken die voor de exploitant enkel een nevenberoep uitmaken,

        -     187,53 EUR per automaat.

        Het hiervoor bedoelde personeelsbestand omvat de persoon die verantwoordelijk is voor de exploitatie.

        De belasting is ondeelbaar en voor het hele jaar verschuldigd volgens de toestand op 1 januari van het aanslagjaar.

        De bedragen worden jaarlijks gecumuleerd aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5% en afgerond naar de hogere euro.


        Art.3: De belasting is niet verschuldigd voor de instellingen die krachtens de wet vrijgesteld zijn van gemeentebelasting.


        Art.4: De belastingplichtige is gehouden voor 30 juni van het aanslagjaar spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.


        Art.5: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.


        Art.6: Indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek, dan zal deze belastingverordening als definitief aanzien, aan de hogere overheid worden toegezonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 22 - BELASTINGREGLEMENT OP DE ONBEBOUWDE BOUWGRONDEN EN KAVELS IN WOONGEBIED - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In collegezitting van 09/12/2019 werd beslist om het belastingreglement op de onbebouwde bouwgronden in woongebied en onbebouwde kavels, naar de gemeenteraad te zenden met het voorstel om dit reglement ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Voorgestelde wijziging dmv toegevoegde mogelijkheid tot vrijstelling in artikel 4:

        Art.4: in afwijking van het decreet 27/03/2009 betreffende het grond- en pandenbeleid zijn van deze belasting vrijgesteld:

        7) de percelen die duurzaam en kwalitatief groen ingericht werden. Deze vrijstelling kan aangevraagd worden met een onderbouwd en gedocumenteerd schrijven gericht aan het College van Burgemeester en Schepenen. Het College oordeelt discretionair over de vervulling van de voorwaarden.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op de onbebouwde bouwgronden in woongebied en onbebouwde kavels in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009

        - Decreet van 27/03/2009 inzake het Grond- en Pandenbeleid.

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 14 stemmen voor, 4 stemmen tegen, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt een jaarlijkse belasting geheven op de onbebouwde bouwgronden in woongebied en onbebouwde kavels, de zogenaamd “activeringsheffing.”

        Art.2: het aanslagbedrag wordt vastgesteld op 23,14 EUR per strekkende meter lengte van de bouwgrond of kavel palende aan de openbare weg, met een minimum van 173,59 euro per bouwgrond of kavel.

        Elk gedeelte van een meter wordt als een volle meter beschouwd.

        Wanneer een grond aan verscheidene wegen paalt, is de langste perceellengte langs één van deze wegen de grondslag van de belastingberekening.

        Wanneer de grond begrepen is in een afgesneden hoek, gevormd door twee wegen, is de belastbare lengte gelijk aan de langste van de rechte perceellengten, vermeerderd met de helft van de afgesneden hoek.

        Deze bedragen zijn gekoppeld aan de evolutie van de ABEX-index en stemmen overeen met de index van december 2008. Ze worden jaarlijks op 1 januari aangepast aan het ABEX-indexcijfer van de maand december die aan de aanpassing voorafgaat en afgerond naar de hogere euro.

        Art.3: de belasting bezwaart het eigendom en is hoofdelijk en ondeelbaar verschuldigd voor een gans aanslagjaar hetzij door de eigenaar op 1 januari van het aanslagjaar, hetzij door de erfpachthouder of de opstalhouder.

        Art.4: in afwijking van het decreet 27/03/2009 betreffende het grond- en pandenbeleid zijn van deze belasting vrijgesteld:

        1) de eigenaars van één enkele onbebouwd bouwgrond of kavel bij uitsluiting van enig ander onroerend goed. Deze vrijstelling geldt alleen maar gedurende de vijf kalenderjaren die volgen op de verwerving van het goed. Ze geldt gedurende de vijf aanslagjaren die volgen op de inwerkingtreding van de belastingverordening, indien het goed op dat tijdstip reeds verworven is;

        2) de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en de door hen erkende sociale huisvestingsmaatschappijen;

        3) de verkavelaars, indien de verkavelingvergunning geen werken omvat, en dit gedurende het jaar dat volgt op het jaar waarin de verkavelingvergunning werd toegekend;

        4) de verkavelaars, indien de verkavelingvergunning werken omvat. Dit gedurende het jaar dat volgt op het jaar waarin het attest van het College van Burgemeester en Schepenen waaruit blijkt dat alle in de verkavelingvergunning opgelegde voorwaarden en lasten zijn uitgevoerd of dat voor de uitvoering van de lasten een afdoende financiële waarborg is gestort in handen van de gemeenteontvanger of in zijn voordeel op onherroepelijke wijze door een bankinstelling is verleend;

        5) de ouders met kinderen ten laste, beperkt tot één onbebouwd perceel per kind ten laste. Ook deze vrijstelling geldt alleen maar gedurende de vijf kalenderjaren die volgen op de verwerving van het goed. Zij geldt gedurende de vijf dienstjaren die volgen op de inwerkingtreding van de belastingverordening, indien het goed op dat tijdstip reeds verworven is;

        6) de percelen die, ingevolge de bepalingen van de wet op de landpacht, niet voor bebouwing kunnen worden bestemd.

        7) de percelen die duurzaam en kwalitatief groen ingericht werden. Deze vrijstelling kan aangevraagd worden met een onderbouwd en gedocumenteerd schrijven gericht aan het College van Burgemeester en Schepenen. Het College oordeelt discretionair over de vervulling van de voorwaarden. 


        Art.5: als bebouwde bouwgronden of kavels worden beschouwd, bouwgronden of kavels bebouwd overeenkomstig de verkavelingsvergunning, alsmede de bouwgronden of kavels waarop ingevolge een verleende bouwvergunning de bouwwerken werden aangevat op 1 januari van het aanslagjaar en in de loop van dat aanslagjaar een normale afwerking kennen.

        Belastingontheffing zal verleend worden aan de belastingplichtige die, alhoewel de bouwwerken niet zijn aangevat op 1 januari van het aanslagjaar, het bewijs voorlegt dat hij ten laatste op 31 december van het aanslagjaar, op de belaste bouwgrond of kavel bouwwerken bestemd voor bewoning onder dak heeft gebracht.

        Hij dient hiertoe een verzoekschrift aan het College van Burgemeester en Schepenen te zenden, uiterlijk op 15 februari van het jaar volgend op het aanslagjaar.


        Art.6: wanneer eenzelfde situatie aanleiding kan geven tot de toepassing van dit reglement en de belasting op de niet-bebouwde gronden gelegen in industriegebied en palende aan een openbare weg, die voldoende is uitgerust, is alleen dit reglement van toepassing.


        Art.7: de belastingplichtige is gehouden voor 1 oktober van het aanslagjaar spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.


        Art.8: de vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.


        Art.9: indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek dan zal deze belastingverordening als definitief aanzien, aan de hogere overheid worden toegezonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

         

      • DIENST FINANCIËN - BEL 23 - BELASTINGREGLEMENT OP DE ONBEBOUWDE GRONDEN GELEGEN IN INDUSTRIEGEBIED - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In collegezitting van 09/12/2019 werd beslist om het belastingreglement op de niet-gebouwde gronden in industriegebied, palende aan een voldoende uitgeruste openbare weg, naar de gemeenteraad te verzenden met het voorstel om dit reglement ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op de onbebouwde gronden in industriegebied, palende aan een voldoende uitgeruste openbare weg in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009

        - Decreet van 27/03/2009 inzake het Grond- en Pandenbeleid.

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 14 stemmen voor, 4 stemmen tegen, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Er wordt voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031, een jaarlijkse belasting gevestigd op de onbebouwde gronden gelegen in industriegebied en palende aan een openbare weg die voldoende is uitgerust (dit is een met duurzame materialen verharde weg, voorzien van een elektriciteitsnet)

        Art.2: De belasting bezwaart het eigendom en is ondeelbaar verschuldigd door de eigenaar op 1 januari van het aanslagjaar, hetzij door de erfpachthouder of de opstalhouder en subsidiair door de eigenaar. In geval dat sommige mede-eigenaars van de belasting vrijgesteld zijn, wordt de belasting enkel gevorderd van de niet-vrijgestelde mede-eigenaars in verhouding tot hun aandeel in het belaste eigendom.

        Art.3: De belasting wordt vastgesteld op 23,14 EUR per strekkende meter lengte van de grond palende aan de weg, met een minimum van 173,59 EUR per onbebouwde grond.

        Elk gedeelte van een meter wordt als een volle meter beschouwd.

        Wanneer een grond aan verscheidene wegen paalt, is de langste perceellengte langs één van deze wegen de grondslag van de belastingberekening.

        Wanneer de grond begrepen is in een afgesneden hoek, gevormd door twee wegen, is de belastbare lengte gelijk aan de langste van de rechte perceellengten, vermeerderd met de helft van de afgesneden hoek.

        Deze bedragen zijn gekoppeld aan de evolutie van de ABEX-index en stemmen overeen met de index van december 2008. Ze worden jaarlijks op 1 januari aangepast aan het ABEX-indexcijfer van de maand december die aan de aanpassing voorafgaat en afgerond naar de hogere euro.

        Art.4: Van de belasting zijn vrijgesteld :

        1)   de eigenaars van één enkele onbebouwde grond bij uitsluiting van enig ander onroerend goed. Deze vrijstelling geldt alleen maar gedurende de vijf kalenderjaren die volgen op de verwerving van het goed. Ze geldt gedurende de vijf dienstjaren die volgen op de inwerkingtreding van de belastingverordening, indien het goed op dat tijdstip reeds verworven is,

        2)   de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en de door hen erkende sociale huisvestings-maatschappijen

        3)   de ouders met kinderen ten laste, beperkt tot één onbebouwde grond per kind ten laste. Ook deze vrijstelling geldt alleen maar gedurende de vijf kalenderjaren die volgen op de verwerving van het goed. Zij geldt gedurende de vijf dienstjaren die volgen op de inwerkingtreding van de belastingverordening, indien het goed op dat tijdstip reeds verworden is.

        4)   de gronden waarop krachtens een overheidsbeslissing niet mag worden gebouwd, op bedrijventerreinen die door de overheid worden ontwikkeld, of op gronden die werkelijk voor land- of tuinbouw worden gebruikt.

        Art.5: Als bebouwde gronden worden beschouwd, de gronden met bouwwerken die thuishoren in de industriezone alsmede deze, waarop ingevolge een verleende bouwvergunning de bouwwerken werden aangevat op 1 januari van het aanslagjaar en in de loop van dit aanslagjaar een normale afwerking kennen.

        Belastingontheffing zal verleend worden aan de belastingplichtige die, alhoewel op 1 januari van het aanslagjaar de bedoelde werken niet aangevat hebbende, het bewijs voorlegt dat ten laatste op 31 december van het aanslagjaar, de bouwwerken op de belaste grond onder dak zijn gebracht, overeenkomstig de verleende bouwvergunning.

        Hij dient hiertoe een verzoekschrift aan het College van Burgemeester en Schepenen te zenden, uiterlijk op 15 februari van het jaar volgend op het aanslagjaar.

        Art.6: Wanneer eenzelfde situatie aanleiding kan geven tot de toepassing van dit reglement en de belasting op onbebouwde bouwgronden in woongebied en onbebouwde kavels, is alleen deze laatste verordening van toepassing.

        Art.7: De belastingplichtige is gehouden voor 1 oktober van het aanslagjaar spontaan aangifte te doen op een daartoe voorbestemd formulier dat door de gemeente ter beschikking wordt gesteld.

        Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk te formuleren.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met:

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.

        Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.

        Art.8: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.

        Art.9: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 24 - BELASTINGREGLEMENT OP DE UITBATING VAN OPENLUCHT RECREATIEVE TERREINEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        De gemeenteraad stemde in zitting van 18/12/2014 een belastingreglement op uitbating van openlucht recreatieve terreinen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2015 en eindigend op 31/12/2019.

        In collegezitting van 05/12/2016 werd beslist om het belastingreglement op uitbating van openlucht recreatieve terreinen naar de gemeenteraad te zenden met het verzoek het huidige reglement op te heffen en een nieuw reglement met bijkomend tarief te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2017 en eindigend op 31/12/219.

        In gemeenteraadszitting van 22/12/2016 werd het bestaande belastingreglement op uitbating van openlucht recreatieve terreinen opgeheven en een nieuw reglement met bijkomend tarief gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2017 en eindigend op 31/12/2019.

        In collegezitting van 09/12/2019 werd beslist om het belastingreglement op uitbating van openlucht recreatieve terreinen naar de gemeenteraad te zenden met het verzoek het huidige reglement op te heffen en een nieuw reglement te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het bestaande belastingreglement op uitbating van openlucht recreatieve terreinen opgeheven en een nieuw reglement met bijkomend tarief gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Het verwerven van inkomsten via belastingen is noodzakelijk om de algemene uitgaven van de gemeente te dekken;

        De uitbating, zelfs tijdelijk, van openlucht recreatieve terreinen legt een zware last bij de gemeente inzake netheid, veiligheid, coördinatie e.d.

        Er is een grote impact op:

        -       de mobiliteit van de inwoners en een vlot doorgaand verkeer, inclusief impact op de verkeersveiligheid;

        -       Het leefmilieu, meer bepaald afval en geluidsoverlast, eventueel ook een impact ten gevolge van landschappelijke aanpassingen;

        -       De inzet van gemeentepersoneel, onder meer de dienst omgevingsvergunningen, de uitvoerende technische dienst (o.a. voor de openbare reinheid), de communicatiedienst, diensten voor veiligheidsorganisatie;

        Door het heffen van een belasting op uitbaters van openlucht recreatieve terreinen kan een doordacht lokaal beleid gevoerd worden met voldoende aandacht voor flankerende maatregelen.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op uitbating van openlucht recreatieve terreinen in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Huidige tarief Boom vergeleken tov Rumst en voorgestelde wijziging gecumuleerd jaarlijks geïndexeerd aan 1,5 %:

         

        Tarief

        2025 Boom

        2025 Rumst

        2026 Boom

        2027 Boom

        2028 Boom

        2029 Boom

        2030 Boom

        2031 Boom

         

         

         

         

         

         

         

         

         

        M² uitbating minder dan 7 aaneensluitende dagen

        0,50

        0,55

        0,56

        0,57

        0,58

        0,58

        0,59

        0,60

        M² uitbating >= 7 aaneensluitende dagen met max. 1 weekend

        0,70

        2,10

        2,13

        2,16

        2,20

        2,23

        2,26

        2,30

        M² per weekend indien >= 2 weekends

        0,70

        2,10

        2,13

        2,16

        2,20

        2,23

        2,26

        2,30

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Decreet d.d. 30/05/2008 en haar aanpassingen dat de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen regelt.

        - Decreet van 10 juli 2008 betreffende de toeristische logies.

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 17 stemmen voor, 4 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Met ingang van 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt ten voordele van de gemeente Boom een belasting gevorderd van de uitbaters van openlucht recreatieve terreinen zoals bedoeld in het artikel 2. 3° van het decreet van 10 juli 2008 betreffende het toeristisch logies, zelfs indien op dit openluchtrecreatief terrein minder dan 76 dagen per jaar wordt gekampeerd.


        Art.2
        : Deze belasting wordt geheven op de oppervlakte van de afgebakende gedeelten van het terrein ingericht als tentenweide of als plaats voor andere mobiele openlucht recreatieve verblijven.

        In de genoemde oppervlakte zijn niet inbegrepen de oppervlakte van de toegangswegen tot het kampeerterrein en tot de afgebakende tentenweiden, de oppervlakte van de veiligheidswegen, de oppervlakte ingenomen door sanitaire voorzieningen.


        Art.3:
        Het bedrag van de verschuldigde belasting wordt als volgt berekend:

         

        • 0,56 euro per vierkante meter van de in art. 2 genoemde oppervlakte: per periode van uitbating van minder dan 7 aaneensluitende dagen
        • 2,13 euro per vierkante meter van de in art. 2 genoemde oppervlakte:
        • per periode van uitbating van minstens 7 aaneengesloten dagen met maximum 1 weekend.
        • per weekend indien de periode van uitbating 2 of meerdere weekends bevat

        De bedragen wordt jaarlijks gecumuleerd aangepast door middel van een index met een vaste coëfficiënt van 1,5%.

        Art.4
        : De uitbaters van de openlucht recreatieve verblijven zijn ertoe gehouden om bij de aanvraag van de vergunning, op een daartoe voorzien formulier, aan de gemeente Boom aangifte te doen van de plaats en de oppervlakte van de door hen ter beschikking gestelde terreinen op het grondgebied van de gemeente Boom zoals beschreven in artikel 2.


        Art.5
        : Een uitbreiding van het terrein moet steeds met een bijkomende aangifte aan de Gemeente Boom worden aangegeven vóór de ingebruikname van het terrein.


        Art.6
        : De belasting wordt ingevorderd via een kohier dat uitvoerbaar wordt verklaard door het college van burgemeester en schepenen.


        Art.7
        : Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte binnen de gestelde termijnen, wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar.

        Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd, evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.

        De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen vanaf de derde werkdag volgend op de verzending van de betekening om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.

        De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met

        -     10 % bij een eerste overtreding,

        -     100 %, 200 % bij respectievelijk een tweede en derde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.

        Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.


        Arti.8
        : Teneinde de nodige vaststellingen te kunnen doen dienen de belastingplichtigen de ambtenaren, die door het college met het toezicht zijn belast en van een aanstellingsbewijs zijn voorzien, toe te laten op de terreinen.


        Art.9
        : Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een bijkomende administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.


        Art.10:
         De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.


        Art.11
        : Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 29 - BELASTINGREGLEMENT OP HET WEGHALEN VAN ACHTERGELATEN AFVAL OP NIET REGLEMENTAIRE PLAATSEN / TIJDSTIPPEN OF IN NIET REGLEMENTAIRE RECIPIËNTEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In collegezitting van 25/11/2013 werd beslist om het belastingreglement op het weghalen en verwijderen van huishoudelijk en/of daarmee gelijkgestelde afvalstoffen, gestort of achtergelaten op niet-reglementaire plaatsen of tijdstippen of in niet-reglementaire recipiënten, naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In collegezitting van 09/12/2019 werd beslist om het belastingreglement op het weghalen en verwijderen van huishoudelijk en/of daarmee gelijkgestelde afvalstoffen, gestort of achtergelaten op niet-reglementaire plaatsen of tijdstippen of in niet-reglementaire recipiënten, naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        In analogie met het teruggevonden reglement bij stad Mortsel voor de periode 2023-2025 is het aangewezen om het tarief te wijzigigen.

        Tarief stad Mortsel:

        De belasting bedraagt per ophaalbeurt uitgevoerd door de stad Mortsel, afgezien de gerechtelijke vervolgingen en afgezien de stortkosten:

        1. afval met een volume tot 3 dm³: 145,00 EUR per ophaalbeurt
        2. afval volume van 3,01 dm³ tot 1/4 m³: 235,00 EUR per ophaalbeurt
        3. afval volume meer dan 1/4m³ tot 1m³: 325,00 EUR per ophaalbeurt
        4. afval volume meer dan 1m³ tot 5m³: 535,00 EUR per ophaalbeurt
        5. afval volume meer dan 5m³: 655,00 EUR per ophaalbeurt vermeerderd met 50,00 EUR per bijkomende m³ of deel ervan.

        Indien voor het verwijderen de tussenkomst is vereist van een erkende, geregistreerde of gespecialiseerde particuliere onderneming, zal de gefactureerde kostprijs ter zake als belasting aan de belastingplichtige doorgerekend worden.

        Huidig tarief lokaal bestuur Boom:

        De belasting voor het weghalen en verwijderen van de afvalstoffen omschreven in artikel 1 bedraagt :

        1. Voor afval met een volume tot 1/4 m³ : 90,00 EUR;
        2. Voor afval met een volume van meer dan 1/4 m³ tot 1 m³: 140,00 EUR;
        3. Voor afval met een volume van meer dan 1 m³tot 5 m³: 250,00 EUR;
        4. Voor afval met een volume van meer dan 5 m³: 250,00 EUR, vermeerderd met 50,00 EUR per bijkomende m³ of gedeelte van m³;
        5. De door derden gefactureerde kosten vermeerderd met 30,00 EUR administratiekosten.

        Voorgestelde wijziging:

        1. Voor afval met een volume tot 1/4 m³: 235,00 EUR per ophaalbeurt
        2. Voor afval met een volume meer dan 1/4m³ tot 1m³: 325,00 EUR per ophaalbeurt
        3. Voor afval met een volume meer dan 1m³ tot 5m³: 535,00 EUR per ophaalbeurt
        4. Voor afval met een volume meer dan 5m³: 655,00 EUR per ophaalbeurt vermeerderd met 50,00 EUR per bijkomende m³ of deel ervan.
        5. De door derden gefactureerde kosten vermeerderd met 50,00 EUR administratiekosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op het weghalen en verwijderen van huishoudelijk en/of daarmee gelijkgestelde afvalstoffen, gestort of achtergelaten op niet-reglementaire plaatsen of tijdstippen of in niet-reglementaire recipiënten in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 18 stemmen voor, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Er wordt voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 een belasting geheven op het weghalen en verwijderen door, of in opdracht van de gemeente van huishoudelijke en/of andere afvalstoffen, die gestort of achtergelaten werden op plaatsen of op tijdstippen, waar dit door een wettelijke of reglementaire bepaling verboden is of in niet-reglementaire recipiënten.


        Art.2: De belasting is verschuldigd door de persoon die de in artikel 1 genoemde afvalstoffen heeft gestort en/of achtergelaten. Eventueel is de belasting verschuldigd door de voor hem burgerlijk verantwoordelijke persoon.


        Art.3: De belasting voor het weghalen en verwijderen van de afvalstoffen omschreven in artikel 1 bedraagt :

        1. Voor afval met een volume tot 1/4 m³: 235,00 EUR per ophaalbeurt

        2. Voor afval met een volume meer dan 1/4m³ tot 1m³: 325,00 EUR per ophaalbeurt

        3. Voor afval met een volume meer dan 1m³ tot 5m³: 535,00 EUR per ophaalbeurt

        4. Voor afval met een volume meer dan 5m³: 655,00 EUR per ophaalbeurt vermeerderd met 50,00 EUR per bijkomende m³ of deel ervan.

        5. De door derden gefactureerde kosten vermeerderd met 50,00 EUR administratiekosten.


        Art.4: De belastingschuld ontstaat vanaf het ogenblik van het weghalen en verwijderen van de afvalstoffen door of op vraag van de gemeente voor een ophaling al dan niet los van de normale huisvuilophaalbeurt.


        Art.5: De belasting wordt contant ingevorderd door middel van de afgifte van een kwitantie.


        Art.6  Bij gebrek aan een contantbetaling of in geval deze niet gelijk is aan de reële belastingschuld, berekend op basis van de gegevens waarover het gemeentebestuur nadien beschikt, zal door het college van burgemeester en schepenen worden overgegaan tot inkohiering, of respectievelijk terugbetaling, van het verschil.


        Art.7: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.


        Art.8: Indien er geen bezwaren ingediend worden tijdens het openbaar onderzoek, dan zal deze belastingverordening aan de hogere overheid worden verzonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 10 - BELASTINGREGLEMENT OP DE AMBULANTE ACTIVITEITEN - AANSLAGJAREN 2026-2031 - HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

         

        In de gemeenteraadzitting van 05/12/2013 werd beslist dit reglement te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadzitting van 19/12/2019 werd beslist dit reglement te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Het dagtarief van een ambulante handelaar was sinds 2007 niet meer gewijzigd waardoor een tariefaanpassing dewelke in de lijn ligt van de tarieven van de buurgemeenten wenselijk is.  

        Vanuit de dienst lokale economie werd een voorstel gedaan om het belastingtarief per dag te wijzigen.  

        In de collegezitting van 09/12/2019 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement gewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Voorgestelde wijziging:

        Artikel 2: De belasting is verschuldigd door de ambulante handelaar en wordt vastgesteld als volgt:

        - per dag van 10,00 EUR naar 20,00 EUR.


        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om dit belastingreglement naar de gemeenteraad te verzenden met het verzoek het bestaande belastingreglement op ambulante activiteiten in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht.

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009.

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Kimberly Van Assche
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 14 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 4 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt een  jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op ambulante activiteiten op het grondgebied van de gemeente.

        Art.2: De belasting is verschuldigd door de ambulante handelaar en wordt vastgesteld als volgt:

        - per dag:.................................... 20,00 EUR

        - per maand:................................ 60,00 EUR

        - per jaar:................................... 250,00 EUR

        Art.3: Zijn vrij van deze belasting :

        a)   de ambulante activiteiten uitgeoefend door middel van het innemen op de openbare weg van vaste verkoopplaatsen op kermissen en jaarmarkten, die door een gemeentelijke verpachtingsovereenkomst worden geregeld

        b)   de ambulante activiteiten uitgeoefend op de openbare markten, die door een afzonderlijk gemeentelijk retributiereglement worden geregeld

        Art.4: Alvorens tot de ambulante handel mag worden overgegaan dient hiervan melding gemaakt te worden bij het gemeentebestuur overeenkomstig de modaliteiten vermeld in de politiecodex.

        De belasting is contant betaalbaar door de ambulante handelaar vanaf het melden van de ambulante handel.

        Bij gebrek aan contante betaling wordt de belasting ingekohierd.

        Art.5: Ingeval van weigering om een fiscale controle te laten uitvoeren of weigering om boeken of bescheiden voor te leggen : een administratieve geldboete van 100,00 EUR op te leggen.

        Art.6: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.

        Art.7: Indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onder­zoek, dan zal deze verordening als definitief aanzien aan de hogere overheid worden toegezonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 13 - BELASTINGREGLEMENT OP DE INNAME VAN HET OPENBAAR DOMEIN TEN GEVOLGE VAN BOUWWERKEN - AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In de gemeenteraadszitting van 17/12/2020 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2021 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op de inname van het openbaar domein ten gevolge van bouwwerken in te trekken en een gewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Amendementen

        Amendement toegevoegd door Vicente Pascual Termens: bedrag aanpassen van 0,25 euro per m² naar 0,50 euro per m².

        Amendement
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo, Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 17 stemmen voor, 4 stemmen tegen
        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Maaike De Maeyer, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Rudy Van Rompaey
        Onthouders: Nourdine Elkaouakibi, Fatiha Haouat, Ali Manzo
        Resultaat: Met 17 stemmen voor, 1 stem tegen, 3 onthoudingen
        Besluit

        Art.1: Het belastingreglement op de inname van het openbaar domein ten gevolge van bouw- of verbouwingswerken gestemd op 19/12/2019 op te heffen en voor een periode aanvang nemend vanaf 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031, wordt een belasting geheven op de inname van het openbaar domein ten gevolge van bouw- of verbouwingswerken, door het plaatsen van schutsels, stellingen, werfketen, kranen, schuilhuisjes, containers, bouwmateriaal, werktuigen, enz.  Deze opsomming is niet limitatief.


        Art.2: De belasting bedraagt 0,50 EUR per ingenomen m² per dag. 


        Art.3: Alvorens tot de inname van het openbaar domein mag worden overgegaan dient toelating te worden verkregen zoals is bepaald bij politieverordening. Zo deze toelating niet is verleend, zal de ingenomen oppervlakte op het openbaar domein worden vrijgemaakt door of in opdracht van de gemeente en zullen de kosten verhaald worden op de veroorzaker en indien deze niet bekend is op de bouwheer.


        Art.4: Van deze belasting zijn vrijgesteld:

        1) de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal wonen en de door haar erkende sociale huisvestingsmaatschappijen

        2) openbare instellingen en instellingen van openbaar nut


        Art.5: De belasting is contant betaalbaar door de aanvrager op het ogenblik van de aanvraag voor de inname van het openbaar domein. Bij gebrek aan contante betaling, wordt de belasting ingekohierd.


        Art.6: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.


        Art.7: Indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek, dan zal deze belastingverordening als definitief aanzien, aan de hogere overheid worden toegezonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

      • DIENST FINANCIËN - BEL 32 - BELASTINGREGLEMENT O/D VERWERVING V/D ZATE VAN OPENBARE WEGEN O/D WEGENWERKEN EN LEGGEN VAN TROTTOIRS EN RIOLEN- AANSLAGJAAR 2026-2031 - HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist om, het belastingreglement op de verwerving van de zate van openbare wegen, op de wegenwerken en op het leggen van trottoirs en riolen, naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting 05/12/2013 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de collegezitting van 09/12/2019 werd beslist om, het belastingreglement op de verwerving van de zate van openbare wegen, op de wegenwerken en op het leggen van trottoirs en riolen, naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te herstemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        In de gemeenteraadszitting 19/12/2019 werd dit reglement gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

         

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

         

         

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het bestaande belastingreglement op de verwerving van de zate van openbare wegen, op de wegenwerken en op het leggen van trottoirs en riolen in te trekken en een ongewijzigd reglement te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht.

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 zullen de eigenaars van de bebouwde en onbebouwde eigendommen, gelegen langs de openbare wegen of delen van openbare wegen aan een jaarlijkse taks onderworpen worden om de door de gemeente gemaakte uitgaven te dekken van de openbare wegen of delen van openbare wegen:

        a) welke geopend, verbreed, rechtgetrokken of verlengd zullen worden, voor zover hierbij grondverwerving voor wegbedding noodzakelijk is.

        b) waarin voor de eerste aanleg volgende werken uitgevoerd worden:

        -     alle grondwerken hoegenaamd;

        -     plaatsen van stoepen;

        -     definitieve verharding, geheel of gedeeltelijk;

        -     definitieve verharding, in vervanging of afwerking van een voorlopige verharding, waarvan de kosten niet werden teruggevorderd ten laste van de aangelanden.

        Worden als een voorlopige verharding aangezien: wegverhardingen met as, gruis, wet-sandasfalt, sandasfalt, uitschotkeien en gelijkaardige producten, behoudens de gevallen waar deze als fundering moeten dienen voor de later aan te brengen definitieve verharding.

        De kosten voor vernieuwingswerken aan voetpaden kunnen slechts teruggevorderd worden na een termijn van 20 jaar vanaf de aanleg van het vroeger trottoir.

        c) onder dewelke riolen met bijhorigheden voor de eerste maal zullen aangelegd worden.

        De verhaalbare uitgaven voor de werken vermeld onder a, b en c worden respectievelijk opgesomd in de artikelen 3, 7 en 10.

        De kosten voor verbeteringswerken aan uitvoeringen waarvoor vroeger reeds belasting werd gevorderd, worden niet meer verhaald op de aangelanden.

        d) dit taksreglement is van toepassing op de verwerving van de zate van de openbare wegen, op de wegenwerken en op het leggen van trottoirs en riolen, voltooid in het belastingjaar en gedurende die door vroegere verordeningen terzake bepaalde periode.

        Art.2: Het college van burgemeester en schepenen zal de afrekening der verhaalbare uitgaven opmaken. Wat betreft de grond-, de verhardings- en rioleringswerken zal dit bedrag de kosten der werken niet mogen overtreffen.

        De rechtstreekse taks zal voor om het even welk aanpalend eigendom, met uitzondering van deze die hiervan vrijgesteld is, vastgesteld worden in functie van het aandeel betreffende dit eigendom in het bedrag der verhaalbare uitgaven bedoeld in de vorige paragraaf.

        Dit aandeel zal berekend worden naar de formule :

        A =   U   x M

            L + L'

        waarin :

        A = het bedrag van het aandeel

        U = het totaal bedrag van de verhaalbare uitgaven

        L = de totale lengte, uitgedrukt in meter, van de perceelbreedten der eigendommen aan de rooilijn

        L'= totale breedte, uitgedrukt in meter, van alle dwarsstraten van de straat waarop de belasting slaat

        M = het aantal aanrekenbare meter perceelbreedte van het eigendom

        Wanneer er een afgeknotte of afgeronde hoek bestaat aan de kruising van twee wegen, zal de lengte van de afknotting of afronding voor de helft beschouwd worden als gevel langsheen elke weg.

        A. Openen, verbreden, rechttrekken of verlengen van straten

        Art.3: De door deze taks verhaalbare uitgaven zijn:

        a) de aankoopprijs, hetzij door onteigening, hetzij door afstand van al de grondpercelen of gronddelen welke in de grondlaag van de nieuwe weg zullen opgenomen worden; de waarde van de grond die aan de gemeente zal afgestaan worden ingeval van ruiling.

        b) al de kosten in verband met het verwerven van de wegbedding, behalve de normale administratiekosten.

        c) de gerechtelijke kosten voortvloeiend uit de onteigeningen.

        Art.4: Deze belasting is niet toepasselijk op de eigenaars die zonder vergoeding de vereiste oppervlakte grond afstaan voor het aanleggen, verlengen, verbreden of rechttrekken van de openbare weg, die hun normaal zou aangerekend worden uit hoofde dezer reglementering.

        In geval een eigenaar meer grondafstand moet gedogen, kan hij een vergoeding eisen voor het verschil : deze vergoeding wordt hem door de gemeente uitgekeerd, of zo minnelijke schikking mogelijk is, door de boordeigenaars die minder grondoppervlakte hebben afgestaan dan nodig om aan de belastingschuld te voldoen: dit alles als compensatieregeling.

        Art.5: Voor de berekening van de verhaalbare uitgaven zal er geen rekening gehouden worden met het gedeelte der grondinnemingen dat de 12 vierkante meter per strekkende meter gevelbreedte overtreft. Dit gedeelte valt ten laste der gemeente.

        Art.6:

        a) ingeval van rechttrekking of verbreding van straten wordt aan al de belastingplichtige aangelanden der betrokken straat of straatgedeelten aan weerszijden de helft aangerekend van de aan de oude wegbedding toegevoegde oppervlakte.

        b) de verhaalbelasting op het openen, verbreden, rechttrekken of verlengen van straten wordt niet toegepast op de niet bebouwde eigendommen in de landelijke zones, zoals bepaald op het gewestplan.

        B. Grond- en verhardingswerken

        Art.7: De door deze taks verhaalbare uitgaven zijn :

        a) de kosten der grondwerken

        b) de onkosten voor definitieve verharding van voet-, fietspaden en rijwegen, met alle onderdelen hoegenaamd

        c) de volgens de eindafrekening van de aanneming, aan de aannemer betaalde algemene en andere kosten

        d) de kosten van toezicht en erelonen

        Art.8: Voor de berekening van de verhaalbare uitgaven zal er slechts rekening gehouden worden met de grond- en ver­hardingswerken uitgevoerd op een maximale breedte van 12 m2 per strekkende meter gevelperceelbreedte.

        Art.9:

        a) in geval van rechttrekking of verbreding van straten wordt enkel rekening gehouden met het verschil tussen de belegde oppervlakte van voor en na de verbre­ding.

        Deze onkosten worden verhaald op al de belastingplichtige aangelanden der betrok­ken straat. Aan weerszijden wordt de helft aangerekend van de  op het verbrede of rechtge­trokken deel uitgevoerde werken.

        Indien een voetpad slechts langs één zijde van de weg wordt aangelegd zal de kostprijs ervan enkel aangerekend worden aan de aangelanden langs die zijde.

        De belastbare voetpadbreedte langs elke zijde mag nooit de volgende grenzen overtref­fen :

        5 min straten met een breedte van meer dan 25 m,

        4 min straten met een breedte van meer dan 20 tot 25 m,

        3 min straten met een breedte van meer dan 15 tot 20 m,

        2,5  m in straten met een breedte van meer dan 10 tot 15 m,

        2  m in straten met een breedte van 10 men minder.

        b) de verhaalbelasting op de grond- en verhardingswerken wordt niet toegepast op de niet-bebouwde eigendommen in de landelijke zones, zoals bepaald op het gewest­plan.

        C. Rioleringswerken

        Art.10: De door deze taks verhaalbare uitgaven zijn:

        a) de kosten der uitgravingen en aanaardingen

        b) de kosten van eigenlijke riool, met inbegrip van de fundering en alle andere bijhorig­heden

        c) de kosten van het opbreken en van het herstellen naar oorspronke­lijke bouwwijze van de bestaande verharding

        d) de, volgens de eindafrekening van de aanneming, aan de aannemer betaalde algemene en andere kosten

        e) de kosten van toezicht en erelonen.

        Art.11: Wanneer de rioleringswerken tegelijkertijd in meer dan één straat worden uitgevoerd (rioolnet), wordt het bedrag van het aandeel bere­kend volgens de formule vastgesteld in art. 2, met dien verstande dat "U" het totaal bedrag der verhaalbare uitgaven voor het ganse net vertegenwoordigt en "L" het globaal aantal meter perceel­breedte der eigendommen betrokken bij het complex der werken.

        Indien de werken de aanleg omvatten van leidingen waarvan de doorsnede 80/120 cm overtreft, zullen de kosten der werken met het oog op de toepassing van onderhavig reglement, vastgesteld worden in functie van leidingen met voor­melde afmetingen en aangerekend worden aan de vigerende prijs.

        Gebouwen in een niet-gerioleerde straat gelegen, zullen indien moge­lijk en op verzoek van de eigenaar, met het riool verbonden worden, doch, bij gebeurlij­ke aanleg van riolering in de eerstgenoemde straat, kan deze aansluiting niet voor belastingvrij­stel­ling ingeroepen worden.

        De verhaalbelasting op de rioleringswerken wordt niet toegepast op de niet-bebouw­de eigendommen gelegen in de landelijke zones, zoals bepaald op het gewestplan.

        D. Algemene bepalingen

        Art.12: Er wordt vrijstelling verleend voor de gronden waarop er niet mag of niet kan gebouwd worden, of wanneer de huidige belasting­plichtige vrijge­steld is ingevolge wetten en besluiten.

        Inzake hoekpercelen die niet onder toepassing vallen van de bepaling in voorgaande alinea aangeduid en voor zover het een onbebouwde grond betreft die aan twee gemeen­tewegen grenst en een diepte heeft van minder dan 12 meter, die diepte gemeten met als basis de ene of andere lengte aan de rooilijnen, zal de taks als volgt toegepast worden :

        a) indien de twee wegen op dezelfde datum voor het verkeer opengesteld worden, zal de taks niet geëist worden voor de lengte die aanleiding heeft tot het laagste aandeel,

        b) indien twee wegen niet op dezelfde datum voor het verkeer openge­steld werden, zal de taks voor de weg die in de tweede plaats openge­steld werd, nog enkel het verschil bedragen tussen de taks voor de tweede en de eerste aanleg. Als er een achteruitbouw­strook bestaat, zullen de in onderhavig artikel bedoelde diepten deze strook niet bevatten.

        De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing:

        a) indien er een plan van aanleg bestaat waar de bebouwbaarheid uit blijkt, onafgezien de diepte,

        b) in geval dat de onbebouwde grond grenst aan een bebouwd of bebouwbaar perceel van dezelfde eigenaar.

        Als een grond gedeeltelijk op Boom en gedeeltelijk op een naburige gemeente gelegen is, zal de grond in zijn geheel beschouwd worden om zijn diepte te bepalen.

        N.B. Wordt als diepte van een grond beschouwd, de langste haaklijn getrokken binnen zijn grenzen op zijn basis t.t.z. de rooilijn ter zake.

        Art.13: Elk bebouwd of onbebouwd perceel gelegen aan de hoek van twee gemeen­tewegen zal niet aangeslagen worden langs de weg waar het verkeer het laatst opengesteld werd, voor een lengte, van het hoekpunt gerekend, van :

         

        10 mals de rooilijnen een hoek vormen van minder dan 45°

        6 mals de rooilijnen een hoek vormen van 45° tot minder dan 90°

        3 mals de rooilijnen een hoek vormen van 90° tot minder dan 135°.

        Als in deze twee wegen het verkeer op dezelfde dag opengesteld werd, zal de voornoem­de vrijstelling toegepast worden voor de gevel die aanleiding geeft tot de laagste taks.

        Wat de bebouwde of onbebouwde eigendommen betreft, die aan twee of meer gemeente­wegen palen en verscheidene hoeken, gevormd door de kruising van straten, vertonen, zal er voor elke hoek gehandeld worden zoals in de twee voor­gaande alinea's aangeduid is.

        In de verschillende gevallen voorzien in onderhavig artikel, zal de niet aangeslagen lengte, als er een afgesneden of afgeronde hoek bestaat, van het midden van die hoek af gerekend worden, zoals bepaald in artikel 2.

        De verkaveling of vormverandering van een eigendom zal generlei verandering van de in dit artikel voorziene vrijstellingen voor gevolg hebben.

        Ze zullen blijven zoals zij in de door het College van Burgemeester en Schepenen afgesloten aandelenlijst der aangelanden bepaald zijn.

        Art.14: Een bericht van het College van Burgemeester en Schepenen zal de datum van opening en/of ingebruikstelling der straten of rioleringen aandui­den. Dit bericht zal gepubliceerd worden uiterlijk zes maanden na de voorlo­pige aanvaarding der werken

        Art.15: De jaarlijkse rechtstreekse taks wordt vastgesteld als volgt:

        1) Op de eigendommen waarvoor een kostenaandeel werd berekend ingevol­ge de bepalingen van artikel 2 van dit reglement

        Deze eigendommen worden gedurende 15 achtereenvolgende jaren, onder­worpen aan een belasting, waarvan het jaarlijks bedrag gelijk is aan het product van het aandeel A (berekend volgens de bepalingen van artikel 2 van dit reglement) en een annuïteitcoëfficiënt. Deze coëfficiënt dient overeen te stemmen met de interestvoet, toegepast voor leningen waarvan de duurtijd gelijk is aan deze van de belasting, voor het semester dat de datum voorafgaat waarop het College het bericht, bepaald in artikel 14, publiceert.

        2) Op de eigendommen die onderworpen zijn aan de belasting ingevolge de bepalingen van vorige reglementen

        Art.16: De eerste jaarlijkse rechtstreekse taks wordt gevestigd, op het ogenblik waarop het College van Burgemeester en Schepenen het bericht, bepaald in artikel 14, publiceert, ten laste van de eigenaar op dat ogenblik.

        Art.17: Iedere belastingplichtige van onderhavige taks mag deze als volgt kwijten:

        1) hetzij door betaling van de taks berekend ingevolge de bepalingen van artikel 15

        2) hetzij door het bedrag van zijn kapitaalsaandeel te betalen binnen de termijn bepaald in het aanslagbiljet dat hem zal toegezonden worden

        3) hetzij, na één of meer taksen betaald te hebben, zoals bepaald in 1), door het bedrag te betalen van de gekapitaliseerde waarde der nog niet vervallen taksen.

        In dit geval moet hij daartoe een aanvraag richten tot het College van Burgemeester en Schepenen, aangetekend ter post verzonden, vóór 1 januari van het dienstjaar waarvan hij de betaling der rechtstreekse taksen zou willen staken. Hij is in dit geval verplicht dit bedrag vóór 1 februari van dat dienstjaar te storten.

        Art.18: De taks belast het eigendom en is door de eigenaar verschul­digd. Zij is voor het ganse jaar verschuldigd, door de persoon die op 1 januari van het belasting­jaar eigenaar is van het belaste goed, behoudens wat betreft de eerste annuïteit, die gevorderd wordt over­eenkomstig het bepaalde in artikel 16.

        Waar gebouwen opgericht zijn over een doorgang, toebehorend aan andere eige­naars, moet de belasting voldaan worden door de eigenaar der gebouwen. Indien nochtans de doorgang verbinding geeft met achter­waartse gebouwen, wordt de belasting voor drie vierden aangerekend aan de eigenaar der straat­waartse gebouwen en voor één vierde aan de eigenaar der achterwaartse gebou­wen.

        Ingeval van eigendomsoverdracht, is de nieuwe eigenaar de belasting verschul­digd te rekenen van 1 januari af die volgt op de datum van de akte die hem het eigendom toekent.

        Art.19: In geval van opheffing of niet-hernieuwing van onderhavige verorde­ning of indien de belastingvoeten zouden verlaagd worden, verbindt de gemeen­te zich ertoe aan de belastingplichtigen, die de belasting in kapitaal gekweten hebben, de bedragen terug te betalen die tengevolge de afschaffing van de belasting of de vermindering van de belastingvoeten als ten onrechte betaald moeten beschouwd worden. In dit laatste geval zal de terugbetaling in verhouding zijn tot de verminde­ring van de belastingvoeten, waarvan de belastingplichtigen die jaarlijks ingekohierd worden zullen genieten.

        Art.20: De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgende de modaliteiten vervat in het gelijknamig decreet van 30/05/2008 en haar aanpassingen.

        Art.21: Indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onder­zoek, dan zal deze belastingverordening als definitief aanzien, aan de hogere overheid worden toegezonden in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht.

      • DIENST FINANCIËN - RET 7 - RETRIBUTIEREGLEMENT OP DIENSTEN VOOR INDIVIDUEEL BEZOLDIGD PERSONENVERVOER - 2026-2031 - HERNIEUWING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Ingevolge het decreet betreffende het individueel bezoldigd personenvervoer van 29/09/2019 alsook het besluit van de Vlaamse Regering betreffende de exploitatievoorwaarden dient een retributiereglement voor diensten voor individueel personenvervoer opgemaakt te worden.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De financiële dienst verzoekt het college van burgemeester en schepenen de gemeenteraad voor te stellen om het retributiereglement voor diensten voor individueel personenvervoer gewijzigd te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht.

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        - Omzendbrief ABB2019/2 van 15/02/2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentefiscaliteit.

        - Decreet betreffende het individueel bezoldigd personenvervoer van 29/09/2019.

        - Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de exploitatievoorwaarden voor het individueel bezoldigd personenvervoer.

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Nourdine Elkaouakibi, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Tegenstanders: Hans Verreyt, Eddy Van Der Taelen, Kimberly Van Assche
        Onthouders: Rudy Van Rompaey
        Resultaat: Met 17 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 1 onthouding
        Besluit

        Art.1: Voor een periode, aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031, wordt een jaarlijkse retributie geheven op diensten voor individueel bezoldigd personenvervoer waarvoor door het College van Burgemeester en Schepenen een exploitatievergunning werd afgeleverd.

        Art.2: Het bedrag van de retributie wordt vastgesteld als volgt

        A) Exploitatievergunning: basisbedrag is 350,00 EUR per voertuig vermeld in de akte van de exploitatievergunning

        - Afwijkend tarief tot 01/01/2030 : 250,00 euro voor zero-emissievoertuigen.

        B) Bestuurderspas: 20,00 EUR 

        C) Standplaatsmachtiging: 50 EUR per voertuig per jaar.

        D) Tijdelijke standplaatsmachtiging: 5 EUR per voertuig per dag

        De bedragen van deze retributie  worden aangepast volgens de schommelingen van het indexcijfer van de consumptieprijzen. Deze aanpassing gebeurt door middel van de coëfficiënt die wordt bekomen door het indexcijfer van de maand december van het jaar voorafgaand aan het belastingjaar te delen door het indexcijfer van de maand december 2000.

        Art.3: De retributie is onverdeelbaar verschuldigd voor het hele jaar, onafhankelijk van het moment waarop de vergunning werd afgegeven.

        Ze is verschuldigd door de vergunninghouder, op 1 januari van het jaar of op het moment van de afgifte van de vergunning.

        De intrekking van de vergunning bij politiemaatregel ingevolge een fout van de verkrijger of het verzaken van de verkrijger aan de hem afgeleverde vergunning, geeft aan de verkrijger geen recht op enige terugbetaling van reeds betaalde sommen.

        Art.4: De vergunning, machtiging of bestuurderspas wordt pas afgeleverd na betaling van de verschuldigde retributie.   

         

      • DIENST FINANCIËN - RET 14 - RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR STANDPLAATS INGENOMEN DOOR EEN CIRCUS - 2026-2031 - HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        Hoewel het traditionele circus in Vlaanderen vooral in de 19de en de eerste helft van de 20ste eeuw zijn hoogdagen kende, zijn er vandaag nog steeds een aantal rondreizende tentcircussen.

        Het circus is in Vlaanderen de laatste decennia enorm geëvolueerd: tot een uitgebreide kunstdiscipline en die door uiteenlopende organisatoren wordt geprogrammeerd. Het beleid van de Vlaamse overheid ter zake groeide navenant. Het voorlopig orgelpunt is de invoering van het Circusdecreet in 2008.

        In collegezitting van 25/11/2013 werd beslist het retributiereglement voor standplaats ingenomen door een circus te verzenden naar de gemeenteraad met het voorstel het reglement ter invoering te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadzitting van 05/12/2013 werd het retributiereglement voor standplaats ingenomen door een circus ter invoering gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In gemeenteraadzitting van 19/12/2019 werd het retributiereglement voor standplaats ingenomen door een circus ter invoering gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

         

         

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor standplaats ingenomen door een circus gewijzigd te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Om de aantrekkingskracht om een circus naar onze gemeente te verhogen  is het wenselijk de tarieven aan te passen:

        Huidige tarieven:

        Circus met 1 of meer masten:

        - voorstelling van 1 dag: 125,00 EUR

        - voorstelling van 2 dagen: 200,00 EUR

        - voorstelling van 3 dagen: 275,00 EUR

        - per bijkomende voorstellingsdag: 75,00 EUR

        - per dag zonder voorstelling (inclusief op- en afbouw): 50,00 EUR

        Nieuwe tarieven:

        Standplaats voor een circus: 50,00 euro/dag ;(inclusief op- en afbouw).

        Waarborg voor een circus: 500,00 euro.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum (financieel advies) van toepassing: NEEN 

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht.

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemend op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt ten behoeve van de gemeente een retributie gevestigd op de circussen die op het openbaar domein binnen de gemeentegrenzen worden geplaatst.

        Art.2: De burgemeester kent de standplaatsen toe, cfr. de bepalingen van het politiereglement terzake.

        Art.3: De retributie is verschuldigd door de eigenaar van het circus welke op het openbaar domein van de gemeente wordt geplaatst.

        Art.4: De standrechten voor het plaatsen van circussen worden als volgt bepaald :

        • Standplaats voor een circus: 50,00 euro/dag.
        • Waarborg voor een circus: 500,00 euro.

        • In bovenstaande tarieven is verbruik van elektriciteit inbegrepen.

        Art.5: De waarborg bedraagt tweemaal het standrecht.

        Art.6: De retributie moet bij afgifte van de toelating om het openbaar domein in gebruik te nemen, contant betaald worden, tegen afgifte van een kwitantie.

        Art.7: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek. Dit reglement valt onder het algemeen bestuurlijk toezicht alsook de bekendmaking zoals bepaald in artikel 286 van het decreet lokaal bestuur.

         

      • DIENST FINANCIËN - RET 15 - RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR STANDPLAATS OP DE KERMISSEN - 2026-2031- HERNIEUWING EN WIJZIGING

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Voorgeschiedenis

        In de collegezitting van 25/11/2013 werd beslist dit dossier naar de gemeenteraad te verzenden met voorstel dit reglement ongewijzigd te stemmen voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 05/12/2013 werd het retributiereglement voor een standplaats op de kermissen gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2014 en eindigend op 31/12/2019.

        In de gemeenteraadszitting van 19/12/2019 werd het retributiereglement voor een standplaats op de kermissen gestemd voor een periode aanvang nemend op 01/01/2020 en eindigend op 31/12/2026.

        Feiten en context

        Omwille van de financiële toestand van de gemeente is het noodzakelijk belastingen te heffen en retributies te vorderen ter recuperatie van gemaakte kosten.

        Adviezen en argumenten

        De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor een standplaats op de kermissen gewijzigd te stemmen aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

        Huidige tarieven

        - Boom Winterfoor/Carnavalkermis: 12,50 EUR per lopende meter

        - Boom Pasenkermis: 12,50 EUR per lopende meter

        - Boom Grote Kermis/Braderiekermis: 10,00 EUR per lopende meter

        - Boom Jaarmarktkermis: 17,50 EUR per lopende meter.

        Nieuwe tarieven:

        Voor alle kermissen wordt 15,00 EUR per lopende meter gevraagd en dit met een maximum van 360,00 EUR.

        Financiële weerslag

        Financiële weerslag van toepassing: NEEN

        Visum van toepassing: NEEN

        Juridische gronden

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikel 40 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad.

        - Het Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, inzonderheid artikels 326 tot en met 335 betreffende het bestuurlijke toezicht.

        - De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.

        - Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, hoofdstuk 3 – Toegang tot bestuursdocumenten, art. II.26 tot en met II.51

        Publieke stemming
        Aanwezig: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder, Ilias El Hajjami, Lize Van Dijck
        Voorstanders: Anita Ceulemans, Jeroen Baert, Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, Peter De Ridder
        Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
        Besluit

        Art.1: Voor een periode aanvang nemende op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031 zal er een standrecht geëist worden voor het innemen van het openbaar domein (openbare weg) op de door de gemeente ingerichte kermissen.

        Art.2:  De retributie voor een standplaats op de openbare kermissen bedraagt 15,00 EUR per lopende meter.

        De standplaatsvergoeding wordt berekend op de grootste afmeting van de kermisattractie en telt vanaf elke begonnen meter. Er wordt niet gerekend per centimeter of per halve meter.

        Het maximumbedrag per kermis is 360,00 EUR.

        Art.3: De betaling van de retributie gebeurt door de aanvrager en volgens de modaliteiten van het huishoudelijk reglement.

        Art.4: Deze verordening zal in toepassing van de regels over het bestuurlijk toezicht worden overgemaakt aan de hogere overheid en als definitief worden aanzien indien geen bezwaren worden ingediend gedurende het openbaar onderzoek.

         

    • Rondvraag

      • RONDVRAAG

        Aanwezig: Anita Ceulemans, voorzitter
        Jeroen Baert, burgemeester
        Tom Dewandelaere, Linde Peeters, Andy Janssens, schepenen
        Patrick Marnef, Hans Verreyt, Nourdine Elkaouakibi, Eddy Van Der Taelen, Christel De Coninck, Ann De Smedt, Fatiha Haouat, Carla Herremans, Johan Van Limbergen, Ali Manzo, Maaike De Maeyer, Rudy Van Rompaey, Kimberly Van Assche, Annick Zaman, Vicente Pascual Termens, raadsleden
        Peter De Ridder, schepen
        Ilias El Hajjami, Vertrouwenspersoon
        Lize Van Dijck, algemeen directeur
        Verontschuldigd: Tibo Roekaerts, schepen
        Heidi Verhoeven, Hans Heeman, Steffen De Langhe, raadsleden
        Feiten en context

        We ontvingen volgende vragen voor de rondvraag:

        Vlaams belang

        Hans Verreyt:

        1. Ledschermen

        Het verenigingsleven staat onder druk. Niet enkel de veranderde maatschappij, het verdwijnen van vrijwillig engagement maar ook de steeds maar stijgende prijzen maken het moeilijker. Ook de gemeente Boom schrapte recent enkele subsidies en kondigde ook al verhoogde retributies aan voor allerlei materiaal. Een van de weinige zaken die (momenteel?) nog gratis zijn, is de aankondiging in de rubriek 'Deze week'. Daarnaast bestaat er een retributie van 50 euro per week voor een volledig eigen publiciteit op deze borden voor Boomse verenigingen.

        • Hoe vaak werd er door een organisatie publiciteit afgehuurd?

        In 2025 4 weken in het totaal

        • Hoe groot was deze inkomstenbron op jaarbasis?

        200 euro

        • Hoe vaak werd de gratis wekelijkse aankondiging 'Deze week' met de activiteiten van de verenigingen aangesloten bij een gemeentelijke adviesraad uitgezonden?

        Gebeurt momenteel niet, dit is technisch moeilijk haalbaar en de info komt slechts fragmentarisch binnen, maar de BeleefBoom+nieuwsbrief vervangt dit.

        • Hoe verloopt die communicatie tussen het bestuur en deze verenigingen hierover?

        Vlot, aanvraag gebeurt digitaal

        • Hoewel het niet voorzien is in het retributiereglement kregen sommige verenigingen blijkbaar hun publiciteit gratis? Welke?

        Dit gebeurt enkel als het over een officiële samenwerking gaat (bijvoorbeeld derny).

        In de toekomst zal er in het nieuwe subsidiereglement een regeling voorzien worden voor alle erkende verenigingen, waarbij ze bijvoorbeeld 1x of 2x per jaar een activiteit mogen aankondigen (maar geen eetfestijnen enz). Dit moet nog bepaald worden. Het reglement wordt voorbereid met de diensten en gaat na een inspraakronde met adviesraden enz wellicht tegen eind 2026 herschreven zijn.

        2. Afspraken gemeentehuis

        Sinds coronatijd werd een afsprakensysteem ingevoerd in het Boomse gemeentehuis. Iets wat toen heel logisch leek, is misschien vandaag wel aan evaluatie toe.

        • Wat is de gemiddelde wachttijd voordat iemand een afspraak kan boeken? En op dinsdagavond?

        De gemiddelde wachttijd is afhankelijk van het type product, de behandelingstijd en de beschikbare capaciteit binnen de dienst Burgerzaken. Zo zijn in december bijvoorbeeld diverse verloven en opleidingen gepland, wat een tijdelijke impact heeft op de beschikbaarheid van de agenda's.

        De wachttijden werden nagekeken op maandag 8 december omstreeks 15 uur. Hieruit blijkt het volgende:

        Bevolking – wachttijd 1 dag tot 1 week

        • Voor korte producten (zoals PIN/PUK-code, afhalen kids-ID, afhalen vreemdelingenkaart, afhalen eID, …) waren er nog afspraken beschikbaar op de eerstvolgende dag, met inbegrip van dinsdagavond 9 december.
        • Voor producten met een langere behandelingstermijn (zoals reispasaanvragen en adreswijzigingen) bedraagt de wachttijd ongeveer één week.

        Burgerlijke Stand – wachttijd ± 1 week

        • Voor korte producten (bijvoorbeeld orgaandonatie) kunnen inwoners vanaf 15 december terecht.
        • Voor producten met langere doorlooptijd (bijvoorbeeld wettelijke samenwoning) is dit vanaf 16 december.

        Vreemdelingendienst – wachttijd ± 6 weken

        • Voor korte producten (bijvoorbeeld identiteitskaart voor een niet-Belgisch kind) is de eerstvolgende datum 8 januari.
        • Voor langere procedures (zoals aanvragen voor langdurig verblijf) is de eerstvolgende datum 26 januari.

        Opvangcentrum

        • De eerstvolgende vrije afspraak is de dag nadien, met name 9 december.

        Wij trachten steeds zo flexibel mogelijk om te gaan met dringende vragen. Dringende dossiers worden tussendoor behandeld, onder meer dankzij niet-opdagende burgers en door elke voormiddag een tijdsblok van 15 minuten voor onvoorziene dringende vragen te reserveren.

        Voor de vreemdelingendienst wordt elke vrijdag een blok voorzien voor urgente aanvragen, temeer omdat we weten dat wachttijden hier kunnen oplopen. Voor het LOI wordt maandelijks een afzonderlijk moment gereserveerd. Op deze manier blijven we op korte termijn beschikbaar voor urgente vragen van burgers. Daarnaast is er een snelloket aan de onthaalbalie voor het afhalen van reispassen, attesten, akten van de burgerlijke Stand en rijbewijzen.

        Voor zeer kleine en veelvoorkomende zaken (zoals het aanpassen van het adres op de eID-chip) kan de burger dezelfde dag nog een afspraak maken via de zuil, als er nog vrije plaatsen in de agenda’s beschikbaar zijn. Ook aan de onthaalbalie kan men terecht om deze afspraken in te plannen.

        Tot slot bieden we steeds meer producten digitaal aan via het e-loket (zoals adreswijzigingen en diverse documenten die onmiddellijk beschikbaar zijn). Vanaf volgend jaar wordt dit uitgebreid met onder meer aanvragen voor wettelijke samenwoning, erkenningen en digitale overlijdensaangifte.

        • Bezoekers ontvangen een QR-code om zich snel en gemakkelijk aan te melden. Dit blijkt al vijf jaar niet te werken. Hoe kan dat?

        De QR code werkt bij het doen van een test, maar het aanmelden via de geboortedatum is meer stabiel dan via de QR code. JCC ondersteunt de huidige zuilen niet meer.  Er zijn nieuwe zuilen besteld die we begin volgend jaar verwachten. De QR-code zal dan opnieuw getest worden.   

        Vermoedelijk heeft het probleem te maken met de belichting en schermhelderheid van smartphones, en niet met de zuil zelf. Wanneer de QR-code wordt afgedrukt en vervolgens gescand, werkt dit namelijk wel correct. De huidige zuil wordt begin volgend jaar vervangen omdat deze niet compatibel is met Windows 11. We verwachten dat het scannen van QR-codes met de nieuwe zuil zal verbeteren.  

        • Wat is het % no-shows? Deze mensen zorgen voor langere wachttijden? Hoe gaan we dit actief tegen?

        Eind 2024 werd de SMS-module aangekocht. Sinds oktober 2024 ontvangt de burger bij het maken van een afspraak een bevestigingsmail met QR-code. 24 uur voor de afspraak wordt een herinneringsmail én een SMS verstuurd. In de praktijk merken we echter weinig effect: het no-showpercentage blijft gemiddeld 12%.

        Er werd juridisch advies bij meester Beelen ingewonnen betreffende de invoering van een belasting op no-shows. Er is evenwel nog geen beslissing genomen over het al dan niet opstellen van een belastingreglement, noch over de vraag wie dit zou voorbereiden. Bovendien zijn ons geen andere gemeenten bekend die dergelijke belasting heffen. Ook moet nog onderzocht worden hoe de inning van een dergelijke belasting praktisch zou worden georganiseerd.

        • Overweegt het bestuur om terug, op bepaalde ogenblikken, vrije inloop te organiseren?

        In oktober 2025 werd bij collega-gemeenten een bevraging uitgevoerd over vrije inloop. Enkel Niel en Hemiksem bieden nog vrije inloop aan; in Niel geldt dit uitsluitend op vrijdagochtend. Andere gemeenten in de regio (zoals Sint-Katelijne-Waver, Puurs-Sint-Amands, Bornem, Hove, Kontich, Schelle, Edegem en Rumst) werken uitsluitend op afspraak.

        Vrije inloop leidt onvermijdelijk tot langere wachttijden. De burger weet wanneer hij toekomt, maar niet wanneer hij geholpen zal worden. Velen herinneren zich ongetwijfeld nog de overvolle wachtruimtes en spanningen die hieruit voortvloeiden, zowel voor burgers als voor loketmedewerkers.

        Dankzij onze huidige werkwijze kunnen we flexibel inspelen op dringende vragen, waardoor de nood aan vrije inloop beperkt is. Het systeem van werken op afspraak is intussen ook ingeburgerd en gekend bij onze inwoners.

        3.  200 brieven voor 25 euro

        Recent kregen alle bewoners van een Boomse sociale woonwijk allemaal vier -met de post verzonden- brieven voor de betaling van 0,51 euro. De kostprijs om dit te innen overtrof daarmee ruimschoots het te innen bedrag. Als Boomse belastingsbetaler en dus aandeelhouder kunnen we deze geldverspilling onmogelijk goedkeuren.

        • Werden er lessen getrokken uit deze flater?
        • Is er bij Woonkade geen procedure om de inning te stoppen als de inningskost hoger is dan het te innen bedrag?
        • Is er zo'n procedure bij de gemeente?

        Bij de verzending van de brieven voor de huurlasten van één groep van gebouwen is er inderdaad iets misgelopen met de verzending via een digitale distributeur. De procedure werd geëvalueerd waardoor dit voortaan niet meer mogelijk zou zijn.

        Ik begrijp dat een factuur voor zulke lage bedragen niet logisch is maar het niet-versturen van te lage facturen is niet voorzien in onze  regelgeving.

        We zijn sowieso verplicht om aan onze huurders een jaarlijkse afrekening van de huurlasten door te sturen.  Er zal dus steeds een brief moeten verstuurd worden met een detail van alle kostenposten die in de huurlasten worden aangerekend.

        Eigen procedure:

        Alle bedragen worden door gefactureerd. In 2025 zijn er 25 facturen verstuurd voor een bedrag kleiner dan € 0,5. Digitalisering biedt voor dit aspect geen oplossing omdat hier ook nog steeds een kost voor aangerekend wordt.


        Boom +

        Nourdine Elkaouakibi:

        Verkeerd verwijderde urnen op de begraafplaats van Boom

        Begin oktober werd op de begraafplaats in Boom vastgesteld dat meerdere (4) urnen onterecht waren weggehaald. Dit gebeurde door een fout van de gemeente, met een ernstig menselijk drama voor de nabestaanden tot gevolg.

        Volgens de gemeente kon deze fout ontstaan doordat er zowel een papieren als een digitaal register wordt gebruikt, waarvan de gegevens niet altijd met elkaar overeenstemmen. In de media lazen we dat men plant om alles volledig te digitaliseren en de aanvraagprocedure voor concessies te vereenvoudigen.

        • Kunnen we met zekerheid bevestigen dat er geen andere gelijkaardige fouten zijn gebeurd?

        De fouten hebben uitsluitend betrekking op de omzetting van begravingen van een gewone lijn naar concessies, waarbij niet alle interne lijsten correct waren aangepast. Het betrof telkens graven in het urnenveld waarvan de oorspronkelijke concessieduur sinds 2022 verstreken was. Alle lijsten op de dienst burgerzaken werden intussen volledig opnieuw gecontroleerd om uit te sluiten dat er nog andere gevallen zouden voorkomen.

        • Zijn alle nabestaanden intussen persoonlijk bereikt, en werden onze oprechte excuses officieel overgebracht?

        Eén familie heeft zich spontaan persoonlijk aangeboden op het gemeentehuis en werd ontvangen door de algemeen directeur en het diensthoofd Burgerzaken. De overige nabestaanden werden persoonlijk gecontacteerd door de burgemeester. Alle betrokken families ontvingen daarnaast een officieel schrijven waarin onze oprechte excuses formeel werden aangeboden.

        • Hoe ver staan we met de nieuwe, volledig digitale procedure?

        Op 13 januari 2026 vindt een demonstratie plaats van een digitaal beheerpakket voor de begraafplaats. Dit pakket is compatibel met de bestaande softwaresystemen en het GIS. Bovendien werd het reglement op de begraafplaatsen intussen helemaal herschreven. Dit zal binnenkort ter goedkeuring aan de gemeenteraad worden voorgelegd.

        • Werd er een extra inspanning of tegemoetkoming gedaan naar de betrokken families? Indien niet: kan met Kerstmis een passend aandenken of een ander symbolisch gebaar worden voorzien voor de getroffen nabestaanden?

        Alle betrokken families ontvingen een volledige terugbetaling van de concessie. Daarnaast werd aan elke familie gevraagd of zij de concessie wensten te behouden. Indien dit het geval was, werd het graf volledig in de oorspronkelijke staat hersteld. Eén familie wenste dit niet; de overige families wel. Voor de familie die de concessie niet wenste te behouden, werd kosteloos een naamplaatje voorzien op de herinneringszuil aan de strooiweide.

De voorzitter sluit de zitting op 11/12/2025 om 22:03.

Aldus gedaan in zitting datum voormeld.

 

Goedgekeurd door de gemeenteraad.

Namens Gemeenteraad,

Lize Van Dijck
algemeen directeur

Anita Ceulemans
voorzitter